De laatste middagen met Teresa

Manolo ruikt de collectieve geluksneurose

Eindelijk is de indrukwekkende roman van Marsé over het kwade geweten van de Catalaanse bourgeoisie in het Nederlands vertaald.

De Catalaanse bourgeoisie heeft geen goede naam in de literatuur. Moeilijk te begrijpen is dat niet. Zo zette de burgerij van Barcelona na de overwinning van Franco in 1939 niet de hakken in het zand, maar schurkte ze zo dicht tegen de dictatuur aan als nodig was om haar eigen machtspositie te consolideren. Pragmatisch, zo vonden ze zelf. Opportunistisch en hypocriet, zo meenden veel Catalaanse schrijvers.

Het weggemoffelde kwade geweten van de Catalaanse bovenklasse is in weinig romans zo indrukwekkend verbeeld als in De laatste middagen met Teresa (1966). Het is de tweede en misschien wel beste roman van Juan Marsé, die nu gelukkig eindelijk ook in het Nederlands is vertaald.

De roman heeft een flinterdunne plot. De jonge Andalusische sjacheraar Manolo Reyes trekt halverwege de jaren vijftig van de vorige eeuw naar Barcelona. Daar papt hij aan met een politiek geëngageerde studente uit een rijke familie, Teresa Serrat. Hij beschouwt haar als een paspoort naar een beter leven, zij ziet de aantrekkelijke motordief aan voor een revolutionaire arbeider. Deze combinatie blijkt maar een beperkte houdbaarheid te hebben. Na een veelbewogen zomer waarin ze iets met elkaar krijgen, belandt Manolo in de gevangenis en trekt Teresa zich terug in de veilige schoot van haar sociale klasse.

De laatste middagen met Teresa is in Spanje vooral geprezen vanwege de bijtende ironie waarmee de roman het saloncommunisme van de naoorlogse bourgeoisgeneratie aan de schandpaal nagelt. Dat is niet verwonderlijk met het oog op de tamelijk talrijke verholen en minder verholen verwijzingen naar historische gebeurtenissen en figuren, waaronder de studentenopstand van 1956 in Barcelona en de communistische balling Jorge Semprún, die hier wordt aangeduid met zijn schuilnaam Federico.

Toch is het niet de ontluisterende visie op het linkse studentenverzet die deze roman zo bijzonder maakt. Veel belangrijker is de indringende manier waarop Marsé gestalte heeft gegeven aan de Andalusische immigrant en de stad waarin hij zijn geluk komt zoeken. Dankzij Marsés dampende pen groeit Manolo uit tot een personage met mythische proporties. Hij is de ambitieuze, solitaire allochtoon die wordt beheerst door het idee dat zijn leven een hogere bestemming heeft dan hij op grond van zijn afkomst geacht wordt te verwachten.

Manolo's overtuiging is doordrenkt van een intense sensualiteit die niet alleen zijn doen en laten kenmerkt maar ook het naoorlogse Barcelona waarin hij zich beweegt. Het is een stad waarin hij nergens thuis is: niet in het rijke deel, maar ook niet in het arme deel. Zelden werd het naoorlogse Barcelona zo zintuiglijk verbeeld als in De laatste middagen met Teresa. Manolo registreert, om een voorbeeld te noemen, 'met zijn bijzonder gevoelige neus de wijdverbreide, collectieve geluksneurose, evenals de schitterende faam van het geld, die zich als goudkleurige honing overal verspreidt tot in de meest afgesloten terreinen langs onze Middellandse Zeekust, en die in het zonnegeweld zweeft als een kiem van waarachtig leven en soms, in bijzonder warme nachten waar geen einde aan lijkt te komen, doordringt in het bloed, zoals alcohol.'

Teresa's levensgevoel steekt pover af bij dat van Manolo. Beiden voeren, zoals Marsé het uitdrukt, strijd met hun lot. Maar waar Manolo's verlangens dankzij hun onvoorwaardelijke karakter en grote verbeeldingskracht een diepe indruk achterlaten, daar worden die van Teresa ontmaskerd als gratuit politiek toerisme. Zij denkt dat ze een misfit is, hij is het in hart en nieren. Toch is Teresa meer dan een karikatuur van de Barcelonese gegoede burgerij. Ze is ook aantrekkelijk en zelfs een beetje aandoenlijk. Maar alles wat mooi is aan haar heeft ze te danken aan Manolo's bezielende kracht, niet aan zichzelf.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden