De kunst van Feigl vergeet je niet snel

Het buldert, het golft en het draait. Komt dat zien in Vlaanderen: de enorme machines van de Amsterdamse kunstenaar Zoro Feigl.

Beeld Sanne De Wilde

Zoro Feigl (32) laat machines draaien, rollen en meppen, alsof ze bezield zijn. Ze lijken te dansen en steeds nét niet op hol te slaan. Die stoere kunstwerken oefenen een bijzondere aantrekkingskracht uit. En ze lijken steeds groter en vervaarlijker te worden. Sinds de in Amsterdam geboren Feigl, uit Nederlands-Oostenrijkse ouders, in 2007 afstudeerde aan de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam, dook zijn kunst op in tentoonstellingen in Instanbul, Peking, Berlijn en Moskou. En hij wint prijzen, zoals in 2013 de publieksprijs bij de Volkskrant Beeldende Kunst Prijs en in 2015 de prijs voor beste presentatie op Art Rotterdam Intersections.

Als je een kunstwerk van Feigl hebt meegemaakt, vergeet je dat niet snel. 'Kijken' is niet het goede woord, het is alsof je wordt uitgenodigd mee te dansen. Neem Poppy, een reusachtig rood zeildoek dat hangt aan een draaiende schijf die aan het plafond is bevestigd. Als dat draaien begint, met bulderend kabaal, splitst het publiek zich op in de mensen die op Poppy af rennen en eronder gaan staan en de mensen die er juist vandaan vluchten.

Feigl blijkt uiteraard van het eerste type. En kan van onderaf, van binnenuit eigenlijk, het werk van commentaar voorzien: 'Kijk, die vijf golven, die ken ik wel. En ik weet ook dat ze gaan omslaan straks, zie je dat?' Poppy hoort thuis in de Verbeke Foundation in Oost-Vlaanderen, de plek waarnaar Feigl steeds terugkeert. Dit is het eigenaardige rommelige kunstdomein van de Vlaamse kunstverzamelaar Geert Verbeke. Expositieruimte, werkplaats en opslag ineen. Zijn 'buitenatelier', noemt Feigl het. In de werkplaats kan hij lassen, zijn grootste installaties passen makkelijk in de loodsen. En hier heeft hij zijn eerste overzichtstentoonstelling.

Dierentemmer

Wanneer hij rondleidt, valt op dat hij zelf zijn ogen niet van zijn kunst kan afhouden: 'Ik vind het moeilijk mijn werken alleen te laten, ik wil zien wat ze doen', zegt hij. Want hij kent zijn kunstwerken nooit helemaal. 'Ik vergelijk mezelf vaak met een dierentemmer, ik probeer hun bewegingen te bepalen. Maar je moet er toch niet aan denken dat je een hond hebt die nooit iets onverwachts doet?'

Dat 'temmen' van Feigl houdt nooit op. Terwijl we rondlopen door de tentoonstelling blijkt Chain, een ketting die aan een autoband hangt en snel ronddraait, zich niet te bewegen naar zijn zin. Een goedgemikte trap lost dat op. Dat temmen is niet zonder risico; soms krijgt hij zelf een tik van een kunstwerk. 'Daardoor heb ik ook respect voor mijn kunstwerken, ik pas echt wel op. Af en toe maak ik me wel zorgen om toeschouwers, die zijn minder voorzichtig.'

Feigl groeide op tussen kunst. Met beide ouders in de kunstscene (zijn vader als kunstenaar, zijn moeder als schrijfster en kunstenaar) was dat onvermijdelijk. 'We gingen naar een heleboel musea, maar ik had er niet zo veel interesse in.' Kunst was zo aanwezig, dat er voor Feigl niks romantisch was aan het kunstenaarschap. 'Een vriend van mijn ouders paste weleens op mij en dan kwam ik in zijn atelier. Als ik later die schilderijen in een galerie zag en hoorde hoe ze erover praatten, dacht ik: wat doen ze daar nou moeilijk over? Ik heb toch zelf gezien hoe het is gemaakt!'

Beeld Sanne De Wilde

Dat zijn fascinatie voor 'hoe de dingen in elkaar zitten' met kunst te maken had, kreeg hij pas later door. 'Ik ging naar de open dag van de studie natuurkunde. Daar werd ik teleurgesteld. Ze waren alleen met formules bezig, ik wilde vooral proefjes doen.'

Hij koos de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht, richting design. Daar waren zijn docenten niet tevreden. Hij hield zich niet aan de opdrachten en begreep niet waarom dat een probleem was: 'Ik zei tegen hen: 'Ik moet toch maken wat ik wil maken, niet wat jullie zeggen?' Dat klopte kennelijk niet. Ik was dus een slechte student die het erg naar z'n zin had.' Toen werd het de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam, richting autonome beeldende kunst.

Hij besteedde er de meeste tijd in de metaalwerkplaats. Samen met zijn klasgenoot Oscar Peters, met wie hij nog steeds samenwerkt, maakte hij voor zijn afstuderen in 2007 Sugarstorm, een suikerspinmachine met een ventilator eronder, zodat de zoete vlokken boven de machine gingen zweven. Daarna studeerde hij verder aan het Hoger Instituut voor Schone Kunsten in Gent.

Verbekes 12 hectare kunst

In 2003 besloot de Vlaamse kunstverzamelaar Geert Verbeke zijn transport- en overslagbedrijf in Kemzeke te verkopen om zich helemaal op kunst te richten. Op het voormalige bedrijventerrein in Oost-Vlaanderen - van 12 hectare - zijn de loodsen en kassen gevuld met kunst. Sinds juni 2007 is de Verbeke Foundation geopend voor publiek. Verbeke begon met het verzamelen van Belgische collages en assemblages, maar breidde zijn collectie uit met sculpturen en installaties. Een van de bouwsels op het terrein is de CasAnus van Atelier van Lieshout: een endeldarm waarin je kunt overnachten.

Dansende boom

Als Feigl probeert uit te leggen waar hij naar zoekt, komt hij uit bij: 'Dat het spannend wordt.' Elk mechaniek dat hij verzint, observeert hij eerst een poos, terwijl hij experimenteert. Hij past de snelheid aan, verandert de opstelling, hangt misschien alles een keer ondersteboven of scheef. 'Verplicht spelen', noemt hij dat. Dat betekent niet dat Feigl alleen maar met praktische overwegingen bezig is. Gevraagd naar een reeks stuiterende hoepels rond een metalen stang (Hoop, 2015), en waarom het er zes moeten zijn, zegt hij: 'Dat is een esthetische beslissing, dat kan ik niet uitleggen.'

En als hij vertelt over de kluwen brandweerslangen (Pressurizing, 2010) die worden opgeblazen en dan langzaam leeglopen, lijkt een tekenaar aan het woord over een compositie: 'Deze slangen mogen niet de grond raken, maar wel de muur. En ze moeten elkaar op een mooie manier kruisen. Die regels ontstaan vanzelf.'

Voor deze tentoonstelling laat Feigl niet alleen levenloze dingen bewegen. Er staat op het terrein van Verbeke Foundation een jonge treurwilg in een houten bak. Als de kunstenaar op een rode knop drukt, gaat die levende boom ronddraaien. Een bizar surrealistisch effect, zo'n dansende boom.

Beeld Sanne De Wilde

Robotarmen

Op de werkplaats laat hij zijn nieuwste speeltjes zien: drie robotarmen. Samen met Geert Verbeke vond hij ze bij een metaalschroothandel. Hij probeert ze nu uit, hier in zijn buitenatelier: 'Iemand waarschuwde me dat zo'n robotarm kan gaan wiebelen als-ie hard beweegt.' Zoiets moet je net tegen Feigl zeggen, natuurlijk ging hij dat uitproberen. Inmiddels is zijn plan zo'n loeizwaar apparaat te laten springen. 'Een groot deel van mijn werk bestaat eruit dat je iets gebruikt op een andere manier dan de bedoeling is. Al moet je als dierentemmer natuurlijk wel elke keer oppassen als je je hoofd in de muil van een wild dier steekt.'

Twee dagen na de afspraak in de Verbeke Foundation staat op Feigls facebook-pagina dat hij helaas even onbereikbaar is: zijn iPhone is door een kunstwerk 'opgegeten'.

Bewogen beweging, t/m 30/10 in de Verbeke Foundation, Kemzeke (Stekene), België.

Beeld Sanne de Wilde
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden