De hele schepping in één dag

Simon Vestdijk kwam met vijftien ongepubliceerde boeken - romans, verhalen, essays, gedichten - de oorlog uit. Zijn uitgevers zouden enkele jaren nodig hebben om die productie te verwerken....

Ik denk dat dat niet aflatende doorschrijven - verbijsterend in delaatste twee jaar van de oorlog - het grote raadsel van Vestdijk is; desnelheid van doorschrijven niet minder. Hij schrijft alsof de dood achterhem staat, met een hart-en hersenintensiteit die fysiek noch psychisch teverklaren is, maar misschien één ding verheldert: de afwezigheid vanlicht en lucht in het werk, van literaire adempauzes en misschien nog hetmeest van de aanstekelijkheid van het plezier in het schrijven (voor datlaatste maak ik een uitzondering voor de essays). Het schrijven vanVestdijk moet een van de allersuperieurste vormen van dwangarbeid wordengenoemd.

Dat Vestdijk snel schreef (gedichten niet minder dan proza) wisten we,ook door de ontstaansdata die hij onder de laatste regel van een romanzette; naar God omgerekend, deed hij de hele schepping in één dag. Alswe nu in Wim Hazeus biografie van Vestdijk de ontstaansgeschiedenis vanveel van zijn werken achter elkaar lezen, wordt het scheppingsproces pasin zijn verbluffende (en afschrikwekkende) vorm scherp zichtbaar. Eenmaallosgekomen als schrijver, in 1932 - Vestdijk is dan bijna 34 -, lijkt hijalleen nog in dat schrijven te kunnen bestaan en daarmee in de ontelbaregedaanten die hij schiep.

Hazeu laat hier alles zien van wat wij fragmentarisch of gedeeltelijkweten. Misschien heb ik hiermee het karakter van zijn biografie goedaangegeven. Er is over Vestdijk veel bekend - door herinneringen vanhemzelf, door 'ontfictionalisering' van met name de Anton Wachterromans,door vele correspondenties, door studies over zijn werk. Men kan zeggen datHazeu dat vele heeft uitgebreid tot alles, zonder dat dat vele overigensvan karakter verandert. We weten het: Vestdijk heeft jarenlang een vrijingewikkelde relatie gehad met de schrijfster Henriëtte van Eyk, er is aleen en ander over gepubliceerd. Hazeu kon beschikken over decorrespondentie tussen de twee. Daar wordt uitvoerig uit geciteerd. Hetverhaal wordt breder, door de nu scherper wordende figuur van Henriëttevan Eyk ook ontroerender, maar wezenlijk verandert er weinig in het mijvertrouwde beeld. Voor de depressies, waarover Vestdijk zich vrij veelheeft uitgelaten, geldt hetzelfde.

Het is niet overdreven te zeggen dat Hazeus boek een verbrede enverlengde weg is van het literaire Pieterpad waarover bewonderaars vanVestdijk tot nu liepen (de in 1983 verschenen biografie door Hans Visser,een heel treurig product, heeft nauwelijks aan verbreding bijgedragen, deauteur sloeg hoogstens voortdurend gaten in het pad). De verbreding enverlenging zijn uiteraard te danken aan Hazeus grote kennis van leven enwerk van Vestdijk, van alles wat er over en rond hem is gepubliceerd; ermoet hem niets ontgaan zijn. Hij is de grootmeester van de toevoeging,feitelijke toevoeging dan. Hij heeft alles wat hij te weten is gekomen,geordend, met als opvallendste trek dat hij de biografie in 1932 laatbeginnen: het geboortejaar van de schrijver Vestdijk. De eerste delen vormen een stuk literatuurgeschiedenis met Vestdijk als hoofdfiguur. 1932Als geboortejaar: het gaat om het schrijverschap. Op pagina 69 wordtVestdijk in Harlingen geboren, en het verhaal wordt nu naar 1932toegeschreven. Het werk moet dus de hoofdzaak van debiografie vormen. Datis ook zo.

De ordening is die van een documentaire, waarin talloze vrienden,vriendinnen, kennissen, schrijvers, critici en niet het minst Vestdijk zelfhet woord krijgen en dat zoveel, dat het er soms op lijkt dat Hazeu slechtsverbindende teksten schrijft en allerminst een biograaf is. In elk geval:velen, tot Vestdijk zelf toe, krijgen uitvoerige gelegenheid tot typering.Hazeu zelf laat nagenoeg elke karakterisering, elke mogelijkheid tot hetuiten van vermoedens, elke poging tot inzicht van wat in de bijdragen vande velen een uitgewaaierd genie wordt, achterwege. De biografie kent haastnergens concentraties van inzichten, opengaande luiken en luikjes. Documentvolgt op document in een proces van gelijkschakeling.

Op pagina 117 en verder wordt een brief geciteerd die Vestdijk in zijnstudententijd in Amsterdam schreef aan een vriendin. Hij verklaart hethoogste geestelijke en zinnelijke genot te ervaren bij de muziek vanMahler. Hij zou Mengelberg en zijn orkest willen huren om elke week Mahlervoor hem te spelen. Maar hij zou er na een jaar genoeg van hebben; hij zouarmer zijn 'omdat ik nu nog 't verlangen naar die muziek heb. Het verlangen dat onvervuld moet blijven.' Zo'n passage mag je als biograaf niet latenpasseren. Het inzicht van de jonge Vestdijk in zichzelf is verbluffend: hetverlangen en de onvermijdelijke (of zelf gewilde) afwezigheid van devervulling zullen zijn werk en leven, zijn liefdesleven ook, gaanbeheersen. Dat verlangen verklaart wellicht ook de desinteresse vanVestdijk voor een voltooid werk, de onmiddellijke start van een nieuw werk.

De stukken uit het boek die over het werk en de omringende geschiedenisgaan, zijn heel veel boeiender dan de louter biografische stukken. Dat valtde biograaf niet te verwijten. De ongekende, absolute toewijding aan hetschrijverschap gaf Vestdijk nauwelijks een uiterlijk leven. Om directeuiterlijkheden - kleding, meubels bijvoorbeeld - gaf hij niets of zeerweinig, om de meeste materiële genoegens ook niets. Maar hij kende ookweer niet de vreugde van de ascese. Misschien was hij wel te zeer wezenlijken te weinig bijkomstig (wat de afwezigheid van adempauzes in het werk ookkan verklaren).

Op pagina 685 wordt een schitterende retorische uitlating van deschrijver Max Dendermonde geciteerd. Hij riep Vestdijk toe: 'Je moet uitje meubels, naar de veilinghuizen der wereld.' Vestdijk bleef binnen,zonder afwisseling in zijn levenspatroon, met de tijd als een blank blad,de muziek als een binnengeluid uit de stilte. Het was een ongelooflijk saaileven, dat onvermijdelijk tot een saaie biografie leidt. Pas tegen heteinde verschuift de stilte: hij huwt met Mieke van der Hoeven en krijgttwee kinderen. Maar dan sterft hij algauw na een gruwelijk ziekbed, dat A.Roland Holst, de trouwe vriend van velen, een schitterend gedicht lietschrijven, met als laatste regels: 'Doodstil zat hij naar mij te kijken/Uit een hel van ijs.'

Hij stierf in maart 1971, 72 jaar oud. Na een kleine 35 jaar is het werkgrotendeels onzichtbaar geworden. Het krijgt nauwelijks nog nieuwe lezers.Ten onrechte. Hazeus boek is ook een heel goede recapitulatie van het werk,vooral van de romans. Alles van een halve eeuw lectuur kwam bij mij terug,in zijn grootheid en - het werk van de laatste jaren uitgezonderd - diepte.Een oeuvre wacht op lezing en herlezing, de essays en de gedichten zeker,en studies als De toekomst der religie, met Albert Verwey en de Idee zijnbeste essayistische boek.

Zoals elke speelsheid aan zijn leven ontbrak ook elke speelsheid aanzijn werk. Vestdijk miste de virtuositeit van het schijnbaar oppervlakkige,hij had daar ook de vorm niet voor. In de beroemde kwatrijnenstrijd met A.Roland Holst glorieert de laatste in vernuft, speelsheid en virtuositeit.De kwatrijnen van Vestdijk zijn ijverig maar stijf.

Hazeu heeft een indrukwekkende hoop materiaal bijeengebracht. Toen heter lag, trok de biograaf zich eigenlijk terug. Het boek eindigt zonder alsbiografie echt begonnen te zijn. Het raadsel is open, de deur blijft dicht,de geest van de schrijver ontoegankelijk.

Hazeu is gisteren op de biografie gepromoveerd aan de universiteit vanGroningen. Duizend bladzijden proefschrift - het is verpletterend. Maar eris een oeuvre van zeker honderdduizend pagina's, een berglandschap dat metzijn pieken de hemel draagt, van een schitterende grilligheid is, somsuitloopt in grazige weiden. Hoe nederig is de promotie geweest?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden