InterviewBrian Elstak

De toneelversie van Tori is theater met een ‘hiphophart’

Brian Elstak in zijn atelier.Beeld Ernst Coppejans

Brian Elstak beschouwt zijn kindertijd als kunstopleiding. Nu zijn eerste boek Tori naar het toneel is vertaald, barst het stuk van de subtiele verwijzingen naar de comics, rappers en films die Elstak inspireerden. Precies zoals het hoort, als je theater maakt volgens de hiphopmentaliteit. 

De kleine Zi heeft een Colossus-schild, dat haar beschermt bij gevaar. Bones draagt een potloodzwaard, dat zijn kracht ontleent aan de fantasie van zijn eigenaar. En hun broertje Cel? Die is in het bezit van een bijzondere tijgerklauw, en hij bestuurt natuurlijk hun auto, de Delores. In Tori, het bekroonde kinderboek van illustrator en beeldend kunstenaar Brian Elstak (40) gaan de drie mensenkinderen op avontuur om hun vader, de reuzenschildpad Jean-Michel Tortoise, te helpen. Hun spannende tocht naar een donkere grot even buiten het dorp Lowrey brengt ze oog in oog met gevaarlijke tegenstanders als de sluwe Vos, Piep de Rat, een reuzenkrokodil en zelfs een heuse draak – met een voorliefde voor jazzmuziek. In een stoere, schetsmatige tekenstijl, met scherpe potloodillustraties tegen donzige waterverfdecors, creëert Elstak (samen met co-auteur Karin Amatmoekrim) een even vrolijke als wijze parabel over vooroordelen, volkswoede, populisme en machtswellust. En over drie dappere kinderen – geïnspireerd op die van hemzelf – die strijden voor gerechtigheid. Tori won in 2018 een Zilveren Penseel. Inmiddels is er een succesvolle opvolger, Trobi, en een derde deel in de maak: Ogri/Lobi (beiden met co-auteur Esther Duysker). Ondertussen vindt Tori  zijn weg naar het toneel: op 17 oktober gaat bij HNTJong de gelijknamige voorstelling in première.

‘De popcultuur was mijn kunstopleiding. En de dingen die ik als kind vet vond, die inspireren mij nog steeds.’Beeld Ernst Coppejans

Elstak is geen onbekende in de theaterwereld. Voordat zijn carrière als illustrator en kunstenaar een vlucht nam, werkte hij als communicatiemedewerker bij gezelschap Made in da Shade, opgericht door theatermakers Marjorie Boston, Maarten van Hinte en Lucien Kembel. ‘Daar heerste een open, democratische sfeer, als bij wijze van spreken de schoonmaker een goed idee had, werd er naar geluisterd.’

Bij Made in da Shade werd theater gemaakt vanuit een hiphopmentaliteit, zegt Elstak. ‘Marjorie en Maarten kennen alle klassieke theatervormen en wetten, maar zij besloten het anders te doen, om theater te maken met een hiphophart.’ Dat wil grosso modo zeggen: muzikaal, snel, cool, gebaseerd op improvisaties, met een losse vertelstructuur van korte scènes, en veel ‘samples’: ‘Een citaat daar, een verwijzing hier; zij brachten verschillende elementen en invloeden samen op toneel.’

Zelf is Elstak ook artistiek gevormd door de hiphop. Door muziekprogramma Yo! MTV Raps bijvoorbeeld. En door superheldencomics, The Animated Batman-serie, Looney Tunes, Keith Haring en Jean-Michel Basquiat. Als kind ervoer hij een haast religieuze sensatie toen hij op bezoek bij zijn grote neef Jermaine in de Bijlmerflat Develstein geconfronteerd werd met muren vol illustraties uit Marvelstrips, van Spider-Man en X-Men. Hij noemt het zijn ‘Stendhalmoment’. ‘Ik tekende altijd al, daarbij fanatiek gestimuleerd door mijn ouders; ik was enig kind en dit vonden ze denk ik wel lekker rustig’ (lacht). ‘Thuis in Koog aan de Zaan hadden we toevallig buren die beeldend kunstenaar waren. Die liet ik tekeningen zien, en dan zeiden ze: ‘Ja, oké, mooi, maar probeer het nu eens op tien keer dit formaat?’

Voor vrienden die actief waren in de hiphopscene begon hij flyers te ontwerpen. Die praktijk is inmiddels een imperium: Elstak maakt vrij werk, albumcovers, videoclips en graphic novels, en werkt voor grote opdrachtgevers uit de muziekwereld en de reclame. Hij beheerst een rijk palet aan stijlen, van krullerig, vloeiend en figuratief, tot stoer, hoekig en grafisch. Zijn werk was te zien in het Stedelijk Museum en het Amsterdam Museum. Jongste wapenfeit is het artwork voor een reclame voor Tony Chocolonely, ingesproken door Idris Elba (Luther). Niet slecht, voor een autodidact.

Op zijn site noemt Elstak zichzelf ‘Your friendly neighbourhood artist’, naar de beroemde quote van Peter Parker (‘Your friendly neighbourhood Spider-Man’). En natuurlijk zijn ook de magische wapens van de kinderen in Tori geïnspireerd op zijn geliefde superheldenstrips. ‘De popcultuur was mijn kunstopleiding. En de dingen die ik als kind vet vond, die inspireren mij nog steeds.’

Het idee voor Tori ontstond aan het bed van zijn eigen kinderen, toen hij door zijn voorleesmateriaal heen was en er zelf maar op los begon te fantaseren. Later besloot hij om van een zelfverzonnen verhaal een filmpje te maken, ‘als een soort videoclip’. Elstak: ‘Ik kon toen nog niet animeren, dus het werd een Dikkie Dik-achtig filmpje: plaatje na plaatje.’ Bevriende rappers spraken de stemmen van de personages in. Zo deed Akwasi met zijn donkere, hese schuurpapiergeluid de stem van Bones. Van Hinte was de stem van Piep de Rat, een kruiperige handlanger van slechterik Vos. En hij deed nog een cruciale inhoudelijke suggestie, vertelt Elstak. ‘Maarten verbaasde zich over Vos, een dier dat niet zoals de anderen in de jungle voorkomt. Heeft die het dan niet altijd warm, vroeg hij zich af? Toen bedacht-ie dat Vos altijd een zakventilatortje bij zich moest dragen. Dat vond ik briljant.’

Het 27 minuten durende filmpje, dat toen nog Lowrey heette (en nog steeds online is te zien), belandde bij uitgeverij Das Mag, waar het nogal opviel tussen de dikke manuscripten van Word-pagina’s die ze normaal opgestuurd krijgen. En zo werd het filmpje een boek.

Het is een typisch voorbeeld van de collectieve werkwijze in de hiphopcultuur, aldus Elstak. ‘Getalenteerde collega’s doen vanuit hun eigen expertise goeie suggesties. Dan ga ik toch niet principieel zitten doen van: het is míjn werk? Ik vind het juist te gek dat bevriende artiesten hun eigen aandeel hebben. Zoals Karin Amatmoekrim en Esther Duysker ook mijn teksten beter maakten. We nemen allemaal mooie vruchten mee en samen maken we er een smoothie van.’ Hij laat het omslag zien van Tori. ‘Dit zijn mijn illustraties, maar het omslagontwerp, met die collages, is van mijn studiogenoot Dewy Elsinga, alias Butterfingaz. Het is een gesamtkunstwerk.’

Nu is het boek voor toneel bewerkt door – hoe kan het ook anders – Maarten van Hinte. En natuurlijk doet Marjorie Boston de regie. Dat was toeval, een suggestie van theatergezelschap HNTJong, maar die viel uiteraard in vruchtbare aarde. Elstak: ‘Hiermee is de cirkel rond.’

Elstak is nauw betrokken bij de voorstelling, waarvoor hij onder meer levensgrote visuals maakt voor de achterwand van het decor. Hij vindt het geweldig om te zien hoe zijn illustraties op toneel transformeren tot 3D, en de acteurs Leandro Ceder, Ivan Words en Ritzah Statia zijn geliefde creaties Bones, Cel en Zi belichamen.

De gemeenschappelijke manier van werken in het theater sluit aan bij de artistieke mentaliteit in de hiphopscene, ziet Elstak. En hij is vol bewondering voor de creatieve oplossingen die regisseur Marjorie Boston bedenkt voor de succesvolle mutatie van zijn fantasie van papier naar podium. ‘Het boek leest heel vlot, omdat het is opgebouwd uit korte scènes, die elkaar snel opvolgen. Om dat gevoel van tempo en vaart in de voorstelling te brengen, heeft Marjorie als decor een skateramp bedacht. Zo skaten de kinderen als het ware razendsnel van scène naar scène.’ De ramp is overigens kleurrijk beschilderd door Dewy Elsinga, die ook het boekomslag ontwierp.

Dwarsverbanden en intertekstualiteit, ook dat is typisch hiphop.

Zo draagt Leandro Ceder in de voorstelling een T-shirt met tekeningen van Elstaks grote voorbeeld Basquiat. Elstak: ‘Marjorie vroeg mij daar nog iets aan toe te voegen. Daar was ik eerst wat huiverig voor, want dat is natuurlijk bijna blasfemisch.’ Maar hij deed ’t toch, dus nu prijken heel bescheiden ergens in een hoekje van Ceders T-shirt de hoofdjes van de twee Emro-zussen, personages die we volgend jaar zullen terugzien in zijn nieuwe boek Ogri/Lobi.

‘Zoals je in Marvelstrips en films vaak subtiele beeldgrapjes ziet voor de kenners, de zogeheten ‘subliminals’, zo zullen sommigen in de voorstelling ook hier en daar onverwacht mijn handtekening, een verwijzing naar mijn werk of een geliefde inspiratiebron herkennen.’

Het uiterlijk van het personage Vos bijvoorbeeld, een duivelse, geldbeluste zakenman in een driehoekig, breedgeschouderd maatpak, is geïnspireerd door de videoclip bij het nummer Gimme Some More van Busta Rhymes. Die clip stuurde Elstak aan Marjorie Boston en haar artistieke team, die daar op hun beurt voor de voorstelling weer andere artistieke elementen aan ontleenden. 

Nu draait DJ Jasmin op toneel de vioolmelodie uit de openingstune van Alfred Hitchcocks Psycho, die door Busta Rhymes in Gimme Some More wordt gesampled. En zien we bij het kostuum van de draak (gespeeld door Gustav Borreman) de koplampbril terug die Rhymes in de videoclip zelf ook draagt.

Zo wordt het oeuvre van Elstak een steeds verder uitdijend multidisciplinair universum waarin vele ideeën, beelden en invloeden in elkaar grijpen en naar elkaar terugverwijzen. Kijk met die diezelfde koplampbril op nog eens naar de Tony Chocolonely-reclame. Want wie duikt er opeens ook dáár op? Daar, dat paarsroze chocomonster in het bovenmaatse pak tegen die donkere skyline van dollartekens? Verdomd, ook dat is Vos.

Elstak bladert in Tori, naar pagina 36-37, waar onder een dreigend paarse lucht het silhouet van Vos op vergelijkbare wijze duister afsteekt tegen de kilblauwe wolkenkrabbers van Vos News en zijn Vos Tower. ‘Als ik er nu zo naar kijk, dat grafische, hoekige, het effect van zo’n silhouet – de liefde voor die stijl is echt al ontstaan bij de tv-serie The Animated Batman in de jaren negentig. Die beelden zijn diep in mij gegraveerd, en komen in mijn werk dus steeds weer terug.

‘Picasso zei toch: ‘ieder kind is een kunstenaar?’ Mijn kindertijd was mijn kunstacademie, en voor mij is een kunstenaar iemand die altijd contact heeft gehouden met zijn of haar kinderlijke kant. Als het kind in mij het tof vindt wat ik maak, dan weet ik dat het goed zit. Dus het is belangrijk om dat kind te blijven koesteren, ook als je al lang volwassen bent.’

TORI (6+) naar het boek van Brian Elstak, première 17/10, Theater aan het Spui, Den Haag. Tournee t/m 12/12

Tori, de titel van Brian Elstaks eerste jeugdboek, betekent ‘verhaal’ in het Sranantongo, en is in dezelfde betekenis ingeburgerd in het grootstedelijk Surinaams-Nederlands. De vader van de kinderen in het boek, Jean-Michel Tortoise, is een echte ‘Toriman’, een verhalenverteller. ‘Trobi’, zoals het volgende boek heet, betekent problemen. De titel van het derde boek bestaat uit twee Surinaamse woorden: ‘Ogri’, dat ondeugend betekent, en ‘Lobi’: liefde.  

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden