De mythe van Ton en Tineke

Bijzonder smaakvol is de inrichting van het huis van Ton en Tineke, twee stripfiguren uit de jaren vijftig die nu opnieuw het licht zien. Wat opvalt, is dat tekenaar André Franquin zijn helden onophoudelijk laat worstelen met moderne apparaten.

Beeld Tekening van André Franquin uit Ton en Tineke Integraal.

In 1972 verscheen Umberto Eco's essay The Myth of Superman, waarin hij de geheugenloosheid van de Amerikaanse stripheld besprak die zich geestelijk noch lichamelijk ontwikkelt en in elke aflevering weer van voren af aan moet beginnen, zonder dat de tijd vat op hem krijgt. Dat had iets onbedoeld komisch, een groot geleerde die zich buigt over de existentiële besognes van een stripfiguur. Vandaag de dag doen ze bij 'culturele studies' niet anders, dus de nieuwigheid is ervan af. Maar een echo van Eco's grappige ernst weerklinkt in het voorwoord van Ton en Tineke Integraal, een heruitgave van de strip die André Franquin van 1955 tot en met 1959 tekende voor het weekblad Kuifje.

Beeld Tekening van André Franquin uit Ton en Tineke Integraal.

Modernisme

Hierin schrijft onderzoeker Augustin David: 'Franquin leeft in een tijd waarin de programmatische moderniteit van de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog en de gehechtheid aan de voorwerpen en tradities van een volk tegenover elkaar staan. (...) Met een sociale satire over het Dasein van de kleine bourgeoisie verwondert Franquin zich over deze aporie van het modernisme dat in eenzelfde contradictorische beweging de banden van de naoorlogse mens met zijn tastbare herinneringen verenigt en ontwricht.'

Huh? Pardon?

Met zijn ronkende dikdoenerij bedoelt David dat modern design in de jaren vijftig populair werd en dat striptekenaar Franquin daar in zijn gagstrip Ton en Tineke (in het Frans: Modeste et Pompon) gretig gebruik van maakte. In 1958 vond de Wereldtentoonstelling plaats in Brussel, waar het Atomium werd onthuld. Daarna begon de zegetocht van de 'atoomstijl' en vulden de interieurs zich met niervormige bijzettafeltjes, dunpotige zitbanken en Picassovazen. De gordijnen in het huis van Ton en Tineke zien er in elke stripaflevering weer anders uit, maar het dessin is altijd geometrisch en dus smaakvol.

In deze integrale uitgave is een bladzijde overgenomen uit de Pastoe-meubelcatalogus van 1956, die Franquin heeft geïnspireerd: veel berkenhout, primaire kleuren, open constructies. Hij bezat zelf een ranke fauteuil die al in 1951 was ontworpen door de Italiaanse designer Marco Zanuso, de wijnrode Lady, en het is precies die stoel waarin stripfiguur Ton zich graag ontspant.

Ruzie met dingen

Wanneer je na tachtig (!) bladzijden voorwoord dan eindelijk de bewuste strips gaat lezen, valt iets op waar David het gek genoeg niet over heeft, en dat is Tons ruzie met de dingen. Meer precies: met de dingen die in het moderne huishouden van toen waren opgedoken. Negen afleveringen gaan over heisa met de televisie, drie behandelen de stofzuiger, er wordt gestoeid met telefoons, met een strijkijzer, een vaatwasser (de Ton-o-Matic), diverse fototoestellen, een elektrische boor en dito blikopener, een snelkookpan, een pickup en een grasmaaier.

En dan hebben we nog niet eens over de vele haperende auto's die door de strip tuffen. De voorwerpen leiden een eigen leven en gehoorzamen totaal niet aan de wensen van het 'baasje', dat in de beste traditie van de slapstick wordt natgespoten, overreden en aangebrand.

Als je Ton en Tineke dan toch op diepzinnige toon wil duiden, kun je beter concluderen dat Franquin blijk gaf van een onbehagen in de cultuur van het moderne consumeren en de onbeheersbaarheid van elektrisch aangedreven hebbedingen. Apparaten zijn fremdkörper die - gestroomlijnd vormgegeven - het op de mens voorzien hebben. De toenemende technologisering van het dagelijks leven gaf dus toen al kopzorgen. Maar smaakvol was het wel.

De dingen in het moderne huishouden doen vaak niet wat Ton en Tineke willen. Beeld Tekening van André Franquin uit Ton en Tineke Integraal.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden