InterviewSchrijvers Ares

De Nederlandse Netflix-serie Ares is geschreven door een groep scenaristen - Hoe werkt dat?

Het team schrijvers van de nieuwe Netflix-serie Ares. Van links naar rechts: Pieter van den Berg, Joost Reijmers, Thomas van der Ree, Bodil Matheeuwsen, Matthijs Bockting, Sarah Offringa en Michael Leendertse.Beeld Pauline Marie Niks

Horror, studenten en de Gouden Eeuw, daarmee moest collectief Winchester McFly aan de slag. ‘Je hebt heel veel domme ideeën nodig om samen tot een goed idee te komen.’

Iets met horror, studenten en de Gouden Eeuw – dat waren de bouwblokken waarmee de scenaristen van Winchester McFly aan de slag mochten, eind 2017. Ze waren bedacht door de toen 17-jarige dochter van producent Pieter Kuijpers. Hij mocht ideeën pitchen bij Netflix, en hierop sloeg de streamingdienst aan.

Binnen een maand moesten de scenaristen een ‘seriebijbel’ van acht kantjes uitschrijven en aan Netflix presenteren. Met zijn zevenen zaten ze in hun kantoortje aan een Amsterdamse gracht en schreven ze het whiteboard vol ideeën, veel daarvan te slap om hier te herhalen. Totdat ze beet hadden.

De serie zou kunnen draaien om de vraag: hoe kan Nederland in de 17de eeuw zo rijk zijn geworden? Het antwoord zochten ze in een elitair studentengenootschap met een duister geheim. Het moest niet zomaar slasherhorror met een willekeurig monster zijn, maar het verhaal zou iets zeggen over het Nederland van nu, net zoals een van hun grote inspiratiebronnen, de horrorcomedy Get Out, iets zegt over het Amerika van nu.

Buitenstaander 

Ares noemden ze het genootschap, naar de Griekse god van de oorlog. Ze schreven het verhaal vanuit het perspectief van een buitenstaander, Rosa, een ambitieus meisje van gemengde afkomst, half Surinaams, half Nederlands, dat zich achtergesteld voelt in de maatschappij en in Ares een middel ziet om naar de top te komen.

Ja, Netflix zag dat ook wel zitten: een enge young-adultserie die deels wordt geschoten in het Rijksmuseum en die gaat over het typisch Nederlandse fenomeen van studentencorpora. Ga maar maken, zei het bedrijf. Vrijdag staan de acht afleveringen van een half uur online, de eerste officiële Nederlandse Netflix-serie, te zien in 190 landen.

Nu, een paar dagen voor de lancering, zitten ze met zijn zevenen aan de tafel waar de serie gestalte kreeg: Thomas van der Ree (37), Sarah Offringa (26), Matthijs Bockting (32), Joost Reijmers (37), Pieter van den Berg (38), Bodil Matheeuwsen (26) en Michael Leendertse (37). Aan de muur hangt, naast een Star Wars-poster, een whiteboard met ideeën voor een volgende serie. De notitie ‘de geile notaris’ springt in het oog.

Schrijven in een collectief, hoe doe je dat eigenlijk? Begeesterd vertellen de scenaristen waarom ze geloven in het Amerikaanse model van een ‘writers’ room’.

De mannen vonden elkaar (de vrouwen kwamen er later bij) rond 2013 toen twee groepjes scenaristen, na hun afstuderen aan de filmacademie, een kantoortje kregen in hetzelfde antikraakpand. Leendertse, Van den Berg en Bockting noemden zich McFly, een ode aan Back To The Future. Reijmers en Van der Ree vormden het duo Winchester, vernoemd naar de kroeg uit Shaun of the Dead.

‘Die twee films laten een beetje zien van welke genres we houden’, zegt Leendertse. ‘Het mag voor een breed publiek zijn en lekker dik aangezet. We besloten de twee namen samen te voegen, waardoor het collectief nu klinkt als een rare Schotse whisky.’ Liefkozend korten ze de naam soms af als WinMac. 

Samen schreven ze mee aan series als Feuten, Smeris, Bureau Raamport, Riphagen en de film Bankier van het verzet, die dit najaar vijf Gouden Kalveren won, onder meer voor Beste film. Momenteel werken ze, onder leiding van Van der Ree, aan Vliegende Hollanders, een historische serie van Avrotros over de oprichters van KLM en Fokker. 

‘Showrunner’

Voor ieder project kiezen ze uit hun midden een andere ‘showrunner’, een concept uit Amerika dat betekent dat er een hoofdschrijver is die eindverantwoordelijk is voor de creatieve koers van de hele productie. Hij of zij staat dus nog boven de regisseur. 

‘In Nederland moeten we nog wennen aan die manier van werken’, zegt Leendertse, die hoofdschrijver was van Ares. ‘We hebben een traditie geënt op auteurschap, vooral vanuit regie. Dat komt omdat film een typisch auteursmedium is, één grote geest bepaalt alles. Maar een serie wordt door meerdere mensen geregisseerd. Het verhaal en de toon moeten bewaakt worden door iemand met het overzicht. Liefst iemand die meeschrijft.’

Vooral als het misgaat, is een eindverantwoordelijke belangrijk, zegt Leendertse. ‘Er kan een locatie niet doorgaan, geld kan op zijn, er gaat altijd iets mis, juist dan moet je kunnen terugvallen op het verhaal. Als het schip op de klippen dreigt te lopen, moeten niet zes paar handen aan het stuur rukken. Eén iemand moet zeggen: nu gaan we naar links.’

Steeds meer series werken nu op deze manier, al zijn er weinig vaste collectieven zoals WinMac. Veelal wordt een groep samengesteld voor een project. Andere collectieven zijn de Drama Queens (van Net 5-soap De Spa en de SBS 6-politieserie DNA) en De Mensen, van de Vlaming Nico Molenaar, showrunner van drugsdrama Undercover, de eerste Belgisch-Nederlandse Netflix-serie.

Een scenario van Winchester McFly begint altijd aan de tafel waar ze nu zitten. Iedereen mag ideeën spuien. Van der Ree: ‘Je hebt heel veel domme ideeën nodig om samen tot een goed idee te komen. Omdat wij met elkaar vertrouwd zijn, voelen we ons op ons gemak om maar wat te roepen.’

Reijmers: ‘Dat is de belangrijkste reden om in een groep te werken. Je komt sneller op betere ideeën. En daarna kun je het ook sneller uitwerken natuurlijk. We kunnen bovendien goed kritiek van elkaar hebben. Zo maken we de scripts voortdurend beter.’

Leendertse: ‘Als een producent langskomt om het scenario te bespreken, denkt hij dat het een eerste versie is, maar het is dan eigenlijk al de zevende.’

Lisa Smit en Jade Olieberg in Ares.

Inspiratie

Vaak gaan ze, op het tv’tje op tafel, naar voorbeelden kijken. Bij Ares was dat dus Get Out, maar ook andere veelgeprezen recente horrorfilms als It Follows en Hereditary. Wat werkt er zo goed aan, willen ze dan weten. Ze concludeerden dat de horror voortkomt uit een diepere laag die veelzeggend is voor de tijdgeest, over raciale spanningen in Get Out of preutsheid in It Follows.

Als ze samen de thematiek, de grove verhaallijn en de hoofdpersonen hebben bedacht, begint het ‘plotten’ – hoe komen de personages van punt A naar punt B? Als groep schrijven ze zoveel mogelijk ontwikkelingen die het verhaal kunnen voortstuwen op het whiteboard. Ze blijven brainstormen totdat ze de eerste aflevering hebben uitgewerkt.

Leendertse: ‘Eén van ons gaat dan aflevering één vast schrijven, terwijl de rest doorplot. En als de aflevering af is, komt die persoon terug met een eerste versie. En dan gaat iemand anders aflevering twee schrijven. Zo overlapt dat zo efficiënt mogelijk.’

Van den Berg: ‘Het is een zelfcontrolerend systeem, want degene die een aflevering aan het schrijven was, komt na een week terug en dan kun je het nieuwe verhaal aan hem of haar pitchen. ‘Snap jij nog welke kant we opgaan?’’

Offringa: ‘Er is geen betere leerschool dan zo’n collectief. Die functie heeft het ook.’

Ze gebruiken bij het plotten verschillende methodes door elkaar. Reijmers: ‘We geloven wel in The Hero’s Journey. Dat is oorspronkelijk een theorie van Joseph Campbell over welke stadia een held doorgaat. We hebben hier een hele kast vol met variaties daarop, bijvoorbeeld van Dan Harmon, de schrijver van Community en Rick & Morty.’ 

Het schrijverscollectief Winchester McFly, links vanaf boven: Matthijs Bockting, Sarah Offringa en Michael Leendertse; rechts vanaf boven: Thomas van der Ree, Pieter van den Berg, Joost Reijmers en Bodil Matheeuwsen.Beeld Pauline Niks

Reijmers vat de theorie samen: ‘Iemand probeert iets, dat lukt eerst niet en dan wel.’ Iedereen lacht. ‘Zo simpel is het natuurlijk niet. Maar dat kun je zo dramatisch mogelijk vormgeven. Wat zijn de obstakels waar een personage tegenaan loopt in de buitenwereld? En welke obstakels moet hij in zichzelf overwinnen?’

Leendertse: ‘Ons grote voorbeeld is Breaking Bad. Iedere aflevering, seizoenen lang, komt de kern van het verhaal terug. Alles draait om de vraag: hoe verandert Walter White van een onschuldige scheikundeleraar in een levensgevaarlijke drugsbaron? Wat was ook alweer de oorspronkelijke pitch?’

Bockting: ‘From Mr. Chips to Scarface.’

Stuwend plot

En de nadelen van schrijven in een collectief? Die kunnen ze niet echt bedenken. Zou het kunnen dat ze in een groep niet snel een zeer eigenzinnige toon zouden aanslaan, zoals in een Alex van Warmerdam-film? Leendertse: ‘Misschien, maar film is daarom ook een auteursmedium. Bij een serie die meerdere seizoenen loopt, is een stuwend plot veel belangrijker.’

Na acht maanden schrijven legden ze het verhaal in handen van de regisseurs, Giancarlo Sanchez (Mocro Maffia) en Michiel ten Horn (Aanmodderfakker), die er ook weer hun eigen visie op hadden. Naar verluidt leverde dat een paar keer flinke spanningen op. Leendertse: ‘Elke productie kent worstelingen en ook bij Ares waren er zeker botsingen. Dat kwam vooral doordat het de eerste Nederlandse Netflix-serie was; iedereen wilde het allerbeste. Natuurlijk heb je dan conflicten. Van die stress hebben we veel geleerd. Dan moet je teruggaan naar de vraag: wie heeft het overzicht? De showrunner dus.’

Bockting: ‘De eerste serie die geheel van een leien dakje gaat, wantrouw ik.’

Leendertse: ‘Ze zeggen ook wel: hoe leuker het maakproces, hoe minder goed de serie.’

Wat gebeurt er eigenlijk als ze een prijs winnen, is-ie dan voor het collectief? Leendertse: ‘Dan haalt de hoofdschrijver ’m op, maar het praatje zal zeker over WinMac gaan.’

Bockting: ‘Of we doen een wedstrijdje wie het eerst bij het podium is.’

De Nederlandse serie Ares wordt in het Engels nagesynchroniseerd – door de acteurs zelf
Rifka Lodeizen spreekt haar eigen tekst opnieuw in, in het Engels. En dat luistert nauw, wil het resultaat ergens naar klinken. ‘Inspreken is ook acteren.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden