De IJslandse band AdHd stuitert langs alle genres

Je moet de IJslandse succesformatie AdHd niet vragen welke nummers ze tijdens een optreden zullen spelen. Dat weten ze zelf ook niet.

Beeld Spess

Het was even aftasten voor het instrumentale IJslandse kwartet AdHd, toen ze in januari dit jaar op Eurosonic Noorderslag speelden. In een bescheiden zaaltje, vlak bij de Groningse Vismarkt, zat het publiek niet op stoelen, maar stond het zoals in een poppodium. Het was vrijdag de dertiende, ook al niet per se een geruststelling. En dan was er nog de klok, die dwangmatig vijfenveertig minuten aftikte.

Niet zo moeilijk, zou je denken. Je neemt de setlist en streept de rustigere nummers door tot je op de juiste speeltijd zit. Maar het is lastig strepen voor een band die geen setlist gebruikt, laat staan een standaardlengte, -tempo of -dynamiek voor haar nummers aanhoudt. Even leek AdHd, die avond in Groningen, daardoor te worden beperkt in waar ze nu juist in uitblinken: de luisteraar meenemen in een instrumentale trip waarin contemplatie en expressiviteit samengaan en waarin tijd en regeltjes geen rol spelen.

'Uiteindelijk kwam het allemaal goed', zegt gitarist Ómar droogjes. Hij kijkt op vanachter zijn verduisterde bril, in de kleedkamer van De Kleine Willem in Enschede, waar de groep eerder woensdag is gearriveerd en die avond speelt. De Duitse schlagermelodietjes - of wat daarvoor moet doorgaan - die Ómar en drummer Magnús beurtelings neuriën, verraden waar de groep eerder vandaag vandaan kwam. Toetsenist Tomas, die deze tour invalt, snijdt een plak kaas aan en laat die rondgaan. Óskar, de saxofonist, schaaft aan nieuwe blaasrietjes die hij later in het mondstuk van zijn saxofoon schuift.

AdHd begon in 2008 als gelegenheidsformatie. Tenorsaxofonist Óskar Guðjónsson (43) kreeg de uitnodiging te spelen op een jazz- en bluesfestival in het vissersstadje Höfn (haven). Met wie, dat mocht hij zelf bepalen. Dus belde Óskar zijn jongere broer Ómar (39, gitaar, bas) en diens goede vriend Davíð Þór Jónsson (39, toetsen, bas). De jongere Magnús Trygvason Eliassen (32, drums), een gemeenschappelijk kennis van de drie, had op het eiland al de reputatie van veelbelovend muzikant.

Fladderen tussen genres

De muziek die het viertal maakt, laat zich eigenlijk het best vangen door wat het niet is. AdHd is geen jazz, geen blues, geen ambient, geen indierock, maar fladdert daar tussendoor. Hun sound gedijt eerder op contemplatie dan op technisch machtsvertoon en beschikt over een emotieve zeggingskracht waar je u tegen zegt. Het ene moment explosief, zoals in Inni Á Skónum (In je schoen, adhd2) het andere ingekeerd, als in Indjánadansinn (Indianendans, adhd5) maar altijd gecontroleerd en bezwerend, met een cadans die door de geïmproviseerde delen voert.

De combinatie van muzikanten die Guðjónsson in 2008 voor ogen had, bleek er een van goud. In eigen land ontving de band na hun eerste optreden al snel erkenning. De debuutplaat uit 2009 werd bekroond met een Icelandic Music Award in de categorie jazzalbum van het jaar. Tours in het buitenland volgden. De laatste jaren frequenter en langer. Vorige maand speelde de band in Hongarije, Zwitserland en Duitsland, deze maand voegden België en Nederland zich daarbij.

Magie

Wat daar in Höfn op het podium gebeurde, was magie, schreven de IJslandse recensenten. Negen jaar en vijf albums verder - een zesde is op komst - heeft AdHd als vanzelf een plek in het muzieklandschap geschapen waar alleen zij toegang tot lijken te hebben.

De saxofonist wijt dat vooral aan de persoonlijkheden die de bandleden zijn, en niet aan wat ze kunnen. 'De persoon en de muziek die hij maakt, liggen vaak akelig dicht bij elkaar. Ken je de persoon, dan weet je of iemand bereid is zijn ego opzij te zetten. Voor onze muziek is dat noodzakelijk.' Dan, terwijl hij aan een nieuw rietje begint te schaven: 'Touren is vooral wachten op het optreden. Hoe we die uren doorbrengen, bepaalt ook hoe we spelen. Het móét dus wel klikken.'

Live is AdHd een extatische ervaring die begint bij het klinken van de eerste noot en pas eindigt wanneer de laatste noot van het concert is weggeëbd. Daar tussenin speelt de groep aan een stuk door. Als luisteraar weet je vooraf niet wat er komen gaat. En eigenlijk geldt dat net zo goed voor de muzikanten zelf.

Alle nummers die de band sinds haar ontstaan heeft geschreven (meer dan veertig) komen in aanmerking. Nummers die op de plaat zes minuten duren, kunnen op het podium de twee minuten nog niet halen of juist worden uitgetrokken tot een kwartier. De keuze voor een volgend nummer en het moment van inzetten, wordt bepaald door het moment zelf, 'het nu'.

'Het is een oefening in telepathie', zegt Óskar. 'Je probeert elkaar constant aan te voelen, maar hebt ook een eigen idee waar de muziek op dat moment naartoe zal leiden. Wie luistert? Wie neemt het initiatief?' Over de schouder van Óskar knikt Magnús instemmend. 'Natuurlijk kun je van a naar b. Maar wij kiezer ervoor om van a via y naar c en dán naar b te gaan.'

AdHd speelt vrijdag 17/3 in de Doelen, Rotterdam en zaterdag 18/3 in TivoliVredenburg, Utrecht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden