De lectuur van een verwoed krasser

Shakespeare bracht zijn fantasie op hol maar met Goethe kon hij niet veel. Timothy W. Ryback tracht de gedachten van de hartstochtelijke maar selectieve lezer Adolf Hitler in kaart te brengen....

Over Hitler en zijn Derde Rijk wil men nooit uitgeschreven raken. De goede smaak, het collectief schuldgevoel en de fascinatie voor de finale ontsporing van een fout regime sluiten de mogelijkheid uit dat het dossier ooit zal worden gesloten. Elke generatie vindt nieuwe thema’s en nieuwe invalshoeken.

Timothy W. Ryback, directeur van het in Salzburg gevestigde Institute for Historical Justice, heeft een zinnige aanvulling op de bestaande bibliografie over het Derde Rijk geleverd. In Hitlers privébibiotheek probeert hij aan de hand van ’s mans boekenverzameling – die op een zeker moment enkele tienduizenden banden bevatte – een indruk te krijgen van de geestelijke ontwikkeling die de eigenaar tijdens zijn politieke loopbaan onderging. Voorwaar een waagstuk. Want de notie van Hitler als de man die de boeken van ‘on-Duitse’ schrijvers liet verbranden, is onverenigbaar met het beeld van een selectief maar hartstochtelijk lezer. De belezenheid die Ryback Hitler niet wil ontzeggen, suggereert bovendien een zeker vermogen tot reflectie.

Noodgedwongen moet Ryback gissen naar Hitlers leesgedrag en naar de invloeden die hij onderging. Uit ezelsoren, onderstrepingen en andere sporen van gebruik meent de auteur te mogen opmaken welke boeken Hitler metterdaad heeft gelezen, en hoe hij hun inhoud heeft verwerkt.

Zelf heeft Hitler zich zelden uitgelaten over zijn literaire voorkeuren. Bekend is dat hij Shakespeare superieur achtte aan Goethe en Schiller. Ryback denkt te weten waarom. ‘Terwijl Shakespeare zijn fantasie voedde met de veelvormige krachten van het verrijzende Britse rijk, verkwanselden deze twee Teutoonse toneelschrijvers annex dichters hun talent aan verhalen over midlifecrises en rivaliteit tussen broers en zussen. Hoe kwam het, vroeg hij (Hitler) zich eens af, dat de Duitse Verlichting Nathan de Wijze voortbracht, het verhaal over een rabbijn die christenen, moslims en joden verzoent, terwijl het aan Shakespeare was om de wereld De koopman van Venetië en Shylock te schenken?’

Uit de maagdelijke staat waarin Ryback Der Mythus des 20. Jahrhunderts aantrof, maakt hij op dat Hitler het ontoegankelijke en vuistdikke boek van zijn chef-ideoloog Alfred Rosenberg niet heeft gelezen. Hij heeft daarentegen verwoed zitten krassen in het antisemitische, onder auspiciën van autofabrikant Henry Ford tot stand gekomen verzamelwekr The International Jew, in de werken van Nietzsche en Schopenhauer (aan wie Hitler als Schoppenhauer – met dubbel p – refereert), in een boek over de strateeg Alfred von Schlieffen (die in 1905 al op de strategische ligging van Duinkerken had gewezen), en in een biografie van Frederik de Grote die hij vlak voor de ineenstorting van nazi-Duitsland las om te worden gesterkt in zijn geloof in een miraculeuze wending van de krijgskansen.

Met de grootspraak die hem eigen was, liet Hitler zich erop voorstaan een, soms wel twee boeken per nacht te lezen. Als frontsoldaat in Vlaanderen verdiepte hij zich in de bouwkundige geschiedenis van Berlijn en Brussel. Het eerste meubelstuk dat hij met eigen geld aanschafte, was een boekenkast. ‘Boeken, boeken, boeken. Ik kan me Adolf niet herinneren zonder boeken’, herinnerde een jeugdvriend zich. Als Führer van het Grootduitse Rijk las hij vaak tot de dageraad. In die gewoonte kwam geen verandering tijdens de campagne tegen Frankrijk in 1940. Zijn hoofdkwartier, dat was ondergebracht in een barak, was zo gehorig dat veldmaarschalk Wilhelm Keitel ’s nachts kon horen hoe Hitler de bladzijden omsloeg.

Over Hitlers leesvaardigheid lopen de meningen uiteen. Volgens Wehrmacht-generaal Franz Halder was Hitler slechts in staat de vergaarde kennis te reproduceren. Joseph Goebbels echter, verklaarde Hitler tot genie nadat hij hem een verhandeling over Friedrich Schiller en George Bernard Shaw ten beste had horen geven. Over zijn eigen literaire kwaliteiten was Hitler – wiens Mein Kampf tot de best verkochte boeken aller tijden behoort – betrekkelijk bescheiden. ‘Ik ben geen schrijver’, verklaarde hij tegenover zijn medestrijder Hans Frank na lezing van een boek van Mussolini. ‘Als ik er in 1924 enig benul van had gehad dat ik Rijkskanselier zou worden, had ik dat boek (Mein Kampf) nooit geschreven.’

Hoewel Rybacks boek niet helemaal vrij is van speculatieve elementen, is het een buitengewoon bruikbare kapstok voor biografische flarden en anekdotes. Zo lezen we dat de actrice en filmmaakster Leni Riefenstahl Hitler in 1933 de eerste editie van de verzamelde werken van de filosoof Johann Gottlieb Fichte schonk, in een poging weer in zijn genade te worden opgenomen.

Kort tevoren, tijdens een lunch in de tuin van de Rijkskanselarij, had Riefenstahl haar bezorgdheid over het lot van de Duitse Joden uitgesproken. De gastheer reageerde betrekkelijk beheerst. ‘Ik respecteer u. Maar ik wil u vragen niet met mij over een onderwerp te spreken waar ik me ongemakkelijk bij voel.’ Hitler beëindigde het samenzijn, en vroeg een bediende Riefenstahl naar haar auto te begeleiden.

De vindingrijkheid waarmee Ryback zijn materiaal heeft geordend, ontbreekt volkomen bij Henrik Eberle. Deze historicus – werkzaam aan de universiteit van Halle – heeft brieven geselecteerd die Hitler in de periode 1925-1945 heeft ontvangen. Het gaat om lofproza bij de geschenken die dankbare burgers hun Führer toezonden, om ongevraagde (en onwelkome) adviezen van geestverwanten, om verzoeken om hulp, en – een enkele keer – om een kritische kanttekening bij de ‘nieuwe orde’.

De documenten zijn nooit eerder gepubliceerd, verklaart Eberle trots. Na lezing van een eindeloze reeks slecht geschreven briefjes van boze, bange, dociele of dankbare burgers kan de lezer vaststellen dat daar ook geen enkele reden voor was.Sander van Walsum

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden