De sterren stonden immer goed

Ze dacht toen haar kind doodgeboren ter wereld kwam aan stoppen. Maar nam, na een half jaar, de draad weer op....

SIMONE KLEINSMA over zichzelf in, laten we zeggen, 1994: 'Zonnekind. Circuspaard dat maar doordraaft. Niet zo ervaren nog. Altijd lachen, altijd vrolijk. Theater in het theater, theater buiten het theater. Alles opgeplakt.'

Gelukkig komt de musical soms te hulp. Zoals nu. Minstens een half uur voor de repetitie zondert ze zich af. Beetje mediteren, beetje tot rust komen. Nog eens studie maken van de notes, nog eens het leven overdenken. Op zoek naar het nulpunt. Dan voor de spiegel. Make-up. Je ziet rimpels verdwijnen. Je ziet jezelf verdwijnen. Kostuum aan. 'Dat is nu minimaal. Kort en bloot. Strakke benen. Hakken.' En daar staat Roxie Hart, vrouw die de lakens uitdeelt. Grande Dame, Femme Fatale. 'Je loopt meteen anders. Je bént iemand anders.'

Kleinsma - deze middag op gympen, in spijkerbroek, in zwart T-shirt - speelt Hart in de Van den Ende-musical Chicago, die op 9 mei in het Utrechtse Beatrix Theater in première gaat. Roxie Hart is de vrouw die haar minnaar vermoordt. 'Een behoorlijk felle tante. Niemand verlaat haar zomaar. Denk maar niet: even een wipje, en dan wegwezen.' Ze belandt in de gevangenis. En schakelt, samen met rivale Velma Kelly, die er ook een moord op heeft zitten, een gisse advocaat in. Hij verzint een verhaal. En maakt er een media-circus van. Het proces O.J. Simpson is er niks bij.

'Eigenlijk was Roxie meer geil dan verliefd op die minnaar van d'r.' Ze wordt vrijgesproken. 'Ik wil bij het publiek toch sympathie voor haar verwerven. Dat lukt als je eerlijk op het toneel staat. Dan gaan mensen met je verhaal mee.' Uiteindelijk is Roxie zelfs een beetje beklagenswaardig. 'Vrijgesproken - maar wat nu? Ze krijgt niet langer de publiciteit waar ze zo op gehoopt had, de publiciteit die haar tot een ster zou maken. Hooguit is een variété-act binnen handbereik.' Ze is toch maar mooi op vrije voeten. 'Is niet terecht. Helemaal niet. Hoewel ik respect heb voor haar handigheid.' Voelt Kleinsma zich enigszins met Roxie verwant? 'Zo ver ga ik niet.'

De rol van Roxie Hart is een uitgesproken zware rol. 'Het is de all over-uitdaging. Een ware uitputtingsslag met korte, heftige explosies. Het is alweer een paar jaar geleden dat ik zo intensief bewogen en gedanst heb. Terwijl dans, van oorsprong, niet mijn grootste talent is. Ik heb geen specifieke dansopleiding gevolgd.'

Er ging, aan de repetitietijd, een lange training vooraf. 'Jezelf onderhouden zoals je een auto onderhoudt.' Ze zit inmiddels onder de blauwe plekken. Om maar niet te spreken van de kruisband van haar linkerknie die ze vorig jaar scheurde. Kleinsma heeft de boel evengoed onder controle. 'Maar een radslag durf ik niet aan. Die is er op mijn verzoek uitgehaald. Ik ben bang dat ik zó vooroverklap.'

Veel gekke bekken trekken, zodat de aandacht van haar benen wordt afgeleid. Met dat kunstje van vroeger zou ze nu door de mand vallen. 'Dansen in Chicago is bewegen op een postzegel. Geen driedubbele toeren, maar heel gedetailleerd werken. De favoriete kleuren van bedenker en theaterproducent Bob Fosse zijn black en skin. Altijd zwart, altijd huid, Fosse zit je op het lijf. Er valt niks te verbloemen. Heel sensueel. Een geile vorm van dansen.'

Choreografe Ann Reinking, die de rol van Roxie Hart op Broadway speelde, kwam twee weken over voor belangrijke adviezen. Achter elke beweging, leerde Kleinsma, zit een pregnante gedachte. Als Amos, de brave echtgenoot van Roxie, met de schouder trekt - Kleinsma gaat staan, doet het voor - dan wil dat zeggen: herbeleving van het verleden, dat is de schouder waar je vader vroeger in priemde. Schiet op! eet je bord leeg! 'Amos laat zich commanderen. Niemand ziet hem staan.'

Ze zakt een beetje door de knieën. Maakt met de armen een groot gebaar, reikt naar een denkbeeldig filmdoek. 'Dat is Roxie. Ze waant zich, bij alles wat ze doet, de ster in een groots variété-nummer. De vrouw die, bij elke terloopse beweging, de aandacht van alle mannen denkt te vangen.' Triomfantelijk: 'En weet je wat nou het mooie is? In zo'n musical wordt die droom gerealiseerd. Allemaal mooie mannen om d'r heen, kerels die haar naam roepen, en van haar houwen. Daar geniet ik intens van.' Roxie de alleseter, Roxie de manipulator van de media. 'Ze verzint dingen om in de publiciteit te komen. Dat herken ik niet. De media zoeken eerder mij op.'

Simone Kleinsma, bijna 41, beschermelinge van Joop van den Ende, echtgenote van regisseur Guus Verstraete, sinds jaar en dag gezichtsbepalend in Aalsmeer en op tv. En dus Gefundenes Fressen voor de roddelbladen. Ze haalt haar neus niet op voor de bijverschijnselen van de roem. Hup!, daar zit ze weer in Koffietijd, en hup!, daar verschijnt ze, met wok en versgesneden groenten, nog maar eens in een kook-item van een kletsprogramma. 'Ach, dat was een vriendendienstje. Ik ken de producer. En dan zeg je toch niet nee.'

V ORIG JAAR juli was het pas echt raak. Kleinsma bracht haar dochter Teuntje dood ter wereld. Analyses van gynaecologen in de roddelbladen: Het Kan Elke Vrouw Overkomen. Ook grote verhalen in De Telegraaf. Ze geeft toe dat zij en haar echtgenoot toen zelf de publiciteit zochten. 'Alle ogen zijn nu eenmaal op kwatta gericht. We dachten: laten we, één keer, zelf ons verhaal vertellen. In onze eigen woorden. Zo nemen we anderen de wind uit de zeilen. Voor je het weet word je eindeloos belaagd door de bladen en keer op keer lastig gevallen in de Albert Heijn.' Ze kreeg veel brieven.

'Ik heb gemerkt dat ons verhaal respect afgedwongen heeft. Veel lieve reacties van mensen die soortgelijke ervaringen hebben gehad. Misschien is het ook ergens goed voor geweest.' Maar waarom, in De Telegraaf, al die intieme details? Kleinsma kijkt verwonderd. 'We wilden eerlijk zijn.' En waarom aan Henk van der Meyden verteld dat het lied dat ze tijdens het Gouden Beeld-tv-gala zong aan haar dochtertje is opgedragen? Dat had ze toch ook, als klein geheim, voor zichzelf kunnen bewaren? 'Jaja, dat is ook zo... Maar dat telefoontje gebéurde gewoon. Henk vroeg ernaar. Ik was er niet naar op zoek.' Ze vermant zich. 'Ik heb er geen moeite mee dat mensen dat weten. Zo'n ingrijpende gebeurtenis verandert je enorm. Ze denken maar wat ze denken willen.'

Chicago dat, vanwege haar zwangerschap, al voor haar was uitgesteld, werd opeens een reden tot zorg. Theater? Musicals? 'Ik stop er helemaal mee, dacht ik. Ik geloof niet dat ik er ooit nog plezier in zal hebben.'

Ze werd zwanger toen ze er niet meer op gerekend had. 'Er was iets in me opgewekt dat ik niet kende. Dat nauwelijks te omschrijven moedergevoel. Ik wist nu wat ik miste.'

Na veel twijfels, en veel praten, besloot ze de draad toch weer op te pakken. Niet twintig dingen tegelijk, rustig, alles één voor één. Voor de zekerheid: 'Joop heeft me nergens toe gedwongen. Mensen denken al gauw dat je precies moet doen wat hij zegt. Dat is nooit het geval geweest. Alles gaat in overleg. Dan zegt hij: ''Zullen we eens een route voor jou uitstippelen?'''

Na een half jaar rust begon ze in januari met trainingen, en half maart met de repetities voor Chicago. 'Ik gebruik het nu maar. Het verdriet heeft me rijker en rijper gemaakt, ik kan het niet goed uitleggen. Uit leed wordt kunst geboren, da's toch de uitdrukking?' Ze tempert de stem want ze gebruikt liever geen grote woorden. 'Als ik Roxie een jaar geleden zou hebben gespeeld, was het misschien toch wat oppervlakkiger geweest. En minder eerlijk.'

Ze steekt een sigaret op. Bedachtzame blik. Bijna de foto die het Chicago-affiche siert. Kleinsma, musicaldiva van de Lage Landen. Vaak geroemd als opvolgster van Conny Stuart en Jasperina de Jong. De musical zal ze, denkt ze, nooit kunnen loslaten. Altijd op zoek geweest naar die 'ideale' combinatie van zang, dans en acteren. 'In dit vak raak ik niet uitgeleerd.'

Als kind al had ze een passie voor toneel. Verkleedpartijen, plaat opzetten, ballet voor de familie. 'Door de huiskamer zweven met een rode lap. Als het maar wapperde.' Die levendige fantasie behield ze. Maar verder was ze een zonnekind zonder gedachten. Geen echt benul, geen echte gedrevenheid. Zo'n doorsnee meisje dat geen lol aan school beleefde. 'Je ogen gaan open en je krijgt alleen maar theorie voor je kiezen.' Wilde eigenlijk ziekenverzorgster worden, of misschien zelfs dierenarts.

M AAR MELDDE zich, gestimuleerd door een tekenleraar, uiteindelijk aan voor een oriëntatiecursus van de Kleinkunstacademie. Daar overviel haar meteen dat Fame-gevoel. 'Een tapdans hier, een pianoriedel daar: ik was verkocht.' Vanaf haar negentiende volgde ze er een opleiding. En ze bleef Hansje in Bessenland. Heftige discussies ontgingen haar. 'Ik was niet zo'n spreker. Had er geen behoefte aan om het woord te voeren. Ik laveerde tussen alles door. Als ze me maar aardig vonden.' Zolang het maar vrolijk was? Kleinsma, geamuseerd, haal aan haar sigaret: 'Zolang het maar gezellig was.'

Ze kwam zomaar bij het gezelschap van Gerard Cox terecht. Werd zomaar voor de revues van Jos Brink en Frank Sanders gevraagd. Belandde zomaar in de showballetten van André van Duin. Werd daarna zomaar door Joop van den Ende geëngageerd. De definitieve doorbraak met Sweet Charity (1989), daarna volgden onder andere Les Misérables (1991), Funny Girl (1991), Sweeney Todd (1993) en Joe (1997). Altijd mazzel gehad, alles van een leien dakje. 'De sterren stonden immer goed. Misschien heeft dat kinderlijke enthousiasme me enorm geholpen.'

Kleinsma is tevreden met het beeld dat ze koestert. Maar de vraag is of dat beeld niet vertekend is. Getuigt het niet van euvele moed om, als verlegen meisje, op de Kleinkunstacademie af te stappen? 'Tja, ik heb gewoon mijn intuïtie gevolgd. Misschien was dat ook wel dapper.' Kwam die keuze haar niet op kritiek te staan? 'Jazeker. De kleinkunstacademie was toch een cabaretschool, te minderwaardig, te commercieel. Maar van die verwijten trok ik me niks aan.'

Verliet ze die opleiding niet voortijdig? 'Ja, omdat ik door Gerard Cox werd aangenomen. Terwijl het absoluut verboden was om ergens auditie te doen.' Gaf ze, later in haar carrière, niet drie weken voor de repetities haar rol in de musical Ik, Jan Cremer terug? 'Klopt. Ik voelde me daar niet thuis. De rollen zouden wel op het toneel ontstaan, zeiden ze. Geen duidelijk script. Ik zag het er al van komen. Dat wordt strijden om een plekje vooraan in de rij. Wie zingt er het hardst? Wie durft er uit de kleren? Wie heeft de mooiste en de dikste borsten? Niks voor mij.' Stilte. Verbaasd: 'Kennelijk heb ik veel meer bewuste keuzes gemaakt dan ik lang gedacht heb.'

Ook haar ouders zullen wel van invloed zijn geweest op de eerste besluiten. 'Laat ons meisje maar doen. Misschien zit er toch iets van talent bij.' Kleinsma groeide op in een muzikaal Amsterdams gezin. Haar moeder nam haar geregeld mee naar balletvoorstellingen. 'Carré, het Russisch staatsballet, daar was ik gek op.' Vader en moeder zongen beiden in een amateur-operettegezelschap. Vooral haar vader imponeerde. 'Dat optreden in Zar und Zimmermann - ik was zes, maar ik herinner het me als de dag van gisteren. Aangeplakte baard, grote pruik, prachtige stem, zo zong hij zijn burgemeestersrol. Het was mijn vader, maar ook een vreemde, dat fascineerde.'

'Later - mijn ouders waren naar een feestavond - lag ik bij mijn oma in het grote bed. Rook ik nog steeds de geur van schmink. En zag ik, opnieuw, mijn vader optreden. Ik was helemaal in het verhaal opgegaan.'

Haar vader kreeg zelfs een engagement van de Hoofdstadoperette aangeboden. 'Hij dorst niet. Hij had een gezin te onderhouden. Durfde zijn baan in de garage niet op te geven. Zo'n ingrijpend besluit nam je niet, in die tijd.' Hij overleed in 1988, net voor Kleinsma haar grote doorbraak in Sweet Charity beleefde. 'Volgens mij heeft hij achteraf spijt gehad dat hij niet op het aanbod is ingegaan. Hij heeft niet durven kiezen voor zijn droom.' Anders dan... 'Anders dan ik', vult ze aan, 'de dochter die haar droom realiseerde.'

Ze wil oud worden in dit vak. Zonder al te grote verwachtingen, zonder duidelijk plan. In de hoop dat vrienden haar tijdig waarschuwen als haar kunsten op het toneel deerniswekkend worden. 'Raar vak. Toch. Constant zien te voorkomen dat je uit jezelf treedt - kijk mij hier staan, wat zitten die mensen naar me te kijken. Papa, kijk eens wat ik kan..., zo wordt het een circusnummer.'

De gong gaat. Tijd voor notes en een doorloop. Kleinsma loopt haar 'sterrenkleedkamer' uit. Zwaaien naar Serge Henri Valcke, die Roxie's echtgenoot Amos speelt. Kusje voor Pia Douwes, op het toneel Velma Kelly. Met hen kan ze goed overweg. Geen theatergemuts, zegt ze. Eventuele ergernis daarover zal ze trouwens niet meer verbergen. 'Irritaties spreek ik sneller uit. Daar schrikken ze van. Vroeger hield ik m'n mond stijf dicht.'

Ze is er, zo te zien, een beetje trots op. 'Jarenlang ben ik veel te eager op dat werk geweest. Er was niks anders. Dacht ik. Als ik niet meer kan dansen en zingen, is er geen leven meer. Dacht ik.' Sinds Teuntje staat dat leven, meer dan ooit, op scherp. 'Vreest niet! Ik ga heus geen boetiek runnen. Ik word geen computerdeskundige.'

Simone Kleinsma over zichzelf, anno 1999: 'Niet meer die lachebek. Rustiger. Resoluter. Nee is nee. Geen theater buiten het theater.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.