De kaart en het gebied

Goed gesprek met de combiketel

Geen fijnere romanfiguur dan de gekwelde kunstenaar, bewijst Michel Houellebecq in zijn bekroonde roman La carte et le territoire , die nu in vertaling verschijnt.

Dat wordt lachen als het ooit tot een verfilming van de roman De kaart en het gebied van Michel Houellebecq komt. De roman, bekroond met de Prix Goncourt 2010 en zojuist in een prachtige vertaling van Martin de Haan verschenen, beschrijft een serie schilderijen die pijn aan de ogen doet. 'Koel en emotieloos' is de schilderstijl van kunstenaar Jed Martin in zijn 'derde periode'. Daarin verlaat hij de fotografie en schildert hij mensen die hun beroep uitoefenen, zoals 'De journalist Jean Pierre Pernaut die een redactievergadering leidt' of 'Bill Gates en Steve Jobs bespreken de toekomst van de informatica'.

Op dat laatste werk hangt Steve Jobs in een Hawaii-hemd op een witleren bank en is vastgelopen in een schaakpartij met Bill Gates. Achter hen, door de glazen pui, zie je 'een landschap van bijna surreëel smaragdgroene weiden in een zachte glooiing afdalen tot een rij kliffen, waar ze een naaldbos bereikten. Verderop rolde de Pacific zijn eindeloze goudbruine golven af.' Wie gaat die superkitsch maken? Thomas Struth meets Bob Ross.

In De kaart en het gebied (de Franse editie, La carte et le territoire, werd afgelopen najaar enthousiast door Wineke de Boer in de Volkskrant besproken), belanden we via zo'n schilderij - 'Damien Hirst en Jeff Koons verdelen onderling de kunstmarkt' - in een wereld die deels echt bestaat. Die van kunstenaars, grote bedrijven, snel geld en Bekende Fransen - van de groene politicus Noël Mamère tot 'Questions pour un Champion'-presentator Julien Lepers.

Met swingend genoegen en niet gehinderd door onderzoek (behalve wat gekopieer van Wikipedia, hetgeen de schrijver op een relletje kwam te staan) weeft Houellebecq zijn half-realistische web rond een fictieve figuur: de succesvolle kunstenaar Jed Martin. De enige vriendschap die deze loner in het boek zal sluiten is met. . . de schrijver Michel Houellebecq.

De keuze voor een kunstenaar als centraal karakter is slim. Net als de prostituée is de verzonnen kunstenaar bij uitstek een personage dat zo ongrijpbaar is dat je er alles over kunt beweren. Hoe excentriek ook, de lezer (of kijker van films) zal het aannemen. Denk aan onze eigen testosteron-Rutger Hauer in Turks Fruit, plastic poppetjes bewerkend met de gasbrander. Of recenter: aan Maude Lebowski, de kunstenares uit de film The Big Lebowski, die naakt, krijsend, spartelend én hangend aan een takelbaan verf over haar 'vaginale' doeken spattert. Al ruim een halve eeuw, sinds de (in scène gezette) beroemde documentaires over Karel Appel en vooral over Jackson Pollock uit 1950 is de dierlijke, getormenteerde kunstenaar een archetype. Wereldvreemd zijn is wel een eerste vereiste.

Jed Martin is geen extraverte hystericus. Integendeel. Hij moddert aan op zijn kale flat en ziet behalve zijn vader met Kerst eigenlijk niemand. De reutelende combiketel in zijn appartement is vaak zijn enige gesprekspartner. Als hij succes krijgt koopt hij een Audi.

Maar deze kunstenaar, zwijgzaam en emotieloos als een zwart gat, dicht de schrijver wel 'grote esthetische openbaringen' toe. Zoals in een wegrestaurant bij het uitvouwen van een Michelin-routekaart: zo subliem in zijn schoonheid dat hij diep getroffen begint te trillen voor de toonbank. Het kondigt zijn 'tweede periode' aan, die waarin hij met een technische camera honderden kaarten fotografeert - de eerste serie die hem succes oplevert en voor even de beeldschone Olga brengt, communicatie-deskundige van Michelin France.

De eerste twee delen van De kaart en het gebied zijn lekkere satire. De abrupte stijlwendingen in het oeuvre van de kunstenaar werken op de lachspieren. Als in een stripverhaal ontvouwt zich de kunstwereld, waarin het aantrekken van de juiste (en natuurlijk aartslelijke) p.r.-juffrouw genoeg is om op

de allereerste expositie van Jed Martin alle belangrijke critici en verzamelaars te zien toestromen 'als een kudde antilopen die gaat drinken'.

Zichzelf voert Houellebecq ook op in een uitvergrote versie, als de kluizenaar die bij tijd en wijle stinkt, 'maar minder dan een lijk'. Hij zal een catalogustekst voor de kunstenaar schrijven.

De satire is het smeermiddel voor de schets die Houellebecq in de vorm van kleine colleges (over bijvoorbeeld William Morris) aan het voorbereiden is en die pas in de epiloog zijn haastige beslag krijgt.

Maar voor die epiloog zich aandient, is er deel drie. En tegen zijn gewoonte in deed Houellebecq hiervoor wél research. Om een goed beeld te geven van de recherche ging hij op bezoek bij de kabinetschef en de politiecommandant van de Nationale Politie aan de Quai des Orfèvres in Parijs.

Weg is the satiricus, enter de empathicus en daar ontvouwt zich een klassieke policier. Bijzonder invoelend schetst Houellebecq het wel en wee van de arme inspecteur Jasselin, in zijn berustende droefheid en met zijn vredige, kinderloze huwelijk de inspecteur Maigret van nu. Hij onderzoekt de moord op. . . de schrijver Houellebecq.

Hoe effectief geschreven ook, het realisme uit dit deel werkt als een rem. Ineens versmalt het verhaal zich tot troostrijk eten, Liszt in de auto en een nieuwe koffieautomaat op kantoor. Houellebecq doet Henning Mankell. We rollen naar het einde, waar alle eindjes netjes afgekant worden. Schilderij gevonden, gruwelmoordenaar opgespoord, kunstenaar in zijn nadagen de dood tegemoet gegleden en tja, de wereld is veranderd.

Het is verleidelijk van Houellebecq, de kluizenaar die zulke radicale boeken heeft geschreven dat je boekenkast rond de H bevroor, net zo'n karikatuur te maken als hij van zijn kunstenaar doet. Maar hallo juryleden van de Prix Goncourt - voor die Houellebecq is dit slimme maar ook bijna gezellige boek toch niet meer dan een geslaagd tussendoortje?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden