De staat van verschil

Lofzang op de ongelijkheid

We mogen geen vooroordelen hebben en ze zeker niet koesteren. Maar hoe je ook je best doet, er glipt er wel eens een langs de censor, en dan blijkt het een genoeglijk bezit. Vooroordelen maken de wereld overzichtelijk en sparen je handenvol tijd. Zo kan je heel wat krantenstukken en boeken ongelezen laten. Dan blijft er genoeg goeds over.

De bestuurskundige Paul Frissen (1955) is zo iemand die ik doorgaans oversloeg. Zijn argwaan jegens de staat, in boek na boek beleden, maakte nauwelijks nog nieuwsgierig. Een katholieke jongen die de corporatistische doctrines uit zijn jeugd in een postmodern jasje heeft gehesen en die tot vervelens toe uitvent. Een paar jaar terug las ik dan ook met vreugde hoe de Groningse historicus en 'staatsliberaal' Frank Ankersmit zich keerde tegen modieuze voorstanders à la Frissen van 'interactief bestuur', van de 'verplaatsing van de politiek', van het 'neocorporatisme', van het poldermodel, van de 'transactiestaat', van de 'netwerksamenleving', van deliberative democracy, van 'context-sturing' en van het 'communicatieve handelen'. Kortom, al diegenen 'die heel het traject waarop kiezers hun politieke wensen kenbaar maken, willen afschaffen, zodat alleen nog uitvoering overblijft'.

Dergelijke opvattingen komen neer op het verdonkeremanen van de macht, die daardoor ongrijpbaar wordt, met een nemocratie als gevolg, een regering door niemand. 'In dit vacuüm grijpen de overheidsmanagers de macht.'

Met passende tegenzin begon ik daarom aan De staat van verschil, getooid met de prikkelende ondertitel Een kritiek van de gelijkheid. Een PvdA'er - want ook Frissen is lid van die intellectueel zeer 'katholieke' partij - die de gelijkheid op de pijnbank legt, dat is op z'n minst pikant. Mijn vooroordelen zijn niet tegen de confrontatie bestand gebleken. Niet wat zijn 'katholicisme' betreft, dat blijkt wel zo ongeveer te kloppen. Her en der plaatst hij tenminste opmerkingen die de souplesse van het katholicisme prijzen boven protestantse rechtlijnigheid.

Maar voor het overige is een mea culpa op z'n plaats. Frissen laat zich kennen als een meeslepend, zij het ongemakkelijk auteur, die een belangwekkend boek schreef dat het verdient ook buiten de kring van vakgenoten gelezen te worden.

Verschillen

De kern van het betoog van Frissen is dat de mensenwereld overweldigend en onontkoombaar een wereld van verschillen is. Mensen zijn in elk denkbaar opzicht verschillend - zelfs hun 'gelijkwaardigheid', de vertrouwde vluchtheuvel voor egalitaristen, is een fictie. Maar ondanks de onontkoombare heerschappij van het verschil blijft de verzorgingsstaat zichzelf ten doel stellen de verschillen - verder - te beperken of te compenseren.

Gelijkheidsdenkers jagen het ideaal van een egalitaire samenleving al sinds mensenheugenis na, maar het laat zich nooit realiseren. Oude, sociaal-economische verschillen blijken hardnekkig, en tegelijkertijd dienen zich nieuwe - (sub)culturele - verschillen aan. Maar in plaats van aan de onhaalbaarheid van het gelijkheidsideaal de logische conclusie te verbinden dat verschillen zich niet laten wegreguleren en -compenseren, gaat er telkens een schepje bovenop.

De gelijkheidsapostelen geven niet op en komen met weer nieuw beleid, meer bureaucratie, sturing en controle om resterende ongelijkheden uit de weg te kunnen ruimen. Nog taaier dan die inspanningen zijn echter de mensenverschillen. Het systeem van de gelijkheid bijt zichzelf in de staart.

Vooral het verbond dat de rechtsstaat met de verzorgingsstaat sloot, is Frissen een doorn in het oog. Hierdoor worden onmogelijk hoge eisen gesteld aan het beginsel van gelijke rechtsbedeling. Rechtsstaat en verzorgingsstaat jagen elkaar telkens op. Bureaucraten worden gedwongen steeds verfijndere mallen te gieten waarin de alleen in theorie 'gelijke' gevallen moeten passen. Hier versterkt Frissens afwijzing van de gelijkheid zijn afkeer van de staat - en omgekeerd. Want voor het bewer

kstelligen van gelijkheid, altijd imperfect, is een immens statelijk apparaat nodig dat draconische maatregelen treft om het ideaal te bereiken en zo een blijvende bedreiging voor de vrijheid vormt.

Om goede redenen beschikt de staat over het gewelds- en belastingmonopolie. Die monopolies dienen echter met de grootst mogelijke terughoudendheid te worden ingezet. Tenslotte blijft geweld geweld en het fiks afromen van het inkomen van burgers een vorm van gelegaliseerde diefstal. Een staat die het onbekrompen doet, heeft tirannieke trekken. Het gelijkheidsstreven ondermijnt de vrijheid.

Dat Frissen vrijheid hoger aanslaat dan gelijkheid zal duidelijk zijn. En niet alleen omdat gelijkheid zelfs in de beste van alle denkbare werelden onhaalbaar zal blijken. Dat is niet meer dan de logische onderlegger van zijn afwijzing van gelijkheid en, als instrument van het gelijkheidsstreven, een nivellerende verzorgingsstaat. Zeker zo belangrijk, zo niet belangrijker in zijn 'kritiek van de gelijkheid' is een esthetisch argument: gelijkheid is lelijk, ongelijkheid mooi.

Nietzsche

Met het inzetten van deze joker probeert hij, in navolging van Nietzsche, uit het vaarwater van de moraal te blijven. Op dit logische fundament en esthetische argu ment stoelt zijn ' lofzang op de ongelijkheid' - wat net zo goed de ondertitel van De staat van verschil had kunnen zijn.

Ik vertel het hier allemaal in mijn eigen tastende woorden na, noodgedwongen nogal schematiserend. Frissen laat zich ook moeilijk samenvatten. Hij poneert, redeneert, herhaalt, parafraseert naar hartelust en schuwt geen weerbarstige (stop)woorden, zoals 'plooi' en 'rizoom' (wortelstok, als beeld voor een niet-hiërarchische ordening), of citaten in het Frans. Verschil heet bij hem plechtig differentie. De meerwaarde van dat synoniem zal wel zijn dat het de drager moet worden van gunstige betekenissen. Vinden we verschillen - vooral sociale en sociaal-economische - in de regel lelijk? Welnu, leve de differentie!

Ook het Frans is geen toeval. Het bevestigt Frissens postmodernisme en zijn trouw aan denkers als Michel Foucault en Gilles Deleuze. (Maar opvallend genoeg ontbreekt een andere Franse olifant in de bibliografie: Pierre Bourdieu, socioloog van de distinctie, het onderscheid.) Hedendaagse identiteitspolitiek en multiculturaliteit (dus niet het normatieve multiculturalisme), voor velen bron van schurende verschillen die ons type samenleving onder spanning brengen, zijn voor Frissen ook helemaal geen probleem maar een oplossing. Zoveel hoofden, zoveel zinnen. Accepteer ongelijkheid, zie er de noodzaak en schoonheid van in, laat duizend bloemen bloeien. Al die rivaliserende particularismen zijn verre te prefereren boven de waarheidsaanspraken van het universalisme van de moderniteit, met zijn neiging tot drang en dwang.

Frissen noemt haar nergens, maar zijn positie komt sterk overeen met die Carry van Bruggen in Prometheus (1919) innam. 'De enige realiteit is het contrast', schrijft zij. 'Men kan niets meer voor iemand doen, dan door hem anders dan anderen te maken. Daar de dingen bestaan door hun verschil met andere dingen, zodat ook mensen, in het geestelijke en het stoffelijke, slechts bestaan door hun verschil met anderen.' Frissen zegt het Van Bruggen na; zich verstaan met deze illustere voorganger doet hij echter niet.

Ook - Nederlandse - ijkpunten als de cultuursocialist De Kadt, de individualist Ter Braak en de estheet Huizinga, geen van drieën liefhebbers van 'de' gelijkheid, komen nergens ter sprake. Hetzelfde geldt voor denkers over gelijkheid en statelijke expansiedrift als Tocqueville en Hayek. Was dat wel gebeurd, dan had Frissen zich steviger in een traditie geplaatst en in één moeite door, via het 'verschil met anderen', zijn plaats in dit 'discours' kunnen markeren. Ondanks talloze verwijzingen naar bekende en onbekende auteurs, ook contemporaine Nederlanders - een grote aantrekkelijkheid van dit rijke boek -, wekt hi

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden