tv-recensieFRANK HEINEN

De serie I’ll Be Gone in the Dark is méér dan een spannend waargebeurd misdaadverhaal

De documentaire vertelt het verhaal van de Golden State Killer, maar ook dat van Michelle McNamara, de schrijver voor wie de zaak een obsessie werd. 

Voor eenieder die Michelle McNamara’s boek I’ll Be Gone in the Dark niet heeft gelezen, in de afgelopen jaren nooit iets heeft opgezocht over de Golden State Killer, een man die in de jaren zeventig en tachtig verantwoordelijk was voor dertien moorden en vijftig verkrachtingen, én van plan is de gelijknamige HBO-miniserie over de zaak nog te gaan bekijken, zal dit stukje enige spoilers bevatten. 

De reden dat ik ze toch noteer is dat I’ll Be Gone in the Dark (regie Liz Garbus, eerder verantwoordelijk voor de documentaire What Happened, Miss Simone (2015) over Nina Simone) geen klassieke true crime is. Ja, de serie zet je een paar maal op het verkeerde been. Ja, er is sprake van een puzzel waarvan steeds nieuwe stukjes opduiken. En ja, er ís ook een ontknoping die lijkt op een catharsis. Maar volgens mij gaat het om iets anders.

True crime is een waanzinnig populair genre. Veel van de series gaan over seriemoordenaars, wier daden als vanzelf afleveringen van een gruwelijk feuilleton vormen. In eerste aanleg is I’ll Be Gone in the Dark zo’n feuilleton, over de Golden State Killer. In de serie vertellen de overlevers over hun trauma – vaak voor het eerst. In de handen van veel documentairemakers zou de verwoesting van al die levens het centrale thema zijn gebleven. Bij Garbus echter is empathie met de slachtoffers niet de conclusie, maar het begin van een heel ander verhaal, namelijk dat van Michelle McNamara, de schrijver die zich zo verdiepte in de zaak en zich zo inleefde in ieder afzonderlijk geval dat de zaak een morbide obsessie voor haar werd. Amateur-rechercheur McNamara beet zich in de zaak vast en trok eigenhandig het vastgelopen onderzoek vlot. In dezelfde tijd trouwde ze met comedian Patton Oswalt en werd moeder. 

Schermafbeelding van I'll Be Gone in the Dark.Beeld RV

Garbus schakelt voortdurend tussen de idylle en de gruwel, de twee werelden waarin McNamara tegelijk moet hebben geleefd. Die schizofrene werkelijkheid valt samen in het beeld van knutselwerkjes en compositietekeningen, naast elkaar op een keukenprikbord. Dat haar schier grenzeloze ontrafelingsdrift ook diende om haar eigen geheimen te vergeten, wordt gaandeweg duidelijk. Meer dan om de oplossing lijkt het haar om de activiteit van het oplossen te doen te zijn.

De kracht van I’ll Be Gone in the Dark schuilt niet in de eerste plaats in het scherpe portret van slachtoffers, dader en onderzoeker – veel daarvan hebben we vaker gezien. De film schetst ook een beeld van een periode waarin verkrachtingen nauwelijks tot ophef leidden, en vertelt een verhaal over schrijverschap, en de angst je verhaal uit handen te geven. Maar bovenal probeert de serie méér te zijn dan een bevrediging van een licht pervers voyeurisme van de kijker. Ondanks alle spektakel en drama is wat blijft hangen de impliciet gestelde vraag wat true crime nou eigenlijk echt betekent, voor kijkers én voor makers.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden