TV-RECENSIEHAROON ALI

De indringende ode aan Saïd Zankoua helpt hopelijk een andere Saïd om zijn weg te vinden

De Pride-week is losgebarsten, online althans. Door corona kunnen lhbti’ers elkaar niet stevig vastpakken tijdens bijeenkomsten en feesten. Daarom delen ze via andere wegen hun coming-out en worstelingen, zodat de mensen thuis zich minder eenzaam voelen. Pride Amsterdam en het COC hebben livestreams met panelgesprekken en op het YouTube-kanaal van Avrotros is Pride Talk te zien, waarin prominente lhbti’ers, zoals Ellie Lust, ontroerende gesprekken voeren met familieleden. BNNVara trekt het land in en test – helaas erg oppervlakkig – hoe homovriendelijk een aantal gemeenten zijn, in Nu we hier toch zijn.

Maar met name het verhaal van Saïd Zankoua heeft lhbti’ers bijzonder hard geraakt. In mei van dit jaar werd de Marokkaans-Nederlandse homoman dood aangetroffen in zijn slaapkamer, hij was pas 30. In de jaren ervoor werd Zankoua heen en weer geslingerd tussen de roze gemeenschap waarin hij zich thuis voelde en de familie die zijn geaardheid niet kon accepteren. Hij werd ook meerdere malen in elkaar getrapt en onderging twee keer een pijnlijke ‘homogenezing’, waaraan hij epilepsie overhield. Omdat zijn familie geen autopsie liet uitvoeren, is de precieze doodsoorzaak onbekend, al doen meerdere verhalen de ronde.

De familie komt ook niet aan het woord in de documentaire Mans Genoeg, die maandag werd uitgezonden door KRONCRV op NPO 3. Er wordt wel gesproken met de vele vrienden van Zankoua, die een indringende ode aan hem brengen. We leren dat hij een gangmaker was. Saïd betekent letterlijk ‘brenger van geluk’, maar dat geluk kon hij niet in zijn eigen leven vinden. Hij werd steeds banger voor anti-homogeweld en bezocht alleen in het donker zijn familie in het Utrechtse Kanaleneiland. Ook zeggen vrienden dat hij door zijn culturele achtergrond niet kon praten over zijn zorgen, maar ze diep wegstopte.

Portet van Saïd Zankoua tijdens de herdenkingsdienst.Beeld KRONCRV

In de docu worden ook ervaringen gedeeld uit andere gemeenschappen, zoals de biblebelt. Die vind ik iets te veel afleiden van Zankoua’s schrijnende en veelzeggende verhaal. Ik had liever gezien dat er dieper werd ingegaan op het taboe van homoseksualiteit in de Marokkaanse gemeenschap en de doodsangst die homojongens daar ervaren. Probleem is dat daardoor maar weinigen van hen naar buiten treden en eigenlijk alleen Nassiri Belaraj van de stichting Pink Marrakech de media durft op te zoeken. Die vertelt in Mans Genoeg ook dapper over zijn eigen strijd.

Saïd Zankoua werd veel te vroeg uit het leven gerukt. Maar hopelijk kan zijn dood een andere Saïd motiveren om gelijkgestemden op te zoeken, wel te praten over zijn problemen en voor zichzelf te kiezen. Mans Genoeg trok bar weinig kijkers, maar hopelijk wordt de docu ook vertoond op scholen, zodat die ene stille jongen achterin de klas ziet dat hij niet alleen is, dat zijn gevoelens niet verkeerd of vies zijn, ook al schelden zijn vrienden elkaar uit voor homo en flikker. Dat is het doel van Pride, ieder jaar weer. Niet de uitzinnige feesten, niet de bonte parade, maar herkenning en steun vinden bij elkaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden