‘De roman is er voor vragen, niet voor antwoorden’

Florian Zeller waarschuwt met La fascination du pire dat het Westen zijn waarden beter moet verdedigen tegen ‘prehistorische padden’. De roman is een essentiële kunstvorm....

Zo’n kleine zeventig belangstellenden hebben zich dinsdagavond verzameld in de snikhete expositieruimte van Maison Descartes in Amsterdam. Voor een literaire avond is dat een ongewoon hoge opkomst. Opmerkelijk is ook dat er wat meer jonge mensen in het publiek zitten, dat gewoonlijk bestaat uit dames op leeftijd.

De reden ervoor moet zijn dat Maison Descartes een jonge en controversiële schrijver heeft uitgenodigd: Florian Zeller. Zeller, jeune, beau et intelligent, gaat in gesprek met de Nederlandse, bijna even jonge en ook succesvolle, schrijver Abdelkader Benali.

Zeller publiceerde twee jaar geleden de roman La fascination du pire , die onlangs in het Nederlands is vertaald. In Gefascineerd door het ergste worden twee jonge schrijvers geconfronteerd met de censuur in Egypte. Niet alleen is Madame Bovary niet meer te verkrijgen vanwege de verwerpelijke moraal van het boek, ook blijkt het onmogelijk een bordeel te vinden waar de meisjes met je naar bed willen.

Sinds Gustave Flaubert samen met zijn vriend Maxime du Camp het land bezocht zijn de zeden veranderd: waar zij hun duizend-en -een-nacht beleefden, wordt nu de dienst uitgemaakt door ‘prehistorische padden’ die de regels van de koran in acht nemen en die ook opleggen aan elke kunstzinnige uiting. Thuisgekomen schrijft een van de twee een roman over hun reisje, waarna hij wordt vermoord door een moslimfundamentalist.

Hoewel Benali zijn Frans niet goed genoeg acht om die taal te gebruiken, is hij de juiste interviewer voor Zeller. Via een tolk stelt hij korte en gerichte vragen die soms voor hilariteit in de zaal zorgen. ‘Die Martin Millet is gewoon een ongelikte beer. Hij gaat alleen naar Egypte om te neuken. Of niet soms?’ Ook is hij niet bang beweringen van Zeller te weerleggen. Volgens Benali’s bevindingen is Madame Bovary wel degelijk te krijgen in Egyptische boekhandels en dat de Arabische roman niet zou bestaan is ‘kul’. ‘Ik heb thuis vijf planken met Arabische romans’.

Onvermijdelijk is het onderwerp Theo van Gogh. Zeller vindt de moord op de cineast, die hij overigens niet kende, ‘verontrustend, maar tegelijkertijd ook helemaal coherent’ met wat hij schreef. ‘We zien een herstel van de censuur, geen opgelegde censuur, maar een indirecte vorm ervan, door processen die schrijvers worden aangedaan en doordat ze zichzelf steeds meer zelf censureren’.

In zijn roman stelt Zeller dat wij, westerlingen, niet in staat zijn de Europese waarden, met de roman als essentiële Europese kunstvorm te verdedigen. Hierover stelt Benali zijn laatste vraag.

‘Wij zijn individuen, wij vinden troost in wat we zijn en in wat we niet zijn. Waarom lukt het ons niet anderen te bereiken? Waarom lukt het ons niet deze waarden te verdedigen?’

Zeller moet het antwoord schuldig blijven. ‘Ik pretendeer niet iets te weten, ik voel alleen iets. De roman is per definitie nooit de plek voor antwoorden. Het is de plek voor vragen. Juist daarom is de roman de vijand voor religie, maar ook voor andere mensen die de waarheid in pacht denken te hebben. Het nichtje van Flaubert dat de brieven verbrandde die ze verdorven vond, is net zo gevaarlijk als de censuur in Egypte’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden