De rottigheid van volwassen worden krachtig verbeeld

Op alle niveaus en uiterst fijnzinnig toont Barnas zo de metamorfose van een meisje.

Bo van Houwelingen
null Beeld
Beeld

In coming-of-age-romans klinkt in het denken van de jonge hoofdpersoon vaak een typisch geluid door: het onhebbelijke toontje van een vroegwijs kind dat zich quasi-verwonderd afvraagt wat de o zo rare volwassenen zich nu weer in het hoofd gehaald hebben. Zo ook in Altijd Augustus, de derde roman van Maria Barnas (1973), waarin het meisje Augustus het vroegwijze kind is. Haar vader is weggelopen. 'Mijn moeder denkt dat hij terugkomt.' Uit dat zinnetje spreekt - zij het subtiel - een zeker dedain jegens de moeder die klaarblijkelijk zo naïef is nog te geloven dat vader terugkomt. Augustus weet natuurlijk allang beter. Het is knap om een paar woorden zoveel lading te geven, maar wanneer het trucje te vaak wordt toegepast, verliest het zijn kracht.

Maria Barnas, Altijd Augustus, fictie

Van Oorschot; 188 pagina's; euro 17,50.

Barnas publiceerde eerder drie dichtbundels en de manier waarop zij zich in dit boek opnieuw als dichter laat gelden maakt veel goed. Dankzij een minimalistisch plot (Augustus bereidt zich voor op haar spreekbeurt) komt de nadruk niet op de gebeurtenissen te liggen maar op de woorden: 'blauw' wordt ingeademd, het woord 'imaginair' is 'een donker meer dat misschien wel, misschien niet bestaat' en een grijs tapijt doet aan 'afgrijzen' denken. Een soort gedaanteverandering van woorden die in dienst staat van een grotere transformatie; die van Augustus zelf. Haar thuis verandert keer op keer omdat haar moeder maar met de meubels blijft schuiven. Aan haar wereldbeeld wordt getornd door een radicaal klasgenootje. En onder invloed van vriendinnetjes verandert zelfs haar lichaam: ze wordt steeds dunner.

Op alle niveaus en uiterst fijnzinnig toont Barnas zo de metamorfose van een meisje. Deze manifesteert zich zelfs in de puntgave perzik waar Augustus hongerig een grote hap van neemt. De vrucht blijkt vol mieren te zitten. 'Ik weet niet waar ik meer van schrok: dat die insecten verschenen of dat ze er al die tijd al waren, onder de zachte donzige huid.' De rottigheid van volwassen worden die door de kinderlijke onschuld breekt in een krachtig beeld. Zagen we zoiets maar vaker in het genre.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden