omslag de toen nog verre 21ste eeuw

De toekomstroman van toen gaat over aardse conflicten

Deze zomer keert de omslagrubriek terug naar de jeugdliteratuur van de jaren vijftig.

Gerard van Straaten, 1954.

Terwijl volwassen sciencefictionromans al vroeg de verre uithoeken van het heelal verkenden (zie Murray Leinsters First Contact uit 1945, over aliens bij de Krabnevel), bleef het toekomstverhaal voor junioren dichter bij huis. Een retourtje naar de maan was al spannend genoeg – zeker als er goud op de satelliet wordt ontdekt. En niet zo’n beetje ook, maar in hoeveelheden die een nieuwe goudkoorts veroorzaken, met alle rivaliteiten en overhaaste maanmissies van dien.

Zo’n in de ruimte geprojecteerde parabel over aardse hebzucht is Le continent du ciel van de Fransman Paul Berna, dat in 1959 bij Van Holkema & Warendorf verscheen als Om het goud van de maan. In een complot op de maanbasis Copernicus deinst de gemene kolonel Evers er niet voor terug ruimteschepen van zijn concurrenten op te blazen – gelukkig is er een 15-jarige verstekeling, de slimme Michel, die de samenzweerders net weet te overtroeven.

Rein van Looy, 1959.

Om het goud van de maan is geïllustreerd door Rein van Looy (1910-1994), de leermeester van de jonge Dick Bruna. Op de boekband, onder het papieren omslag, tekende Van Looy het silhouet van onze jonge held. Met zijn geliefde maankater Pollux in de armen kijkt hij toe hoe het ruimteschip van de verraders opstijgt van het maanoppervlak, badend in het helle zonlicht.

Fons Schouten, 1957.

Van Looy illustreerde ook A.D. Hildebrands Monus, de man van de maan, dat in 1951 begon als hoorspel voor de Vara-radio en een jaar later door Meulenhoff werd uitgegeven. Net als Paul Berna stopt Hildebrand een morele les in zijn ruimteavontuur: de gewetenloze exploitatie van de goudvoorraden op de maan stuit op het altruïsme van de maanbewoner Monus, die in een vredesmissie afreist naar de aarde en de wereldleiders zowaar tot inkeer brengt.

Gerard van Straaten, 1955.

Niet om maangoud, maar om het wondermineraal lucium draait Strijd om Astropol van het schrijversduo Koert de Haan en Pieter Nierop: ‘Wie dat het eerst beheerst, beheerst de wereld.’ Het verhaal over Astropol, een wielvormige om de aarde wentelende satellietstad, is samen met Avontuur in 2050 en Raket op drift in 1954 en 1955 bij uitgeverij Kluitman verschenen.

Gerard van Straaten, 1955.

Ook in dit drieluik ‘voor oudere jongens’ blijkt de maan bewoond te zijn: in dit geval niet door mensachtigen, maar door kleine drieogige kolonisten die afkomstig zijn van Rora Terra, oftewel Mars, en die ook hun zinnen op het lucium hebben gezet. Hun leider is de 250-jarige professor Niropodkhan, net als Monus een verlichte geest die de mensheid een paar dure lessen leert.

De illustraties voor de trilogie werden gemaakt door Gerard van Straaten (1924-2011), de oudere broer van tekenaar Peter van Straaten en de oom van schrijver en kinderboekenillustrator Harmen van Straaten. Gerard van Straaten werd vooral bekend als illustrator van de Kameleon-reeks van Hotze de Roos, over de dolle avonturen van Hielke en Sietse, een blonde tweeling op klompen in het Friese weideland.

Met de verbeelding van interplanetair snelverkeer had Van Straaten evenmin moeite, al verraden zijn omslagen onvermijdelijk meer van de dromen van 1955 dan van de toen nog verre 21ste eeuw.

Hans G. Kresse, 1945.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden