REPORTAGE

De schaduwzijden van de VOC

In Den Haag opent vrijdag een kritische expositie over de Verenigde Oost-Indische Compagnie. Met veel aandacht voor het geweld, de gruwelen en de onderdrukking door 's werelds eerste multinational.

Admiraal Cornelis Speelman verslaat in 1667 de koning van Makassar op Celebes, het huidige Sulawesi. VOC-gouverneur Speelman liet ruim dertig dorpen platbranden.

Zo'n twee jaar is Nancy Hovingh bezig geweest met de voorbereiding en inrichting van de vandaag te openen tentoonstelling over de Verenigde Oost-Indische Compagnie in het Nationaal Archief in Den Haag. Wat haar daarbij het meest is opgevallen? Dat de VOC een bron is van talrijke verhalen van gewone mensen over exotische landschappen in verre landstreken en over ontberingen aan boord van kleine schepen. 'Maar wat mij vooral heeft gefrappeerd, is dat VOC-employés vrij openhartig waren over de grote schaal waarop ze zichzelf hebben verrijkt. Zelfs met de handel in slaven.'

Voor het Nationaal Archief is de zojuist voltooide digitalisering van alle VOC-stukken een reden om de VOC-schatten aan een groot publiek te tonen. De manier waarop dat gebeurt, wijkt nogal af van herdenking, vijftien jaar geleden, van de geboorte van de VOC in 1602. 'Het is lang geleden dat we zo vrolijk met de geschiedenis bezig zijn geweest', stelde het Historisch Nieuwsblad na afloop van die festiviteiten vast. En dat was niet complimenteus bedoeld. Want de VOC-herdenking - royaal gesponsord door een bierbrouwer, een bank en de Amsterdamse Effectenbeurs - was een ongeremde ode aan 'die dekselse Nederlanders of de zucht naar het zee-avontuur'. Van de belofte van de Stichting 400 jaar VOC, de organisator van die vieringen, dat ook de schaduwzijden van de overzeese dadendrang aan de orde zouden komen, kwam niet veel terecht.

Succesverhaal

In De wereld van de VOC, zoals de expositie heet, wordt uiteraard ook het succesverhaal van 's werelds eerste multinational verteld. Maar het wordt geflankeerd door 'afschrikwekkende verhalen over geweld, gruwelijkheden en onderdrukking'. De recente discussies over het standbeeld van Jan Pieterszoon Coen in Hoorn, over het kolonialisme en over het Nederlands slavernijverleden - dat overigens slechts zijdelings samenhangt met de VOC - hebben duidelijk hun weerslag gehad op de tentoonstelling.

Voor Hovingh wordt de handels-moraal van de VOC vooral belichaamd door Jan Albert Sichterman, die als VOC-gouverneur in Bengalen een fortuin vergaarde waarmee hij na terugkeer in Groningen onbekommerd pronkte. Daar zou hij ook een gewoonte hebben geïntroduceerd die later door studentencorpora werd overgenomen: vanuit zijn rijtuig zou hij munten, die hij op een stoofje had verhit, naar bedelende kinderen hebben geworpen.

Sichterman verwierf ook enige faam als bezitter van een neushoorn, Clara, die hem in 1738 cadeau was gedaan door de vorst van Bengalen. Clara was toen nog klein en aaibaar. Ze mocht vrij rondlopen in Sichtermans woonvertrekken. Toen ze er in volgroeide staat ravages aanrichtte, kwam Sichterman tot het inzicht dat neushoorns geen geschikte huisdieren zijn. Hij verkocht Clara aan VOC-kapitein Douwe van der Meer, die met het dier - 'in een te klein hok, grote balen hooi vretend' - langs hoven in Europa trok. Een replica van een gigantisch schilderij van Clara uit 1747 - te zien op de VOC-tentoonstelling - getuigt van de verpletterende indruk die ze destijds in Europa maakte.

Dat is wel even wennen. Een tentoonstelling die buiten alle historische artefacten ook direct op je gemoed speelt. Nog even buiten het feit of dat nu wel of niet terecht is. Toch is dat wat er gebeurt met Goede Hoop, de expositie in het Rijksmuseum die de relatie Zuid-Afrika en Nederland vanaf 1600 behandelt. Lees hier de viersterrenrecensie van de Volkskrant.

'Hottentottinnen'

De VOC voorzag de - minder succesvolle - West-Indische Compagnie van producten die in Afrika tegen slaven werden geruild: wapens, stoffen en schelpen. De transacties werden keurig in facturen vastgelegd, want slavenhandel was destijds een normale economische activiteit. Hovingh heeft een normaliteit willen tonen die inmiddels een bron van schaamte is - naast de bittere overlevingsstrijd die dagelijks door scheepsbemanningen werd gevoerd. Normaal was dat de beschrijving van 'Hottentottinnen' (Hottentot- of Khoikhoi-vrouwen) nogal leek op de beschrijving van exotische dieren. Normaal was dat de VOC, die eigenmachtig oorlog mocht voeren, handelsmonopolies vestigde op verre kusten. Maar normaal was ook dat VOC-employés trouwden met 'inlandse vrouwen' toen was gebleken dat alleen Nederlandse vrouwen 'van laag allooi' bereid waren zich in 'de Oost' te vestigen.

De VOC is 'hot', zegt Irene Gerrits, directeur Collectie en Publiek van het Nationaal Archief. Alleen in maart hebben scholen al rondleidingen aangevraagd voor 2.500 leerlingen. De VOC-stukken behoren - al jaren - tot de meest geraadpleegde van het Nationaal Archief. Heel veel Nederlanders hopen er een deel van hun familiegeschiedenis te vinden. Een zoektocht die hen, met de kennis van nu, vervult met schaamte maar ook met een zeker ontzag voor avonturiers tegen wil en dank die, met het oog op een ongewis gewin, in kleine boten de wereldzeeën bevoeren.

De wereld van de VOC is in het Nationaal Archief (Prins Willem Alexanderhof 20, Den Haag) te zien van 24 februari tot 7 januari 2018.)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden