TV-recensie Frank Heinen

De reis voerde ons kriskras over het continent en toch ook naar Nina Jurna’s persoonlijke achtergronden

In het filmpje waarin Nina Jurna op sociale media haar Zomergasten-avond voorbeschouwde, sprak ze de hoop uit dat het publiek zich na de uitzending ‘wat meer betrokken’ zou voelen bij het kolossale gebied waar een deel van haar achtergrond ligt waarover zij al jaren bericht – momenteel voor NRC: Latijns-Amerika. Zeker in de eerste helft van de avond slaagde ze daar zéér in, als ik spreek namens de (eenmans)jury die deze week de tv-recensie voor de Volkskrant schrijft.

De ontwikkeling die Zomergasten de laatste jaren doormaakte, laat zich grofweg als volgt samenvatten: van Swiebertje tot het International Documentary Film Festival Amsterdam (IDFA). Het human interest-gedeelte waarin de gast de kijker aan de hand van tv-fragmenten door zijn of haar leven loodste, heeft plaats moeten maken voor doorwrochte lessen van een specialist. Masterclasses volgens het DWDD-principe: met voldoende fragmentjes en een aanmoedigend knikkende presentator die het tempo soms wat opvoert en hier en daar een brug slaat. 

De eeuwige interesse in de mens achter de maker blijft borrelen, maar steeds vaker sturen gasten met vaste hand hun bootje tussen de kliffen van de human interest-vragen door. Wat mij betreft is dat een vrij logische en bijna vanzelfsprekende ontwikkeling. Iedereen draagt het volledige collectief geheugen nu in zijn zak, vrij oproepbaar op elk gewenst moment. Niemand is voor een stukje Cruijff of een vergeten Jiskefet-sketch aangewezen op de Zomergast van dienst; als je wilt, vul je je eigen Zomergasten, elke avond weer, vier seizoenen lang.

Jurna’s avond gisteren was een Zomergasten nieuwe stijl. Het was een reis over het Latijns-Amerikaanse in het kielzog van een ervaren correspondente die duidelijk maakte dat ze niet alleen de grote nieuwsverhalen persoonlijk maakt, maar dat veel van die verhalen haar ook persoonlijk treffen.

De avond trapte nog behoorlijk persoonlijk af met een fragment uit de keuzefilm Central do Brasil, over een vrouw die op het station van Rio de Janeiro brieven schrijft voor mensen die daar zelf niet toe in staat zijn. Jurna woont in Rio en het eerste wat ze deed toen ze in de stad kwam wonen, was controleren of het station er daadwerkelijk zo uitzag als in de film, vertelde ze. 

Na de fictie volgde al vlug de realiteit: een scène uit het dagelijks uitgezonden en razend populaire misdaadprogramma Cidade Alerta waarin live en met veel opwinding de inval in een drugspand werd gefilmd. Jurna benadrukte dat veel Brazilianen dit soort hijgerige reportages – met de cameravoering van een vlogger op een springstok en de paniek-om-bijna-niets van een showbizzrel – tot zich nemen als waren ze het journaal, dat qua opwinding overigens nauwelijks onderdoet voor Cidade Alerta

De naam ‘Bolsonaro’

Het duurde eigenlijk nog lang voor de naam ‘Bolsonaro’ viel, de Braziliaanse president die zijn politie graag zoveel mogelijk macht geeft en de inheemse bevolking koeioneert en van haar land verdrijft. Dat dit een proces is dat niet met de verkiezing van Bolsonaro begon, bleek uit beelden van de documentaire Martírio, over het protest van de inheemse bevolking (het woord ‘indianen’ mocht in de Zomergasten-studio niet vallen en viel – misschien wel juist daardoor – best wel vaak) die haar verloren land tracht op te eisen. Van dat fragment bleef vooral de totale verwarring bij de politiemacht hangen. Op de vraag wie de leider van de stam was, zodat zij die persoon konden arresteren, antwoordde een van de vrouwen: ‘Iedereen is leider. Zelfs dat hondje is leider. Als u de leider wilt arresteren, moet u iedereen arresteren.’

Hoe wrang dat juist die mensen het nu opnemen tegen een autoritaire leider die er niks van moet hebben dat iedereen een beetje leider is – zeker niet de inheemse bevolking van het land dat hij leidt. Jurna trachtte kalm te blijven, maar eenmaal aangekomen bij Bolsonaro’s plannen met het Amazonegebied en haar bezoeken aan primitieve stammen daar, kon ze haar emoties nauwelijks nog bedwingen: ‘Als je dat kapot maakt, maak je iets van jezelf kapot.’

Het beeld dat uit die eerste verkennende reis door Brazilië oprees, was dat van een land dat bezig is zich in de voet te schieten, met extra zware wapens.

Verzet als nieuw motief

De avond vorderde en de reis voerde kriskras over het continent, de correspondent achterna. De geschiedenis in ook, naar het Cuba van nét voor Castro, en terug naar de actualiteit; naar de imploderende gezondheidszorg van Venezuela (fragment uit de documentaire Está todo bien, vanavond op NPO2 Extra). 

Met het vorderen van de reis verscheen er een nieuw motief: dat van het verzet. Verzet tegen de heersende machten, verzet tegen de chaos, vrouwelijk verzet vaak, verzet tegen autoriteit (in de vorm van een carnavalsdans), tegen kolonisators en verzet tegen dat waar je je onmogelijk tegen kunt verzetten: de gedachte dat je geliefde er niet meer is. 

Dat abstracte verzet stond centraal in het fragment dat misschien wel het hoogtepunt van de avond vormde, een stukje uit de documentaire Nostalgia de la Luz. In die film, gedraaid in een Chileense woestijn die bekendstaat als het droogste punt op de aarde, draait het om sterrenkundigen. Die houden daar door hun reusachtige telescopen de hemel in de gaten, terwijl even verderop de nabestaanden van slachtoffers van het regime van Pinochet op de eindeloze vlakten op zoek zijn naar overblijfselen van hun geliefden. Een tand, een hand, een stukje bot. Het beeld van de mevrouw met het schepje, tegen een onverschillige achtergrond van een heel landschap van bergen van leegte, zal me nog lang heugen. Geen Swiebertje, toch onvergetelijk. ‘Als je gaat zoeken dan ga je door’, zei Jurna. ‘Ik heb dat zelf ook meegemaakt.’

Gevoel voor detail

Het was de opmaat tot het meer persoonlijke deel van de avond. Over de zoektocht naar haar biologische ouders, haar Surinaamse moeder en haar Palestijnse vader. Over haar familieband met de bekende Surinaamse vakbondsleider Louis Doedel, over ontmoetingen, herkenning en dna-tests. Jurna vertelde er mooi geserreerd over. Ze behandelde haar verhaal zoals een goeie journalist dat doet: vol emotie en met gevoel voor detail, maar zonder larmoyant te worden.

Toch kon dit deel van de reis minder boeien: de zinnen kregen soms wat sleets (‘Ik kan slecht tegen onrecht’) en even dreigden Jurna en Abbring de route kwijt te raken te midden van particuliere verhalen en bespiegelingen over identiteit en achtergrond. Misschien had dat uiteindelijk ook tot iets anders moois geleid, maar toch was ik blij toen de reis door het continent werd hervat, richting de voodoo van Haïti, om uiteindelijk weer in Brazilië terug te keren – bij het carnaval en de muziekstijl bossanova. 

In die laatste fragmenten kwam veel samen: het actuele verzet in de vorm van een carnavalschoreografie en het ongrijpbare verlangen en de familieband van Joao Gilberto en zijn dochter, die samen zongen – plus de journalist Jurna, die het niet kon nalaten dat idyllische beeld van vader en dochter te nuanceren door een latere fittie tussen de twee te benoemen.

Dit was het soort Zomergasten-avond dat je niet thuis, met YouTube en een stapel ouwe jeugdfoto’s, kan namaken. Dat kun je zonde vinden, maar ik vind het een aanbeveling.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden