De schatbewaarder van het Gulden Vlies

Na eeuwenlang een steunpunt te zijn geweest voor families uit de Lage Landen dreigt het Madrileense centrum Karel van Antwerpen te verdwijnen. Een schilderij van Rubens, gewijd aan de beschermheilige van de machtige ridderorde van het Gulden Vlies, is de enige redding. De laatste telg uit een oud Antwerpse tapijtweversgeslacht waakt over de schat en moet nu zorgen dat de verkoop rond komt.

Beeld Rechtenvrij

Miguel Ángel Aguilar (73 jaar) is in eigen land een bekend gezicht als oudgediend journalist en televisiecommentator. Weinigen Spanjaarden weten echter dat hij als directeur van de culturele stichting Karel van Antwerpen. Dit instituut, oorspronkelijk uit 1594, werd geleid door de families die al eind vijftiende eeuw met Filips de Schone vanuit de Bourgondische Lage Landen naar het zuiden kwamen afzakken. Aguilar is de schatbewaarder van het grootste bezit van de stichting: het schilderij Het Martelaarschap van Sint Andreus, een imponerend en uniek altaarstuk dat Peter Paul Rubens in 1638-1639 schilderde tijdens zijn verblijf in de Spaanse hoofdstad. De Rubens, met een geschatte waarde van dertig miljoen euro, moet worden verkocht wil Karel van Antwerpen naar ruim vier eeuwen niet worden gesloten. Dat blijkt een bron van diep zorg. Aguilar: 'Ik wil niet degene zijn die deze hele erfenis begraaft'.

Miguele Ángel Aguilar is niet bepaald een persoon van gedragen ernst. Maar nu is hij oprecht aangedaan.

'De gedachte dat Karel van Antwerpen zou moeten verdwijnen doet me inderdaad pijn. Ik heb altijd hard gewerkt om dit cultuurgoed in stand te houden.'

U zit al sinds 1967 zit hij bij Karel van Antwerpen, dat toen nog een weg kwijnend overblijfsel van wat ooit een ziekenhuis voor pelgrims uit de Lage Landen in Spanje was.

'Karel van Antwerpen was een koopman die naar Spanje was gereisd in de tijd van Filips de Schone. Hij werd rijk met de handel in de nieuwe Spaanse koloniën. Die rijkdom liet hij na voor de ziekenzorg aan hun landgenoten. Ik behoorde tot de groep van families die nog steeds een band met de oude Lage landen had. Toen ik 24 jaar was trad ik toe tot het bestuur via mijn vader. Hij was van de familie Stuyck, die rond in 1630 uit Antwerpen zijn gekomen. Filips de Vijfde had ze naar Madrid gehaald om de koninklijke tapijtweverij hier op te zetten.'

'Er moest iets nieuws gebeuren. Uiteindelijk kwam het idee van een cultureel centrum. Ik trok nieuwe mensen aan in het patronaat, zoals de vroegere premier Calvo Sotelo, Javier Solana en Joaquin Almunia. Het moest dan ook een duidelijke Europese signatuur hebben. In 1988 konden we de poorten openen als een culturele stichting. Er werd geld gevonden om het gebouw te renoveren. Het werden jaren van tentoonstellingen, lezingen en muziek, altijd met een band met de Lage Landen. De Spaanse koning was bij de opening en de Belgische koning Boudewijn met Fabiola. Ik had de Nederlandse koningin ook uitgenodigd. Maar die kwam niet. Dat soort dingen gebeuren. Later zijn ze hier wel op bezoek geweest.'

'Het schilderij was een schenking van een mecenas uit de Lage Landen. Die had Rubens de opdracht gegeven het altaarstuk van Sint Andreus te schilderen. We hebben nog de brief met de opdracht en het antwoord van de vrouw Rubens. Voor de geboden som werd Sint Andreus afgebeeld met zijn kruis en de engeltjes boven in het schilderij. Maar als ze er ook nog dat paard en de rest van het gezelschap erbij wilden hebben moesten ze nog 60 Vlaamse patagonen bijbetalen.'

Het is een bijzonder doek voor de band tussen Spanje en de Bourgondische Nederlanden.

'Sint Andreus was de patroonheilige van het huis van Bourgondië en van de ridderorde van het Gulden Vlies. Alles wat meekwam met Filips de Schone. De koningen van Spanje maken nog steeds deel van de orde uit. Al die zaken zijn verbonden met het schilderij.'

'De stichting heeft altijd met succes zijn bestaan weten te bevechten. We konden zelfs wat reserves opbouwen. Vanaf 2007 brak de crisis uit en verloren we onze subsidies in Spanje. Die waren niet groot, maar van levensbelang. We moesten onze reserves aanspreken. Die zijn nu op. We leven op een overbruggingskrediet.'

'We hadden altijd het idee: als de drie betrokken landen van de Benelux iets bijdragen, zeg 120.000 per land, zijn we uit de problemen. We zeggen: je hebt een prachtige ruimte hier in het centrum van de stad voor exposities, lezingen, muziek. De Fransen, Duitsers, Italianen en Britten hebben wel hun eigen centrum, dus waarom niet de Benelux? Nul reactie.'

Dus dan toch maar de Rubens in de verkoop?

'Het Prado heeft een enorme belangstelling voor de Rubens, maar weinig geld. Ze willen het toch hebben, koste wat het kost. De directeur zegt: al hebben we vermoedelijk de beste Rubens collectie, er ontbreekt zijn religieuze werk. En dit is een uitzonderlijk schilderij.'

'We doen de Rubens niet cadeau. Maar het schilderij is in Spanje tot een cultureel erfgoed bestempeld en kan daarom het land niet uit, behalve voor exposities. Dat drukt enorm de prijs op de vrije markt, dat weten ze ook bij het Prado.'

U blijft nog wel doorgaan als cultureel centrum?

'We gaan door met onze activiteiten, maar op bescheiden schaal. Meer gericht op de Europese Unie. Met debatten en onze jaarlijkse ministersconferentie. Kamermuziek. Reizende tentoonstellingen. Ik wil niet dat dit verdwijnt, omdat het een dienst verleent en een geweldige geschiedenis van eeuwen heeft. Dit bestaat sinds 1594! En het moet blijven.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden