De lezende Lucebert

De baas van de boekenkast

Alle boeken in de latenschap van de dichter Lucebert (1924-1994) zijn geïnventariseerd. Meer Simenon dan Shakespeare - wat zegt dat over de schrijver/dichter?

Las de dichter en beeldend kunstenaar Lucebert op het toilet? Je zou dat kunnen veronderstellen als je bij nummer 1800 komt van de door Lucebert nagelaten bibliotheek: 6604 boeken en tijdschriften die door een werkgroep Boekwetenschap onder leiding van de Amsterdamse hoogleraar Lisa Kuitert zijn geïnventariseerd.

Op het papier van De lezende Lucebert vinden we daarvan een beknopte weergave, maar er is aan het boek een cd-rom toegevoegd met een uitgebreidere versie in zowel pdf- als excel-formaat. In die digitale catalogus lezen we bij nummer 1800: 'Er zit een wc-papiertje bij bladzijde 205.' Een beetje lezer veert dan op. Vooral als dat papiertje ook nog als bladwijzer dienst doet in Totem und Tabu van Sigmund Freud.

In al zijn nederigheid symboliseert zo'n velletje papier het probleem waardoor De lezende Lucebert gedomineerd wordt, en soms gehinderd. Mag je aan triviale feiten geleerde conclusies verbinden? Behalve de catalogus van Luceberts bibliotheek werden ook beschouwingen opgenomen van auteurs die kunnen gelden als experts op belangrijke onderdelen van de collectie: poëzie, beeldende kunst, fotografie, jazz, filosofie. Dat levert een massa bio- en bibliografische informatie op, maar de banden tussen Lucebert de lezer en de schrijver-kunstenaar blijken steeds weer heel erg dun te zijn, of misschien moeten we zeggen: moeilijk bewijsbaar.

Geregeld gaat de tekst meer over wat Lucebert níet in zijn kasten had staan dan wel. 'Waarschijnlijk weinig' concludeert Diana A. Wind met betrekking tot de invloed van fotoboeken op Luceberts eigen werk. 'Ondoenlijk' zegt Suzanne Héman over de kunstboeken. En als Gillis J. Dorleijn zijn bijdrage over Luceberts poëzie en de jazz besluit, pleit hij vooral voor een discografie van Luceberts jazzplaten.

Piet Gerbrandy lijkt die minimale oogst aan verbanden tussen boekenkast en kunstenaar al bij voorbaat te hebben doorzien. Zijn beschouwing - over de relatie van klassieke teksten en motieven met Luceberts werk - is ondanks alle bedenkingen de beste. Er is 'geen directe invloed', maar 'het leert ons in elk geval de mens achter de dichter beter kennen'. Dat lijkt me, in dit boekwetenschappelijke gezelschap, een gewaagde uitspraak, maar ik ben het wel met Gerbrandy eens.

Een avontuurlijke beschouwing over Lucebert als baas van zijn boekenkast ontbreekt echter. Terwijl iedere boekenkast toch in de eerste plaats het alter ego is van een lezer, en niet, zoals de ondertitel van De lezende Lucebert zegt, 'van een dichter'. Uit de vorig jaar verschenen 'autopsie' van de bibliotheek die door Bertolt Brecht werd nagelaten (4218 nummers) bleek precies hetzelfde. Hoewel Brecht bewust en gericht las om een voedingsbodem voor zijn eigen werk te krijgen, waren de concrete bewijsplaatsen voor invloeden, ontleningen of citaten minimaal.

Lucebert lijkt ook zeer vatbaar te zijn geweest voor het verzamelvirus, getuige de tientallen titels die hij in meer dan één editie in de kast had staan. Opvallend is ook hoeveel Franse auteurs hij niét in het Frans had. Of de meer dan tweehonderd misdaadromans, waaronder 33 titels van Georges Simenon (terwijl Shakespeare het met 30 uitgaven moet doen).

De kunstenaar die Lucebert was, zal ook gevoelig geweest zijn voor de uiterlijke vorm van het boek. Kocht hij uitgaven uitsluitend om die reden? De beschrijving zegt niets over de boekverzorging van de titels, met uitzondering van enige prachtige, ook fotografisch vertoonde 'eigenhandig gerestaureerde' exemplaren. Die dateren uit Luceberts armlastige jaren, waarin hij maar net genoeg geld had om een rolletje plakband te kopen.

Zegt de hoeveelheid plakband iets over een lezer? En dan zijn er nog de curiosa waarvan je denkt: hee, had hij dat boek ook? Akbar del Piombo's collageroman The Boiler Maker; boeken over de

georganiseerde misdaad in New Orleans en San Francisco van Herbert Asbury.

Dat zijn allemaal handvatten waarmee je Luceberts nagelaten boekenkast te lijf kunt gaan, en dat heeft ook Lisa Kuitert begrepen als ze schrijft dat veel boeken om 'een nadere biografische duiding' vragen. Haar voorbeeld: 'Astrologie en uw seksuele leven, van Jack F. Chandu'.

Met alle respect voor het wetenschappelijk geweld dat in De lezende Lucebert op die arme boekenkast is losgelaten, lijkt de hoogste waardering te moeten gaan naar de werkgroep die de 6604 boeken heeft betast en schreven. De bijgevoegde cd-rom had nog wel wat extra redactie kunnen gebruiken. In de pdf zijn in de belangwekkende kolom met gebruikerssporen soms delen van de beschrijving weggevallen, en in de beschrijving van de opdrachten lijkt weinig systeem te zitten. Het excel-overzicht laat zich slechts met tegenzin sorteren.

Toch vormt het geheel een intrigerende plaatsvervangende boekenkast, eigenlijk niet eens voor Lucebert-kenners maar vooral voor boekenliefhebbers in het algemeen. Omdat het altijd aangenaam is in andermans boekenkast te neuzen en 'de mens' daarachter te ontdekken, of ten minste te vermoeden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden