Column Aaf Brandt Corstius

De IJslandse Songfestivalinzending Hatari is heel erg voor bondage en heel erg tegen Israël

Het wordt langzaamaan tijd om naar het Songfestival toe te leven, of je tijdelijk terug te trekken in een hermetisch afsluitbare grot en het hele gebeuren even keihard over te slaan. Ik heb gekozen voor het eerste, dus dan kies ik er óók voor om me te verdiepen in een IJslandse band die heel erg voor bondage is en heel erg tegen Israël.

Wilt u dit verhaal liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie:

Zo gek is die combinatie niet, althans, niet op het Songfestival, want daar worden wel vaker elementen die je in het dagelijks leven niet zo gauw hand in hand ziet gaan, virtuoos gecombineerd. Een ingetogen Cypriotische a capella-zanggroep die in vogelkostuum vuurwerk afsteekt is er heel normaal, of een zandkunstenaar die tijdens het zand strooien (en zingen) ook jongleert, iemand die zichzelf in en uit dozen goochelt en daarbij een ballade over vrede ten gehore brengt, een zingende vrouw met een baard die Conchita Wurst heet: ik heb er een deel van verzonnen, maar het kan allemaal.

Het móét zelfs; ik ben elk jaar bang dat de Nederlandse inzending te weinig bizarre elementen bevat, want door onze calvinistische aard nemen we hooguit een draaiorgel en wat glitterkleding mee, en dat is gewoon niet genoeg. Uit dat draaiorgel moeten minstens gekleurde duiven komen, snap dat nou toch eens!

Maar goed, die IJslandse band dus. Hatari heten ze. Hater, betekent dat. De persfoto’s van Hatari doen denken aan het vroege werk van Erwin Olaf, zo rond 1980: mannen en vrouwen die zichzelf in allerlei lederen riemen hebben gegespt, met daaronder veel spieren en latex.

Die bondagefase hebben we in de rest van Europa allang achter ons gelaten, maar die komt in IJsland nu blijkbaar keihard op. De drummer van Hatari is al gespot op het strand van Tel Aviv, op platformlaarzen en met allerlei klingelende metalen kettingen om zich heen.

Ze zijn dus gek op bondage, maar helemaal niet gek op Israël. Probleem is dat het Songfestival daar gehouden wordt, en Hatari er wel aan meedoet.

En zo lijkt Hatari opgetrokken uit allerlei tegenstellingen, die The Guardian in een artikel bloedserieus analyseerde. Zo zijn ze ook erg tegen het kapitalisme – de groep is zelfs ooit gevormd om het kapitalisme ten val te brengen, welke Songfestivaldeelnemer kan dát van zichzelf zeggen? – maar tegelijkertijd hebben ze allemaal merchandise en zelfs een eigen prikwatermerk.

Ook roepen de leden van Hatari overal dat het Songfestival aan Israëlpropaganda doet, en aan witwasserij, en dat het festival überhaupt ‘een leugen’ is. Maar ondanks hun haat doen ze mee omdat ze, zeggen ze, de achterliggende gedachte van eenheid en diversiteit zo mooi vinden. Ingewikkeld.

O, en als Hatari wint, willen ze op Israëlisch grondgebied een sadomasochistische enclave beginnen.

Je gaat ervan terugverlangen naar de eenvoudige tijden van een zingende vrouw met een baard.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.