De popcultuur van moderne journalistiek

Hele generaties stonden met het nieuws op en gingen ermee naar bed. Letterlijk. De haard aanmaken, thee zetten, ontbijt met krant en radionieuws....

Wat moesten al die gewone stervelingen ermee? Ver van hun bed, geendirect belang of instrumentele waarde. Toch vond men het belangrijk om opde hoogte te blijven. Het hoorde bij het 'actieve' burgerschap van de civicgeneration, zoals de Amerikaanse politicoloog Robert Putnam diegeëngageerde naoorlogse volwassenen heeft genoemd. De krant had dezelfdevanzelfsprekendheid als 'water, gas, elektra'. Vaak ging het samen met hetlidmaatschap van politieke partij en vakbond, vrijwilligerswerk, deelnameaan het verenigingsleven en, uiteraard, de plechtige gang naar de stembus.De 'stille generatie' kende haar burgerplicht.

In Bowling Alone (2000) schetste Putnam hoe hier in de VS al middenjaren zestig de klad in kwam. Niet omdat de civic generation afhaakte -die volhardde in haar eenmaal gevormde gewoonten. Nee, elke nieuwegeneratie liet het er nadien een beetje meer bij zitten. Bijgevolg gaatiedereen nu moederziel alleen naar de kegelbaan: bowling alone.

Dit beproefde schema van gestage maatschappelijke onthechting is hetuitgangspunt voor Tuned Out van de Amerikaanse perswetenschapper David T.Z.Mindich. Ondertitel: Why Americans Under 40 Don't Follow the News. Mindichsanalyse is onbarmhartig. Nee, we gaan het nieuws met het klimmen der jarenniet beter volgen. En nee, internet heeft zich niet ontpopt als vervangendeserieuze nieuwsbron. Elke generatie bedient zich van een eigen mediamix enhoudt daar in grote lijnen aan vast.

Tot zover weinig nieuws. Mindich inventariseert wat er vanuitgeneratieperspectief over tijdbesteding, mediaconsumptie, lees-, kijk-,luister- en internetgedrag bekend is. Feiten die een eind komen om desnelle daling van krantenoplagen te verklaren. Vervolgens werpt hij eenblik achter al die cijfers via diepte-interviews met highschool-leerlingen, (journalistiek)studenten, bankbediendes,Survivor-kijkers, college-basketballers, acteurs. In totaal 58 jongeren.Waarom volgen zij het nieuws niet - zijn daar uitzonderingen op? -, watdoen ze wel, wat beweegt hen, wat zijn hun behoeften, emoties?

Zo komt hij te weten dat hun kennis van traditionele nieuwsfeitenabominabel is. Zelfs gevorderde studenten kunnen niet ook maar één lidvan het Hooggerechtshof noemen. Zangeres Alicia Keys kennen ze daarentegenbijna allemaal, net als basketbalidool Allen Iverson.

Voor de doorsnee veertig-minner heeft de klassieke nieuwsagenda geenurgentie meer - een enkele uitzondering daargelaten. Nieuws doet ernauwelijks toe, heeft niets met hun leven te maken. Bovendien zijn de mediaoppervlakkig, onbetrouwbaar, ongeloofwaardig, corrupt zelfs. Geen tijdwegens druk, druk, druk, zoals ze zelf beweren? Niks daarvan, tijd zat,alleen besteden ze die aan entertainment, soaps, realityshows. Daaroverlezen ze zelfs - op internet - en kleppen ze eindeloos met elkaar. Dienamaakwereld boeit wel, amuseert, is emotioneel bevredigend; kwaliteitenwaartegen onthechte, objectiverende journalistiek het aflegt.

Mindich oppert dat de professionele afstandelijkheid van serieuze,'neutrale' media mede debet is aan hun malaise en nog hun ondergang zalworden. Dat is bitter nieuws voor de democratie, die niet zondergeïnformeerde burgers en een levendige openbaarheid kan. Als onmiskenbaarpolitiek correcte liberal stelt hij met merkbare tegenzin zelfs de rechtseretoriek van het, ook onder jonge kijkers populaire Fox News ten voorbeeld.Zo kan het ook. Nieuws doordrenkt van emotie en opinie. Het breektweliswaar met de - liberale? - objectiviteit, maar biedt kansen voor 'eennieuw soort journalistiek voor jonge mensen'.

Waaruit zou die kunnen bestaan? Mindich ziet niets in wat zo'n beetjealle Amerikaanse kranten en nieuwsprogramma's nu doen: meer Britney Spears,minder George W.. Die wanhoopspoging om voor jonge mensen relevant te zijn,maakt ze voor iedereen irrelevant. Maar zijn eigen restauratieveoplossingen overtuigen evenmin. Draai de deregulering uit de jaren tachtigterug, versterk de publieke functie van - commerciële - media, gamediaconcentraties en cross-ownership (tv, krant, internet) tegen,verplicht fabrikanten om news portals op al hun pc's te installeren, stopmeer burgerschapskunde in het onderwijs, maak de politiek 'weer'betekenisvol, laat public journalism het publiek daarbij betrekken.Allemaal even goedbedoelde als kansloze adviezen. Zelfs als zijn receptuurals door een wonder zou worden opgevolgd, is de kans miniem dat het jongevolk zijn mediagedrag erdoor zou laten veranderen.

Interessanter en pertinenter is Mindichs notie dat passie en emotie nietper definitie rechts zijn. Wat Fox doet, kunnen neutrale, onpartijdigenieuwsmedia ook. Kom uit de plooi, weg met die uitgestreken gezichten enstropdassen. Stop meer jongeren in het nieuws, praat niet over hen, laatze zelf aan het woord, kruip in hun huid, sluit aan bij hunbelevingswereld. Het zijn de voornaamste concessies die Mindich doet aande conventionele 'moderne' nieuwsagenda om jongeren weer in het nieuws teinteresseren.

Irene Costera Meijer, communicatiewetenschapper aan de Universiteit vanAmsterdam, gaat in De toekomst van het nieuws fikse stappen verder. Inopdracht van het NOS Journaal onderzocht ook zij waarom jonge mensenserieus nieuws doorgaans versmaden. Ze kwam tot vergelijkbare bevindingenals haar Amerikaanse tegenhanger. Zij stelde honderden vijftien- totvijfentwintigjarigen - scholieren en studenten - vergelijkbare vragen, lietstudent-onderzoekers diepte-interviews afnemen en komt op hoofdlijnen totdezelfde bevindingen als haar Amerikaanse tegenhanger.

Nieuws is als levertraan: het is goed voor je, het moet eigenlijk, maarlekker is anders. Zelfs journalistiekstudenten kijken liever naar hetonechte RTL Boulevard dan naar het o zo echte maar geeuwend saaie NOSJournaal, en snacken, soapen, sitcommen, zappen, multitasken, chatten,sms'en en bricoleren er à la Lévi-Strauss lustig op los. Alleen gaatCostera Meijer veel minder vooringenomen en normatief dan Mindich met diefeiten om. Haar analyses graven uiteindelijk dieper, en haar 'oplossingen'zijn origineler en gedurfder.

Het grote verschil is dat Costera Meijer de populaire cultuur nietwalgend afwijst. Voor haar is het 'postmoderne' pandemonium een vocabulairedat op eigen wijze, met andere middelen, genres, formats en stijlfiguren,waardevolle publieke functies kan vervullen. In een achtbaan vanadembenemende paradoxen voert ze haar tegenstribbelende, tragischouderwetse 'moderne' lezer die andere 'openbaarheid' binnen. Tegenover -of naast - de 'moderne nieuws-taal' staat een 'postmoderne informatietaal'.Daarin wegen ervaring, meemaken, Verstehen zwaarder dan kennis en inzicht,wint participatie het van afstandelijkheid, zegt beeld meer dan tekst,verdringt binding autonomie, heerst anarchie over hiërarchie.

Costera Meijers voorbeeldige en fascinerende verhandeling staatmijlenver van Mindichs defensieve ideeën om de kijker/lezer/luisteraarkeuzes te ontfutselen, en van zijn 'opleuken' van het nieuws - die echo vande beatmis, die toch vooral de wanhoop en irrelevantie van een leeglopendekerk onderstreepte. Ook levertraan met een smaakje is onverteerbaar. Hetvernuftige van De toekomst van het nieuws is ook dat Costera Meijer, trouwaan haar postmoderne beginselen, niet kiest. Voor beide logica's is plaatsonder de zon.

Ook jongeren zelf eisen niet dat nieuws geherdefinieerd en versnedenwordt. Als er echt iets aan de hand is, willen ze kunnen terugvallen op demoderne nieuwsagenda en -behandeling. Jasje, dasje, feitelijk, onthecht.Zulk nieuws moet er zijn als water uit de kraan, niet vervuild doorsubjectivering en infantilisering. Want paradoxaal genoeg erkennen zij descheidslijn tussen de 'echte' wereld en het escapistisch universum,ironisch, empathisch, relationeel, meer communicatief dan informatief,waarin zij zich dagelijks wentelen.

Dat spiegelpaleis is niet heel de wereld, wel een cruciaal deel van depostmoderne wereld. Het vervult daarin zelfs allerlei nuttige -democratische, morele, gemeenschapsvormende, informerende - publiekefuncties. Zoveel maakt Costera Meijer overtuigend duidelijk. Maar ook dater een toekomst is voor enkele bastions van hopeloos 'moderne'kwaliteitsjournalistiek. Voor als er echt iets aan de hand is.

H.J. Schoo

Irene Costera Meijer: De toekomst van het nieuwsOtto Cramwinkel187pagina's 29,50ISBN 90 75727 28 3

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden