Opera de Parelvissers

De theatermakers van FC Bergman maakten hun eerste opera: ‘In de opera wordt teruggeblikt op jeugdige vriendschappen en verliefdheden. Tegelijk is de dood, en angst daarvoor, heel dichtbij’

De Brutale Vlaamse theatermakers van FC Bergman wagen zich aan hun eerste opera: de Parelvissers bij Opera Vlaanderen. Dat is wel een wennen: ‘Ze grijpen in als we 40 seconden te lang repeteren!’

Een van de laatste repetities van De Parelvissers bij Opera Vlaanderen, in de regie van collectief FC Bergman. Beeld Ans Brys

Het is één week voor de première, en voor het eerst ziet theatercollectief FC Bergman hun veertigkoppige koor in vol ornaat op het toneel. Een doorloop is altijd erg, zegt Stef Aerts (31), maar dit keer was het ‘nog gruwelijker dan normaal’. Stel je voor: maanden geleden zijn besluiten genomen over grime en kostuums. Daarna hebben de theatermakers alle scènes uitgedacht. Maar pas nu, nu alles achter elkaar wordt gespeeld, zien ze hoe hun ideeën daadwerkelijk uitpakken op toneel. Eén dag repeteert het koor in kostuums, en alle scènes die niet blijken te werken moeten meteen worden aangepast. In een half uur, om precies te zijn. Aerts: ‘Een jaar geleden stond al vast: die dag zal het koor in kostuum zijn. Eén dag, en daarna niet meer. Dus als we het niet nú in orde krijgen, dan lukt het voor de première gewoon niet meer.’

Aerts en zijn collega’s Thomas Verstraeten (32) en Marie Vinck (35) van het Vlaamse theatercollectief FC Bergman zijn er nog steeds een beetje beduusd van. In het half uurtje pauze van het koor kon het artistieke team nog veranderingen aanbrengen in choreografie en mise-en-scène. Marie Vinck: ‘Die aanpassingen konden we na de pauze nog één keer doornemen – dan moet je dus in hoog tempo veertig man van nieuwe regieaanwijzingen voorzien. Het is werken onder grote druk. Er is geen enkele tijd voor twijfel.’

Bij hun eigen producties zijn ze gewend te blijven sleutelen tot het allerlaatste moment – in de praktijk vaak diep in de nacht. Nu moeten ze zich echter houden aan een veel strakker schema. Want dit keer zijn ze te gast bij de opera. Het ambitieuze gezelschap dat in juni ook het Nederlandse toneelpubliek verblufte met het imposante JR op het Holland Festival, regisseert bij Opera Vlaanderen nu Les Pêcheurs des perles (De Parelvissers, 1863) van Georges Bizet.

Het voordeel is wel, zegt Thomas Verstraeten, dat ze om 9 uur ’s avonds gewoon naar huis kunnen. Dan gaan de deuren van het barokke Vlaamse operahuis aan de Frankrijklei in Antwerpen op slot, het licht gaat uit, de portier naar huis. En op dit alles wordt nauw toegezien door de vakbond.

Vinck: ‘In het koor zitten vakbondsvertegenwoordigers. Die grijpen al in als we veertig seconden te lang door repeteren. Veertig seconden!’

Verstraeten: ‘Een opera regisseren is kortom heel goed voor je gezinsleven.’

Beeld Ans Brys

Grootschalig

FC Bergman was al wel gewend om te opereren op grote schaal. Voor de voorstelling 300 el x 50 el x 30 el (2011) bouwden ze een heel dorp na op toneel, inclusief honderd figuranten en levende have. Terminator Trilogie (2012) had een uitgestrekt rommelmarktdecor zo groot als een vliegveld. Voor JR (2018) bouwden ze een flatgebouw van vier verdiepingen en veertien meter hoog, waarin 25 verschillende ruimten huisden. Technisch onhaalbaar, onmogelijk, te duur; FC Bergman heeft lak aan beperkingen en krijgt op toneel alles voor elkaar. Aerts: ‘Maar we doen dat niet voor de kick of zo. Het probleem is dat onze fantasie vaak nogal grootschalig is. En ja, dat moeten we dan zien op te lossen.’

Het was ten tijde van muziektheaterproductie Van den vos (2013), waarvoor FC Bergman de stoelen uit de zaal van het Antwerpse Bourlatheater sloopte om plaats te maken voor een zwembad, dat ze door artistiek leider Aviel Cahn van Opera Ballet Vlaanderen voor een operaregie werden gevraagd. Hij had gezien dat ze gewend waren om groot te denken. En FC Bergman, niet bang voor een uitdaging, zei meteen ‘ja’, ook al waren ze geen van allen operakenners. Vinck: ‘Ik had toen denk ik zo’n vijf opera’s gezien.’

Gevraagd naar favorieten komen bijzondere ensceneringen voorbij van collega-theatermakers: Wagners Ring in regie van Ivo van Hove, een Orphée et Eurydice van de controversiële Italiaanse regisseur Romeo Castellucci, alles van de Zwitserse muziektheatermaker Christoph Marthaler. Geen klassieke operaregies: theatermakers leggen vaak andere accenten, brengen (soms) interessante actualiseringen aan en gaan anders om met personages en spel. Niet voor niets nodigt de operawereld steeds vaker theatermakers uit voor nieuwe operaregies.

Achter de schermen bij FC Bergman tijdens de laatste repetities van hun opera 'Les Pêcheurs de perles'. Beeld Io Cooman
Achter de schermen bij FC Bergman tijdens de laatste repetities van hun opera 'Les Pêcheurs de perles'. Beeld Ans Brys

Doorslaggevende factor

Waarom De Parelvissers? Los van de muziek (Aerts: ‘die is zo kleurrijk en inventief, bijna pop’) gaf het libretto van Eugène Cormon en Michael Carré de doorslag, vertelt Vinck. Bij veel opera’s heeft het verhaal weinig meer om het lijf dan liefde, verraad en dood (al dan niet zelfgekozen). ‘Maar dit gaat over een mannenvriendschap, dat is bijzonder. En er zijn geen eindeloze persoonsverwisselingen, verkleedpartijen, misverstanden en zoekgeraakte brieven. Het is voor operabegrippen redelijk sober.’

Kort samengevat klinkt het verhaal nog steeds een beetje mal: de vrienden Zurga en Nadir, parelvissers op Ceylon (nu Sri Lanka), waren ooit rivalen in hun liefde voor Leïla. Bij een weerzien na lange tijd beloven ze elkaar af te zien van die bekoring in het belang van de vriendschap – die ze bezingen in het beroemde duet Au fond du temple saint. Maar dan duikt Leïla weer op, om te bidden voor de behouden vaart van de vissers. Haar maagdelijkheid moet boze geesten weren, maar als ze haar gelofte breekt wacht haar de dood. Nadir en Leïla kunnen hun hartstocht voor elkaar echter niet bedwingen. Zurga, overmand door jaloezie, wenst ze allebei dood, en de brandstapel dreigt. Uiteindelijk zwicht Zurga, maar moet dat zelf met de dood bekopen. (Kortom: liefde, verraad en dood).

De theatermakers vonden dit verhaal voldoende suggestief en transparant om interessante regielagen toe te voegen. De opera is bovendien onaf, weet Stef Aerts. ‘Er zijn in de loop der tijd scènes aan toegevoegd en passages uit verdwenen. Dat past goed bij onze manier van werken, die is ook niet zo dichtgetimmerd en doorgecomponeerd.’ Zelf hebben ze het geheel – tamelijk blasfemisch – ook nog een tikje bekort.

Het verhaal, bedachten ze algauw, is een melancholieke meditatie op de geneugten van de jeugd, en het vissen naar parels kun je zien als het opdiepen van herinneringen. Vinck: ‘Als je het eenmaal zo bekijkt is er maar één conclusie mogelijk: de personages zijn oude mannen die terugblikken op hun jeugd.’ Dat inzicht leidde tot een spannend idee voor de enscenering: ze situeren het verhaal niet in een imaginair exotisch Sri Lanka (Verstraeten: ‘God nee, dat zou heel pijnlijk neokoloniaal zijn’) maar in het felrealistische tl-licht van een hedendaags bejaardentehuis. In de openingsscène herken je meteen die schrijnende sfeer van geriatrische inertie.

Stef Aerts: ‘In deze opera wordt weemoedig teruggeblikt op de grote vriendschappen en verliefdheden van de jeugd. Tegelijk is de dood, en de angst voor de dood, heel dichtbij. Dat bracht ons als vanzelf bij de ouderdom.’

Beeld Ans Brys
Beeld Ans Brys

Omdat de anekdote nu in het domein van de herinnering valt, kan die ongestraft een beetje vreemd zijn: poëtisch, onrealistisch. Dan baadt het decor plots in een warme gouden gloed, en is sprake van koningen, parels en godinnen. Gebeurtenissen uit het verleden raken gekleurd door de fantasie van ouderen die het wellicht niet meer helemaal op een rijtje hebben. Dat werkt.

De koorleden worden bejaard geschminkt en voor de rollen van Zurga en Nadir werden oudere zangers gecast. Vinck: ‘We wilden eigenlijk nog oudere, maar dat ging ten koste van de vocale kwaliteit.’

De beperkingen omwille van zang en klank hebben ze nog het meest verbaasd. Bij toneel dragen spelers zendmicrofoons, daardoor zijn ze altijd verstaanbaar, ook als ze met de rug naar het publiek staan. Dat biedt ruimte voor dynamiek en beweging in de enscenering. Bij opera (onversterkt) kan dat niet: een zanger móet naar de zaal gericht staan, anders gaat de klank verloren. Marie Vinck: ‘Wij zijn gewend om in beelden te denken, maar wat we wilden kon vaak niet, vanwege de klank.’ Aerts: ‘Dat je bij alles aan de klank moet denken, beperkt heel erg. ’ Tegelijkertijd werken ze met een jonge dirigent (David Reiland, die met deze productie debuteert bij Opera Vlaanderen), die daar ‘zeker niet puristisch’, en zelfs ‘behoorlijk flexibel’ in is. ‘Maar soms zegt hij ook gewoon ho.’

Verstraeten: ‘Muziek en zang moeten leidend zijn, dat vinden wij ook. We hebben de beperkingen van het genre eigenlijk redelijk vlot omarmd.’ En je krijgt er ook wat voor terug hè?, zegt Aerts. ‘De klankkast van die zangers, de power daarvan, die is groots en imponerend. Dat is echt iets anders dan als wij zelf zingen. Een operazanger die zich klaar maakt om te zingen heeft iets gevaarlijks, als een tijger die zich schrap zet voor de aanval. Hun geluid is een natuurkracht. Daarmee te mogen werken is voor ons een groot cadeau.’

Les Pêcheurs de perles van Georges Bizet in regie van FC Bergman. Première 14/12 bij Opera Vlaanderen. Daar t/m 31/12. Tournee in januari (Gent) en mei (Luxemburg) 2019.

Lichtfiguranten

Werken in een grote organisatie als Opera Vlaanderen brengt voor FC Bergman onvoorziene meevallers met zich mee. ‘Wij zijn zelf chronisch onderbemand’, zegt Thomas Verstraeten, ‘en nu hebben we opeens niet één lichttechnicus, maar zes.’ Marie Vinck: ‘Plus twee regieassistenten die alle cues voor ons onthouden en opschrijven.’ Een fijne bijkomstigheid zijn bovendien de professionele lichtfiguranten, die nodig zijn om op het toneel lichtstanden te testen. Stef Aerts: ‘Daar hebben wij nooit geld voor, dus doen we het zelf.’ Dat betekent vaak urenlang in de meest onmogelijke posities op toneel staan, terwijl technici het licht aanpassen. Maar wat blijkt? ‘Hier hebben ze die mensen gewoon in huis.’

Lees ook: de recensie van JR: ‘visueel adembenemend en ambachtelijk volmaakt’  

Zo wordt het decor van JR gebouwd: ‘FC Bergman durft het aan, en hoe

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden