Beschouwing

De kinderen van Ruinerwold: ‘Mijn vader zei altijd: als we niet in deze tijd leefden, had ik jullie allang vermoord’

Filmmaker Jessica Villerius volgde de vier oudste kinderen van de vader die een deel van zijn gezin in een boerderij in Ruinerwold jarenlang afschermde van de buitenwereld. Hoe maak je een documentaire over een familiegeschiedenis waarin de belevingen zo uiteenlopen?

null Beeld Privé-archief
Beeld Privé-archief

Shin, 31 jaar, kijkt bedeesd in de camera. ‘Ik denk dat ik 12, 13 was’, zegt hij. ‘Ik had een slechte geest.’

Hij vertelt over een van de dingen die zijn vader Gerrit Jan van D., de man die later zes andere kinderen bevangen door zijn eigen religie jarenlang verborgen hield voor de buitenwereld op een boerderij in Ruinerwold, met hem deed.

Aanvankelijk werd Shin een tijdlang verbannen naar de zolder. Tot hij op een dag thuiskwam van school en zijn vader zei: ‘Je mag niet meer naar binnen, blijf maar in de schuur.’ ‘Op een gegeven moment kwam hij me daar gewoon niet meer ophalen’, zegt Shin. ‘In de schuur was een hondenhok met wat hooi erin. Nou. Dan ga je daar maar in slapen. Naast de hond liggen. Die was warm.’

Zo werd hij door zijn vader jarenlang afgezonderd van zijn broers en zusjes. ‘De volgende dag moest je dan naar school. Je zorgde dan dat je er een soort van fatsoenlijk uitzag. En dan ging je weer.’

Hij lacht onzeker.

Want ja, hij weet hoe vreemd alles klinkt.

*

Wilt u dit artikel liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie

De zaak-Ruinerwold in het kort

Op 14 oktober 2019 wordt ontdekt dat Gerrit Jan van D. negen jaar lang met zijn zes jongste kinderen in een boerderij in het Drentse Ruinerwold afgezonderd van de buitenwereld heeft geleefd, in de ban van een eigen religie. De Oostenrijkse klusjesman Josef B. doet boodschappen voor hen. Hun moeder is in 2004 overleden aan kanker. Drie oudere kinderen zijn het gezin al voor hun intrek in de boerderij ontvlucht. Pas nadat zoon Israel de boerderij ontglipt, leggen hij en zijn broers en zus belastende verklaringen af over hun vader. Gerrit Jan van D. wordt verdacht van vrijheidsberoving, mishandeling en seksueel misbruik. Maar de rechtbank besluit in maart 2021 dat hij niet strafrechtelijk kan worden vervolgd. Door een hersenbloeding die hem in 2016 trof, zou een eerlijk proces onmogelijk zijn.

Het is een van de indringende scènes uit de vierdelige documentaire De kinderen van Ruinerwold, die filmmaker Jessica Villerius maakte nadat ze begin november 2019 in contact was gekomen met de vier oudste kinderen van Van D. Ze volgde hen bijna anderhalf jaar van dichtbij en werd hun vertrouwenspersoon.

De Volkskrant bekeek de eerste drie afleveringen van de reeks die vanaf woensdag wordt uitgezonden − aflevering vier was nog niet af − en sprak met Villerius over haar kijk op de familiegeschiedenis en haar werkwijze. ‘Ik ben geen journalist’, zegt ze daarover meteen. ‘Dit is geen journalistieke productie. Voor mij was de vraag: wat is er volgens de kinderen gebeurd in dit gezin? Het is hun verhaal.’

Bij ‘hun’ past een belangrijke kanttekening. Ondanks de titel, en hoewel de boerderij een prominente rol heeft in het intro, is De kinderen van Ruinerwold vooral het verhaal van de kinderen die nooit in de inmiddels beroemde boerderij in Ruinerwold hebben gewoond. De verschrikkingen die met name deze oudste drie kinderen uitgebreid beschrijven, speelden zich eerder en elders af. Ze ontvluchtten het gezin nog voordat hun vader in 2010 besloot in Ruinerwold zijn eigen heimelijke Hof van Eden te stichten. Alleen Israel woonde daar wel, negen jaar lang. Ook hij deed uitgebreid zijn verhaal, onder meer over zijn vlucht uit de boerderij.

De jongste vijf kinderen, inmiddels ook allemaal volwassen, stonden aanvankelijk ook welwillend tegenover medewerking aan de documentaire, maar haakten na één filmdag af − waarover later meer.

De documentaire laat zien hoe vader Gerrit Jan zijn kinderen om de beurt tot zondebok maakte en tegen elkaar uitspeelde. Zo kregen ze te horen dat Shin Gods wereld kapot maakte. Dat ze met zijn allen modder naar hem moesten gooien, terwijl hij in zijn onderbroekje buiten stond. ‘Zo hield hij de kinderen in het gareel’, zegt Villerius.

Fijn voelde Shin zich vooral als hij ‘gewoon alleen’ was.

null Beeld Claudie de Cleen
Beeld Claudie de Cleen

*

‘Het beste is er helemaal niet over te praten en op school te doen alsof jullie broertjes en zusje er niet zijn. Dat is ons geheimpje. Wij hebben samen een geheimpje met God. En dat mag niemand weten. Anders stoppen ze papa misschien wel in de gevangenis. Dat wil je toch helemaal niet?’

Het is 28 oktober 1999 als Gerrit Jan van D. zijn drie oudste kinderen indringend toespreekt, te horen op een bewaard gebleven audio-opname. Shin (10), Mar Jan (8) en Edino (6) gaan dan nog gewoon naar school. Dat ze inmiddels twee broertjes en een zusje hebben van 5 en 4 jaar, daarover moeten ze zwijgen.

Het is een scharniermoment in een familiegeschiedenis die voor de oudste kinderen wordt getekend door indoctrinatie, verdeeldheid en afzondering − vaak ook fysiek.

Twintig jaar later, op 14 oktober 2019, wordt het gezin ontdekt in boerderij Ruinerwold. De oudste drie van inmiddels negen kinderen zijn hun vader dan al jaren ontvlucht. De zes jongste kinderen zijn inmiddels allemaal volwassen. Maar ze zijn nooit naar school geweest, stonden nooit ingeschreven in de basisadministratie, hebben voor de buitenwereld niet bestaan.

Het leidt tot grote maatschappelijke verontwaardiging: hoe kan een familie zo onder de radar blijven? En wat heeft zich allemaal afgespeeld in dat gezin, dat onder aanvoering van een man die zich als ‘Aartsvader’ zag in de ban van een eigen geloof zou zijn geraakt?

De zaak komt aan het licht als Israel, een van de zes kinderen in Ruinerwold, ontsnapt uit de boerderij. Op een nacht glipt hij weg en stapt naar de politie. ‘Hij had er twee jaar over nagedacht’, zegt Villerius. ‘Hij is heel erg bang geweest. En eenzaam. Zijn vader had hem altijd verteld dat hij in zijn hoofd kon kijken. Eigenlijk geloofde Israel niet dat dat kon. Maar hij dacht: wat als ik het mis heb? Wat als mijn vader wél aan mijn ogen kan zien dat ik plannen maak om weg te komen?’

Na zijn ontsnapping legt hij net als zijn oudere broers en zus verklaringen af bij de politie. Volgens de oudste vier is er sinds 1989 dertig jaar lang sprake geweest van gijzeling, op meerdere locaties. Ze vertellen hoe hun vader hen daarnaast manipuleerde, strafte, eten onthield en hen vaak dagen- of soms wekenlang liet bidden. Het Openbaar Ministerie merkt Gerrit Jan van D. daarop aan als verdachte van vrijheidsberoving, mishandeling en seksueel misbruik van twee van hen.

Met hun verklaringen nemen de oudsten afstand van hun vader. Maar het komt nooit tot een veroordeling. Niet omdat Van D. onschuldig is, maar omdat zowel het Openbaar Ministerie als de rechtbank na lang onderzoek besluiten dat ze een eerlijk proces onmogelijk achten. Van D. heeft in 2016 een hersenbloeding gehad, waardoor hij bovendien halfzijdig verlamd is geraakt, niet meer kan praten en een begripsstoornis heeft. Vervolgen is onmogelijk, besluit de rechtbank eerder deze maand.

Villerius herinnert zich het eerste contact. Hun vader is dan nog maar net opgepakt. ‘Een enorm team van politie en hulpverleners hield zich op dat moment met de kinderen bezig. De druk was enorm. Zowel internationale als nationale media waren op hen aan het jagen. Het was heel heftig en intimiderend.’

Behalve de zorgen over het welzijn van de kinderen, bespreken ze ook hoe om te gaan met de overstelpende media-aandacht. Allerlei opties komen op tafel: een mediatraining, een interview met een krant, een documentaire. De kinderen kiezen voor het laatste. ‘Een van de agenten kende mij, belde me en bracht me in contact met de hulpverleners.’

De politie vond het een mooie oplossing om van de media-aandacht af te komen, zegt G. (25), de oudste van de jongste vijf kinderen daarover na vragen van de Volkskrant. ‘Als de andere journalisten zouden horen dat Jessica Villerius het exclusieve recht heeft om het verhaal van de kinderen naar buiten te brengen dan zouden de journalisten ophouden met de oudsten te benaderen.’

Villerius vertelt over haar ontmoeting met Israel (dan 25), een jongen met een open, bijna engelachtige blik. Ze geeft hem een hand. En terwijl ze met hem praat, blíjft hij haar hand maar vasthouden. ‘Dat ontroerde me zo’, zegt ze. ‘Hij was pas drie weken buiten en hij had eigenlijk alleen nog maar politiemensen en hulpverleners gezien.’

Ze ontmoet hen op een afgeschermde locatie. ‘Ik betrapte mezelf erop dat ik een soort holbewoners verwachtte. Maar dit waren knappe, intelligente mensen met humor en een slim soort cynisme, waarvan ik dacht: waar heb je dat geleerd?’

Ze praten een hele avond. ‘Ik heb hun gezegd dat ze aan niemand verantwoording verschuldigd waren’, zegt Villerius. ‘Ik zei: we gaan het doen, maar zodra dit niet goed meer voelt, gooi ik de opnamen weg.’

‘Ze hadden er tot dan toe nog nooit met iemand over gesproken. Hun relaties waren amper op de hoogte, die wisten ook helemaal niet hoe erg het was. Dat had met angst te maken. Ze waren al die jaren heel erg bang dat hun vader hun broers en zusjes iets aan zou doen. Dat hij hen zou doden. Niemand wist immers dat ze bestonden.’ In de film zegt Edino: ‘Mijn vader heeft altijd gezegd: als we niet in deze tijd leefden, dan had ik jullie allang vermoord.’

‘Als maatschappij hebben we zo veel signalen gemist over dit gezin’, zegt Villerius. ‘De omgeving, politie, hulpverleners, school, de gemeente. Iedereen heeft het gemist. Daar lig ik ’s nachts weleens wakker van. Dat grijpt me naar de keel. Dan denk ik: wat is er nog meer dat wij niet weten?‘

null Beeld Claudie de Cleen
Beeld Claudie de Cleen

*

De documentaire bevat een aantal heftige beelden en interviews. Op een filmpje van vroeger is te zien hoe vader Gerrit Jan een jong dochtertje mishandelt door haar hard van een stoel te gooien. De beelden bleven bewaard doordat Van D. de gewoonte had alles vast te leggen, om zijn ‘volgelingen’ te evangeliseren.

Ook zijn er passages waarin de oudste dochter en een zoon, terughoudend, vertellen over seksueel misbruik. Hun vader zou menen dat de geest van hun in 2004 aan kanker overleden moeder in hen was gevaren. Zijn kinderen moesten dit toneelstuk uren-, soms dagenlang volhouden.

Dochter Mar Jan laat merken hier eigenlijk niet over te willen praten. ‘Op dat moment lukte dat niet’, zegt Villerius. ‘Edino vond het heel belangrijk om het te doen. Later zei Mar Jan dat ze het nu wel zou kunnen. Maar ik vond het eigenlijk niet nodig. Het is goed om te laten zien − ook aan andere incestslachtoffers − dat het helemaal niet zo makkelijk is om zoiets te vertellen.’

De ontwikkeling die de vier doormaakten, raakt haar. De oudste drie slaagden erin om zelf een leven op te bouwen, zonder professionele hulp. ‘Ze hadden geen bankrekening, geen paspoort, geen huis, geen familie’, zegt ze. ‘Israel krijgt nu wel begeleiding en hij blijkt een ongelooflijk sociale jongen van 27. En megaslim.’

Maar ze waarschuwt ook. ‘Als je oppervlakkig naar hen kijkt, dan denk je misschien: die zijn goed opgedroogd. Maar die buitenkant is verraderlijk. Daarmee doe je ze tekort. Want ze zijn ook echt beschadigd. Ze zijn nu pas met psychologen aan het praten.’

Zo vertelt zoon Edino in de film dat hun vader hen ’s nachts in hun slaap soms aan hun haren naar beneden sleurde om hen te straffen. Nog altijd voelt hij angst als mensen onverwacht de kamer binnenkomen.

null Beeld Claudie de Cleen
Beeld Claudie de Cleen

*

Villerius heeft getwijfeld over de titel. ‘Feitelijk zie je in mijn film maar één ‘kind van Ruinerwold’, erkent ze. ‘Maar de oudste kinderen hebben niet minder recht van spreken omdat zij alle horror in een andere woonplaats hebben doorstaan. De zender wilde natuurlijk heel graag ‘Ruinerwold’ in de titel. Daar is lang over gesteggeld. Ik snap waarom het moet, maar ben er niet dol op.’

De jongste vijf kinderen, die wél een groot deel van hun jeugd in Ruinerwold doorbrachten, namen eerder expliciet afstand van de aantijgingen aan het adres van hun vader. ‘Mijn vader heeft ons een gelukkig eerste deel van ons leven gegeven en nu geven wij hem graag een gelukkig laatste deel hier op aarde’, verklaarden ze eerder. Ze ontkennen het seksueel misbruik van hun broer en zus niet, maar zijn ervan overtuigd dat hun vader van doen had met de geest van zijn overleden vrouw.

Aanvankelijk was de bedoeling dat ook zij zouden meewerken aan de documentaire. Villerius sprak met hen, en ze waren welwillend, maar uiteindelijk zagen ze toch af van de medewerking.

Zij willen liever niet dat hun namen bekend worden, laat zoon G. (25) de Volkskrant in een e-mail weten. Maar dat is niet het enige. ‘Ik vind het niet erg als de documentaire de negatieve punten van ons leven oplicht. Maar het moet ook laten zien dat wij zo zijn opgevoed dat we elke dag gelukkig zijn en vol energie om nieuwe en uitdagende activiteiten aan te pakken.’

Maar na de eerste draaidag hebben ze er ‘geen goed gevoel’ meer bij. ‘We hadden gefilmd hoe wij met onze oudere broer de eerste keer in een sportschool trainden. Op zich niks verkeerd mee, maar achteraf had het te veel van ‘vijf kinderen die voor het eerst ontdekken dat je ook kunt trainen op een sportschool’. Juist niet wat we wilden.’

‘Daarbij kwam dat mijn zussen ook niet zeer welbespraakt zijn achter de camera’, schrijft hij. ‘Zij vonden het niet leuk dat het op beeld leek alsof ze niet veel durfden te zeggen. Omdat het algemene gevoel ons niet aanstond hebben we niet meegedaan.’

Villerius zegt dat ze hen wilde filmen terwijl ze iets leuks deden met hun broer. ‘Maar het filmen voelde erg ongemakkelijk voor hen. Toen ze meldden dat ze toch wilden stoppen, heb ik me daar meteen bij neergelegd.’ Voor een verhaal waarin de belevingen zo sterk uiteenlopen en de tweespalt tussen de kinderen een belangrijk thema blijkt, is het wel een gemis, erkent ze. ‘Maar ik denk wel dat ze hiermee voor het eerst een eigen, volwassen beslissing hebben genomen.’

Van de mogelijkheid om de aflevering van tevoren te bekijken en er op te reageren hebben de jongsten geen gebruik gemaakt. Ze kregen geen vetorecht bepaalde beelden uit de documentaire te houden, zegt G. ‘Dan is het enkel de documentaire kijken zodat we weten wat er aankomt. Nou, dat hoeft van mij niet. Ik heb wel wat beters te doen in mijn leven. Hoe mensen over mijn vader denken, weet ik al wel.’

null Beeld Claudie de Cleen
Beeld Claudie de Cleen

*

Zullen de jongste kinderen over een paar jaar anders naar hun vader kijken, net als hun oudste broers en zus?

‘Ik vind dit lastig om uit te spreken’, zegt Villerius. ‘Maar: ja. Ik reken erop dat ze op een gegeven moment die klik maken, dat ze zich optrekken aan de oudsten. Hiermee wil ik niet zeggen dat deze kinderen niet slim zijn of niet ontwikkeld. Dat zijn ze wél. Maar ze hebben een ander idee van goed en kwaad. Ze hebben ideeën die hen zijn ingeprent door de man die hen had moeten beschermen.’

Daarom zit het Villerius, net als de oudste kinderen, zo dwars dat de rechter geen onafhankelijk oordeel heeft geveld. Aanvankelijk wilde ze wegblijven bij de schuldvraag, zegt ze. Dat zou aan de rechter zijn. ‘Dat vond ik een prettig idee. Ik wilde een trial by media voorkomen. Daar ben ik heel scherp op geweest: ik had het veel erger kunnen maken. Maar ik ben ook mens. En als mens ben ik ongelooflijk teleurgesteld. Dit is geen kruistocht van Jessica Villerius die de Aartsvader wil pakken. Maar ik bedacht vorige week wel: ik hoef die vader niet te sparen.’

De documentaireserie is bovenal een psychologisch portret van een traumatische jeugd, doorgebracht onder permanente angst voor een volstrekt onberekenbare vader. Rode draad is de worsteling van de oudste kinderen. Het lukt hun niet hun vader ondubbelzinnig te veroordelen. Zelfs niet nadat ze met hun belastende verklaringen hebben aangestuurd op zijn strafrechtelijke vervolging. Was hij maar alleen een klootzak, verzucht Shin. ‘Uiteindelijk is het gewoon je vader', zegt Mar Jan. ‘Je blijft altijd liefde voelen.’

Tussen de negen kinderen heerst een broze harmonie. ‘Ze zijn dol op elkaar’, zegt Villerius. ‘Maar er is ook onbegrip.’ Met name Shin heeft er moeite mee dat zijn jongere broertje en zusjes de man blijven volgen die hem tot op het bot vernederde.

De kinderen van Ruinerwold is geen feitelijke reconstructie. Wat voor de oudste kinderen de doorslag gaf hun vader te ontvluchten, hoe dat ging en hoe het hun lukte een leven op te bouwen, blijft onbesproken.

Dat komt deels doordat Villerius enorm moest snijden in honderden uren beeldmateriaal, zegt ze. Maar het is ook een gevolg van haar handelsmerk: een grote emotionele betrokkenheid bij haar onderwerp. Op de vraag wat het moeilijkst was aan haar film, antwoordt ze resoluut: ‘Afstand houden.’

Om de wankele verhouding tussen de oudere en jongere kinderen niet verder op de proef te stellen, koos ze er bewust voor om zo min mogelijk fragmenten uit te zenden waarin expliciet over de jongere broers en zusjes wordt gepraat. Daardoor blijft hun leven op de boerderij in Ruinerwold een blinde vlek. ‘Ik wil de jongere kinderen niet als leugenaar wegzetten’, zegt ze. ‘Ik voel me verantwoordelijk voor alle negen.’

Zelf zegt ze er niet aan te twijfelen dat de tirannie van vader doorging toen het gezin in 2010 uitweek naar de boerderij. Ze baseert zich daarbij op zaken die Israel heeft verteld, en ‘op dingen die ik weet maar niet kan delen’. Maar in de documentaire laat ze dit in het midden.

De jongste kinderen hebben hun vader inmiddels opgehaald uit de gevangenis en het leven met hem hervat. ‘Ik heb daar geen oordeel over’, zegt Villerius. ‘Hun hele wereld staat op zijn kop. Iedereen wilde iets van hen, en het enige wat veilig voor hen was, was er niet.’ Om in dezelfde adem te vervolgen: ‘Maar ik vind het jammer, want ik had liever gezien dat ze de tijd hadden gehad om los van hem een eigen leven op te bouwen.’

De Kinderen van Ruinerwold is vanaf 24 maart vier woensdagen te zien om 21.35 op NPO 1.

Jessica Villerius

‘Ik ben het wel gewend mensen te treffen op een dieptepunt in hun leven’, zegt filmmaker Jessica Villerius (1981). Ze maakte eerder documentaires over onder andere eetstoornissen en zelfbeschadiging. Vorig jaar filmde ze Levenslucht − Een week op de IC tijdens corona.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden