Review

De succesvolste voorstelling uit 50 jaar De Nationale Opera

In zijn jubileumweekend presenteerde De Nationale Opera de succesvolste voorstelling uit z'n 50-jarige historie. Toch ging je niet onvoorwaardelijk door de knieën voor Dialogues des Carmélites van Francis Poulenc.

Sally Matthews (Blanche) in Dialogues des Carmélites.

Een kort suizen, waarna een doffe klap. Sssjjjbaf! Met akelige precisie valt de guillotine zestien keer in de slotminuten van de opera Dialogues des Carmélites. De componist, Francis Poulenc, dunt met ritmische meesterhand een nonnenkoortje uit. Onder het zingen van een Salve Regina leggen de karmelietessen een voor een hun hoofd op het hakblok van de Franse Revolutie. Nog een laatste zwoesj - en verbijsterd grijpen de premièregasten van De Nationale Opera (DNO) naar hun zakdoek.

Zo'n emotionele dreun deelt zelfs de kunstvorm opera zelden uit. Logisch, dat het 50-jarige operahuis de voorstelling in z'n jubileumweekend in reprise neemt. Maar al te navoelbaar is dat dit de productie is die DNO sinds de eerste voorstellingenreeks in 1997 het vaakst te gelde heeft gemaakt in het buitenland. Van Milaan tot New York hebben operaliefhebbers gehuild om zuster Blanche, een bangelijk meidje dat twee angsten overwint: eerst die voor het leven, daarna die voor de dood.

Bravo dus voor Francis Poulenc, de componist die 'het ritme van de dood' vatte in mild-moderne tonen. En bravo voor Robert Carsen, de Canadese regisseur die het stuk in Amsterdam virtuoos uit de sfeer wist te tillen die loert sinds de wereldpremière in 1957: die van verschaalde miswijn en muffe pijen.

Praatstuk

Versteend katholicisme krijgt bij Carsen geen kans. Met hulp van toneelontwerper Michael Levine en lichttovenaar Jean Kalman plaatst hij de ontbinding van het karmelietessenklooster in weidse, open ruimtes. In de choreo-grafie van Philippe Giraudeau schuurt de nonnengemeenschap inventief langs het revolutionaire gepeupel. Stap voor stap staat Blanche stil bij vragen die tegenwoordig adolescenten van een rivaliserend geloof kwellen. Wat is een leven zonder hoop? Wil ik voor iemand anders sterven? Hoe word ik martelares?

De kwesties passeren voornamelijk gezingzegd de revue. Dialogues des Carmélites is namelijk vooral een praatstuk: elk woord, elke zin, elke gedachte telt. Het gevaar is dat het reciteren verzandt in praterigheid en helaas weet de Franse dirigent Stéphane Denève dat niet altijd te vermijden.

Met het muzikale kleurwerk zit het in de orkestbak wel goed. Denève is een fijnschilder die zowel het nevelige als het heldere beheerst. Hij is bovendien een begenadigde sfeerschepper. Hooguit moet hij de koperblazers van het Residentie Orkest onderhouden over het belang van een vlekkeloze embouchure.

Jubileumweekend

Tv-volk paradeerde op de rode loper. Prinses Beatrix nam plaats op het rode pluche. Toch kregen rode oortjes weinig kans, tijdens het Gala waarmee De Nationale Opera vrijdag z'n jubileumweekend begon. Misschien was het ook een onmogelijke taak: een feestavond samenstellen die niet alleen het succes van De Nationale Opera weerspiegelt, maar ook een proeve geeft van de overrompelende kracht van opera.

Nu stonden ze als ufo's op het toneel: een Wagneraria door Eva-Maria Westbroek, een scherfje Rameau door Sabine Devieilhe, een koorstorm van Borodin, een lied van Richard Strauss. Tussendoor doken een nieuw ballet op van Krzysztof Pastor en verse noten van de Chinese componist Tan Dun. Die kwam z'n filmmuziekachtige Passacaglia voor vogelfluitjes en neuriënde orkestmusici zelf dirigeren. Uit de lichaamstaal las je zijn carrièrepad af: van componerende artiest naar bezwerende sjamaan.

Dat opera een vlam is 'die de fantasie prikkelt en het hart raakt', verklapte directeur Pierre Audi in zijn toespraak. Prinses Beatrix kreeg als eerste het jubileumboek dat vijftig jaar Nederlandse operageschiedenis documenteert. Waarna het Gala kon worden bezegeld met drank, dj's en dans. Het feest is trouwens nog niet gedaan: later het seizoen klinken nieuwe opera's van Kaija Saariaho, Michel van der Aa en Louis Andriessen.

Vaal theatraal karakter

Maar sfeer scheppen is nog geen drama oppoken. Op weg naar het verzengende slot laat Denève te veel tamme maten passeren. Dat vale theatrale karakter spreidt zich uit over de zusters. Bij monde van de sopraan Sally Matthews overtuigt Blanche alleen op crisismomenten, wanneer de bedaarde spreektrant omslaat in voluit zingen. De mezzo Doris Soffel is op haar best wanneer ze als oude abdis op het sterfbed belandt en merkt dat levenslange contemplatie de doodsangst niet heeft uitgeroeid. Glashelder zijn de sopraantonen waarmee Madame Lidoine strooit, de nieuwe priores die zich meldt via de keel van Adrianne Pieczonka.

Maar de enige die haar gouden stembanden leent aan een non van vlees en bloed, is de jonge Franse sopraan Sabine Devieilhe. Levenlustig, ongecompliceerd en toch diepzinnig: misschien moest DNO deze Soeur Constance maar strikken voor de komende vijftig jaar.

Op een avond zowel feestvieren voor een 50-jarige als de kracht van opera duiden, is misschien wat veel.

Francis Poulenc: Dialogues des Carmélites.
Klassiek

Regie: Robert Carsen. Residentie Orkest o.l.v. Stéphane Denève. Nationale Opera & Ballet, 7/11. Voorstellingen t/m 29/11.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden