Opinie

'De NOS laat Syrië eenzijdig zien door de bril van het regime'

De reportages van Jan Eikelboom roepen vragen op over de wijze waarop het NOS-team in de Syrische hoofdstad opereert. Functionarissen van het Syrische ministerie bepalen waar de NOS-ploeg wel en niet mag filmen. 'Van de NOS mag als publieke omroep worden verwacht dat ze uitlegt waarom ze voor deze vorm van verslaggeving heeft gekozen', vindt Jan van Groesen, voorzitter van de Stichting Media-Ombudsman Nederland.

Damascus wordt van oudsher in één adem genoemd met de Bijbelse Hof van Eden, het paradijs met de boom van kennis van goed en kwaad. Maar veel paradijselijks is er momenteel niet te beleven. En het goed wordt overwoekerd door het kwaad. Vanuit de Syrische hoofdstad voert het regime van Bashar al-Assad nu al een jaar een niets ontziende strijd om de vrijheidsroep van het volk van Syrië te smoren.

Hoe deze strijd verloopt, blijft goeddeels aan het oog van de wereld onttrokken. Journalisten die bij uitstek zijn geëquipeerd om op onafhankelijke wijze van de Syrische gebeurtenissen verslag te doen, wordt de toegang tot het land ontzegd. En de verslaggevers die op illegale wijze het land weten te betreden, lopen ernstig gevaar. De moord op internationale journalisten in Homs is er een bitter voorbeeld van.

Om enig beeld te krijgen van opstandige demonstraties in verschillende Syrische steden en dorpen, van gruwelijke confrontaties met de geheime dienst en het leger of van de zware en ogenschijnlijk willekeurige bombardementen op steden als Homs en Idlib, is men tot nu toe vooral aangewezen op de flarden van foto's en filmpjes die door de demonstranten zelf en de voorvechters van mensenrechten via Facebook en YouTube worden verspreid. Al deze beelden kunnen een indruk van de werkelijkheid weergeven, maar dat is waarschijnlijk niet de enige waarheid. De Syrische maatschappij met haar soennitische meerderheid, haar sjiitische minderheid en de alawitische en andere deviaties daarvan, vormt een ingewikkeld amalgaam dat niet gemakkelijk te doorgronden is.

De betrouwbaarheid van de beelden staat daarom niet altijd vast, zeker niet nu het Assad-regime sinds kort valse YouTube-filmpjes verspreidt die de werkelijkheid van het internet trachten te 'corrigeren'. Zelfs de Verenigde Naties tasten over de strijd in Syrië zo in het duister dat ze slechts moeten gissen naar het aantal duizenden doden dat de strijd al heeft gekost. Voor VN-afgezant Kofi Annan ligt er een zware opgave in het verschiet.

NOS-team
Het ligt in de aard van het journalistieke vak besloten dat nieuwsmedia desondanks overwegen hoe ze vanuit Syrië zelf verslag kunnen doen van de gebeurtenissen, dat recht doet aan de realiteit. Zo heeft de NOS recentelijk tot tweemaal toe een team rond Jan Eikelboom naar Damascus afgevaardigd, een verslaggever die eerder al in Egypte, Libië en Tunesië verbleef om de 'Arabische lente' in beeld te brengen. Wie de ontwikkelingen in dit Arabische land volgt, heeft de reportages van Eikelboom ongetwijfeld gehoord en gezien op het Radio 1 Journaal, het NOS Journaal en Nieuwsuur.

Meer dan dat ze weinig openbaren van wat zich in de strijd in Syrië voltrekt, roepen de reportages van Jan Eikelboom vragen op over de wijze waarop het NOS team in de Syrische hoofdstad opereert. Volgens het Radio 1 Journaal is het team van Eikelboom 'embedded' bij het Syrische ministerie van Informatie. In de praktijk betekent dit, zoals Eikelboom ook bij herhaling aangeeft, dat functionarissen van het Syrische ministerie bepalen waar de NOS-ploeg wel en niet mag filmen en met wie ze wel of niet mag spreken. Zelf op eigen initiatief er op uit trekken is niet toegestaan. Voor een onafhankelijk journalist een ernstige handicap.

Dat blijkt ook uit de reportages van het NOS-team zelf: beelden van Syriërs die jammerlijk treuren bij het lichaam van een zwaargewond of omgekomen familielid en vervolgens gezamenlijk de zegeningen van het Assad-regime bewieroken, dragen niet bij aan een verklaring van het hoe en waarom van de strijd in Syrië. De gehandicapte journalistieke onafhankelijkheid wordt zelfs navrant als plotseling, niet ver van het hotel van het NOS-team, in een residentiële wijk van Damascus zware gevechten met Syrische legereenheden uitbreken, de eerste van deze omvang in de Syrische hoofdstad. Eikelboom moet dan verontschuldigend constateren dat hij niet op de hoogte is en geen toestemming heeft om ter plekke informatie te vergaren.

Eén verhaal
Carel Kuyl, hoofdredacteur van Nieuwsuur, verdedigt afgelopen zaterdag in NRC Handelsblad het NOS-team in Damascus. Kuyl wijst op de ervaringen van Joegoslavië en de twee Golf-oorlogen, 'waar we teveel klakkeloos achter één verhaal zijn aangelopen'. Maar zijn kijkers hebben van deze overwegingen geen weet en zien nu dat het NOS-team toch slechts één verhaal brengt, zonder kritische vragen te stellen. Het ligt bovendien niet in de rede dat de Nieuwsuur-kijkers de productie van het team Eikelboom afzetten tegen de oorlog in Joegoslavië of elders. Veel meer zal hun referentiekader juist de strijd in Syrië zijn en de haast tot een beginsel geworden constatering dat het regime Assad geen journalisten toelaat om onafhankelijke verslaglegging van de gebeurtenissen in Syrië te voorkomen.

Hoewel 'embedded journalism' of het accepteren van een bewaker van het regime eigenlijk een tegenspraak inhouden omdat journalistiek per definitie onafhankelijk hoort te zijn, kan deze vorm van verslaggeving in bepaalde situaties gerechtvaardigd zijn. Er waren destijds ook tv-ploegen van CNN, van de BBC en van andere nieuwsmedia actief in Tripoli toen een deel van het land zich had ontworsteld aan het bewind van Kaddafi, maar de Libische hoofdstad nog werd bestierd door de kolonel zelf. Die nieuwsorganisaties hadden op datzelfde moment ook eigen verslaggevers op onafhankelijke wijze aan het werk in andere delen van Libië om evenwicht in hun totale verslaggeving aan te brengen.

In Syrië is dat vrijwel uitgesloten. Het wekt daarom bevreemding dat de NOS geen gebruik wenste te maken van Hans Jaap Melissen van de Wereldomroep, een deskundige inzake de Arabische wereld, die illegaal het noorden van Syrië binnenging om vanuit Idlib de aanpak van de opstandelingen te verslaan. Voor het noodzakelijke journalistieke evenwicht zou Melissen de andere zijde van de Syrische strijd in beeld hebben kunnen brengen. Daarbij had tevens kunnen worden aangetoond dat de opstandelingen zich inmiddels ook te buiten zouden gaan aan schending van de mensenrechten.

Geketend
De Stichting Media-Ombudsman Nederland maakt zich zorgen om de erosie van klassieke journalistieke standaarden, zoals deze vrijwel dagelijks in de nieuwsmedia zichtbaar is. Zeker bij berichtgeving die gemakkelijk emotie van de burger opwekt, wat bij oorlogssituaties vrijwel altijd het geval is, moet zorgvuldigheid in de bewaking van het vrije woord een eerste vereiste zijn. 'Geketende' verslaggeving kan immers gemakkelijk worden aangezien voor propaganda of het accepteren van censuur. En als Jan Eikelboom aan het slot van een van zijn reportages in een enkele zin uitspreekt dat van wat in de reportage is gezegd geen onafhankelijke bevestiging kan worden verkregen, dreigt hij zijn kijkers en luisteraars in verwarring achter te laten. Met zo'n opmerking wordt zelfs niet meer de schijn van objectiviteit opgehouden.

Van de NOS mag als publieke omroep worden verwacht dat ze uitlegt waarom ze voor deze vorm van verslaggeving heeft gekozen, waarom ze meent dat dergelijke reportages inzicht geven in de aard en het wezen van de strijd in Syrië en wat de constructie behelst waarbinnen het team Eikelboom in Damascus opereert. Ook al heeft de NOS al geruime tijd geleden de functie van onafhankelijke nieuwsombudsman opgeheven, het hoeft haar als publieke omroep niet te beletten verantwoording aan het publiek af te leggen.

Jan van Groesen is voorzitter van de Stichting Media-Ombudsman Nederland.


 
Meer dan dat ze weinig openbaren van wat zich in de strijd in Syrië voltrekt, roepen de reportages van Jan Eikelboom vragen op over de wijze waarop het NOS team in de Syrische hoofdstad opereert.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden