De opzichtige soft power van de emir

Logisch dat de Franse president zowel een militaire basis in Abu Dhabi opent als de bouw aftrapt voor een nieuw Louvrefiliaal. Cultuur en macht horen bij elkaar. Het Westen moet even slikken bij al die Arabische namen op hun cultuur en sport.

Het is vreemd weer in Abu Dhabi. Wolken vormen een loodgrijze boog boven het Louvre-in-aanbouw. De schotelvorm van het gebouw lijkt te worden gespiegeld in de lucht. Het natuurtafereel biedt een spectaculaire aanblik in een land waar de hemel doorgaans strakblauw is. Maar: 'Nee, nee, geen foto's maken', waarschuwt een nerveuze pr-medewerkster van het ministerie van Toerisme. 'Het gebouw aan de overkant is namelijk een Franse militaire basis.'

Soft power

De broederschap tussen Frankrijk en het steenrijke emiraat kan niet bondiger worden weergegeven. Frankrijk en Abu Dhabi tekenden negen jaar geleden op staatsniveau het zogenoemde 'Louvrecontract', waardoor in dertig jaar een miljard euro richting Parijs vloeit. Toen de toenmalige Franse president Sarkozy in 2009 naar Abu Dhabi reisde voor de aftrap van de bouw, opende hij in één moeite door een militaire basis in het emiraat. Toeval? Een directe politieke connectie tussen de culturele en de militaire deals 'ligt zeer voor de hand', volgens Bertus Hendriks, Midden-Oostendeskundige van Instituut Clingendael. 'Cultuurpolitiek is onderdeel van machtspolitiek. Bovendien heeft Frankrijk een grote wapenindustrie en is de Golf een dankbare afzetmarkt.' Bij de opening van de basis sprak Sarkozy nadrukkelijk over gezamenlijke culturele en militaire belangen. Het cachet van het eerbiedwaardig Franse cultuurinstituut bleek een succesvol ruilmiddel voor politiek-militaire invloed in de Golf.

Soft power is het woord dat vaak wordt gebruikt in dit verband. Tegenover de hard power van economie en politiek staan de zachte krachten van cultuur en sport. Grote kunst- en sportevenementen - denk aan het WK voetbal in Qatar in 2022 - verschaffen de Golflanden iets wat niet rechtstreeks te koop is met oliedollars: internationale status, prestige, goodwill in het Westen en wat afgunst van de buren.

De Golfstaten worden wel de nouveaux riches genoemd onder de naties en niet alleen vanwege de bijbehorende blingbling. 'Door de aanschaf van topkunst kopen emirs toegang tot bepaalde hogere kringen in het Westen', zegt Christopher Davidson, Golfdeskundige aan de Britse Durham University. Ook paardensport en topvoetbal kunnen rekenen op een gulle hand. 'Grote sponsors uit de Golf worden graag gezien bij de paardenraces in Ascott, tussen de Britse royals.' AC Milan, Arsenal, Benfica, Paris Saint Germain en Real Madrid zijn maar enkele ontvangers van geld uit de Golf - clubs van naam en faam, waarvan de sponsor hoopt dat iets ervan op hem afstraalt, volgens Davidson.

Beeld reuters

Islamitisch extremisme

Nu de budgetten van westerse sport- en cultuurinstituten onder druk staan, is het oliegeld welkom in het Westen. De Louvre-dependance in de Franse stand Lens kreeg een bijdrage voor een kunstdepot. In de abdij van Cluny wordt de entree vertimmerd. Na een restauratie van 10 miljoen euro werd in 2014 het 19de-eeuwse Théâtre Napoleon III in Fontainebleau heropend. Sponsor: de emir van Abu Dhabi. Met leedwezen moesten chauvinistische Fransen aanzien hoe naamgever Napoleon III aan de kant werd geschoven en het oer-Franse instituut werd omgedoopt tot Théâtre Sjeik Khalifa bin Zayed Al Nahyan. Een 'coup de théâtre', schreef de Franse krant Le Monde, verwijzend naar de Franse term voor de onverwachte, beslissende wending in een toneelstuk. Plannen voor restauratie van een Parijse Louvrevleugel, waarna ook hier het naambordje van de emir op de deur zou worden geschroefd, zijn voorlopig uitgesteld. 'Toch', zegt een Louvre-woordvoerster, 'sluit ik niet uit dat het er ooit van komt.'

Maar de opzichtige, met veel geld gebouwde façade van soft power is niet waterdicht. Niet iedereen staat te juichen bij mega-investeringen in westerse bedrijven en onroerend goed. Qatar en de Emiraten staken veel geld in onder meer banken als Barclays en Deutsche Bank, in Volkswagen ook. Maar in Londen begint het te schuren dat tientallen typisch Britse gebouwen en landmarks - waaronder Harrods, London Eye en Canary Wharf - in handen zijn van de Arabieren.

Ook ondoorzichtige wapenverkopen aan facties in de Golfregio doen het imago geen goed. 'Op wapens uit de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Frankrijk rust een doorverkoopverbod', aldus Davidson. Maar klanten genoeg in de regio, en ze worden bediend vanuit de Golf: 'Geïmporteerde wapens uit Oost-Europa of Azië worden doorverkocht en komen niet altijd terecht bij even frisse groeperingen. Denk aan Syrië, Libië en Jemen. Er wordt steeds meer duidelijk over de rol van geld en wapens uit de Golfstaten in het islamitisch extremisme. Op den duur trek je daar weinig toeristen en kunstliefhebbers mee naar je land.'

Gaan de Golfstaten ook hun éigen kunstgeschiedens schrijven?

Het duurste schilderij ter wereld, van Gauguin, hangt niet in, zeg, Parijs, maar in Qatar. Perzische Golfstaten stampen met miljarden oliedollars in snel tempo een kunstimperium uit de grond. Let wel: opgebouwd uit westerse topstukken. De Volkskrant reisde er rond en vroeg zich af: is de liefde voor kunst te importeren?

Milde reacties

'We werden beperkt door culturele en politieke gevoeligheden. Israël bestaat niet, homoseksualiteit bestaat niet, bloot en intimiteit mogen niet. Onder het motto dat je respect voor de cultuur moet hebben, wordt zelfcensuur toegepast.'

De voorbeelden zijn legio. In 2012 werd het beeld Kopstoot van de Franse kunstenaar Adel Abdessemed weggehaald van de boulevard in Qatar. Islamitische conservatieven zagen een verheerlijking van geweld in het beeld, een vrij letterlijke weergave van de beruchte kopstoot van Zinédine Zidane in de WK finale in 2006. Ook in het kunstonderwijs zijn de scheidslijnen vaag. 'Als ik tijdens een college een afbeelding zou laten zien van Michelangelo's David kan ik mijn koffers pakken', zegt een Amerikaanse kunstdocent aan een universiteit in de Emiraten. 'Als een collega afkomstig uit de Emiraten hetzelfde doet, is er niets aan de hand.' Met het oog op zijn baan wil hij zijn naam niet gepubliceerd zien. Van christelijk werk mag hij alleen de artistieke aspecten behandelen. 'Vaak verwijs ik studenten na een college naar internet. Voor die jongeren is het nooit een probleem, maar achter de kritiek zitten conservatief-religieuze krachten, die druk uitoefenen op de overheid.'

Toch wordt in liberale en Westerse kunstkringen opvallend mild gereageerd op beperkingen van hun artistieke vrijheid. De Palestijns-Armeense curator Jack Persekian werd vijf jaar geleden ontslagen in Sharjah vanwege 'een voor moslims beledigende installatie'. Gevraagd naar het voorval, zegt zijn toenmalige baas en kunstsjeika Hoor al Qasimi: 'Het werk stond bij een moskee, dat was het probleem. We hebben rekening te houden met gevoeligheden van de bevolking. Verder is alles mogelijk, als het niet in strijd is met de wet.'

Een vijgenblad over de artistieke vrijheid

Het leek een klassieke cultuurclash. Op een expositie drie jaar geleden in Qatar, gewijd aan de Olympische Spelen, viel de Griekse minister van Cultuur bijna om van verbazing. Enkele antieke beelden van naakte olympiërs waren voorzien van kuise lendendoekjes. Zo veel mannelijkheid zou islamitische bezoeksters in de war brengen, luidde de verklaring. Over de aankleding was niets afgesproken toen Griekenland de beelden in bruikleen gaf. En al had Qatar niet lang daarvoor stevig in de buidel getast voor het bijna failliete Griekenland, de Griekse minister liet de beelden repatriëren naar Athene: antieke beelden zijn geen paspoppen.

'Je weet als buitenlander wat de gevoelige punten zijn: religie, seks en politiek', zegt de Nederlandse Midden-Oostencurator Nat Muller. Maar waar precies de grens wordt getrokken, blijft ook voor ingewijden vaag. Vaak is sprake van willekeur, meent ze. 'Ik heb de indruk dat het telefoontje van één hooggeplaatst persoon genoeg is om een kunstwerk te laten verwijderen, maar een officiële verklaring krijg je nooit.' Muller maakt geregeld exposities in de Golf met heden-daagse kunst. 'In Sharjah werd een videoinstallatie tegengehouden over een groep oudere zwemmers in Beiroet. Eén van hen had een bierflesje in zijn hand. Dat mocht blijkbaar niet. De installatie is nooit gepresenteerd.'

Muller liep onverwacht tegen een politieke gevoeligheid aan toen ze voor een tentoonstelling op Art Dubai 2012 een kunstwerk selecteerde waarvoor historische landkaarten waren gebruikt. 'Tijdens het installeren kwam een visitatiecommissie langs, oftewel een overheidscensor. Ergens op zo'n historische kaart stond 'Perzische Golf'. Dat moest 'Arabische Golf' worden, omdat ze zelf de naam Perzische Golf niet gebruiken. De commissie dreigde de tentoonstelling niet te openen - drie uur voor de officiële aftrap...'Milde reactiesDe Nederlandse filmprogrammeur Ludmila Cvikova constateerde zelfcensuur in de filmsector. Cvikova werkte drie jaar bij het Doha Film Festival in Qatar. 'We werden beperkt door culturele en politieke gevoeligheden. Israël bestaat niet, homoseksualiteit bestaat niet, bloot en intimiteit mogen niet. Onder het motto dat je respect voor de cultuur moet hebben, wordt zelfcensuur toegepast.'

De voorbeelden zijn legio. In 2012 werd het beeld Kopstoot van de Franse kunstenaar Adel Abdessemed weggehaald van de boulevard in Qatar. Islamitische conservatieven zagen een verheerlijking van geweld in het beeld, een vrij letterlijke weergave van de beruchte kopstoot van Zinédine Zidane in de WK finale in 2006. Ook in het kunstonderwijs zijn de scheidslijnen vaag. 'Als ik tijdens een college een afbeelding zou laten zien van Michelangelo's David kan ik mijn koffers pakken', zegt een Amerikaanse kunstdocent aan een universiteit in de Emiraten. 'Als een collega afkomstig uit de Emiraten hetzelfde doet, is er niets aan de hand.' Met het oog op zijn baan wil hij zijn naam niet gepubliceerd zien. Van christelijk werk mag hij alleen de artistieke aspecten behandelen. 'Vaak verwijs ik studenten na een college naar internet. Voor die jongeren is het nooit een probleem, maar achter de kritiek zitten conservatief-religieuze krachten, die druk uitoefenen op de overheid.'

Toch wordt in liberale en Westerse kunstkringen opvallend mild gereageerd op beperkingen van hun artistieke vrijheid. De Palestijns-Armeense curator Jack Persekian werd vijf jaar geleden ontslagen in Sharjah vanwege 'een voor moslims beledigende installatie'. Gevraagd naar het voorval, zegt zijn toenmalige baas en kunstsjeika Hoor al Qasimi: 'Het werk stond bij een moskee, dat was het probleem. We hebben rekening te houden met gevoeligheden van de bevolking. Verder is alles mogelijk, als het niet in strijd is met de wet.' Ook Persekian zelf relativeert. 'Vrijheid van expressie is een relatief begrip, zelfs in liberale landen. In de Verenigde Staten kun je ook niet alles zeggen. Als je in de Golf aan de belangrijke families komt, wordt een dikke rode streep in het zand getrokken. Zij hebben het geld en de macht, dus er zullen best kunstenaars zijn die daar, laten we zeggen, rekening mee houden.' In 2013 werd een 'heiligenbeeld' van Damien Hirst geplaatst op een tentoonstelling in Qatar. Met een vijgenblad, aangebracht door de kunstenaar zelf. Het werk was elders te zien geweest zonder verhullend gebladerte.

Niettemin, zegt Persekian, 'kan er veel in de Golfstaten, en ook in Nederland zijn vast voorbeelden te vinden van beperking van artistieke vrijheid.' Die zijn er. In Groningen werden in 1997 plasseksposters verwijderd uit de openbare ruimte na protesten van omwonenden. Een muurschildering van een naakte vrouw in Amsterdam-West werd in 2004 door de kunstenaar wat 'zedelijker' gemaakt na klachten van voornamelijk Marokkaanse buurtbewoners. Eenzelfde werk in Staphorstachtige omgeving zou vermoedelijk leiden tot dezelfde protesten. Persekian: 'Het is symptomatisch voor de machtsstructuren in de wereld dat de vrijheid van expressie nergens 100 procent is, ook al denkt men vaak van wel.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.