Reconstructie Familieportret

De Haarlemse familie Van Campen is na eeuwen herenigd – hoe delen van een Frans Hals-schilderij werden teruggevonden

De familie Van Campen in een landschap, ca. 1623-1625

De Van Campens zijn met drie andere familieportretten van Frans Hals te zien in de Fondation Custodia in Parijs. 

Fondation Custodia in Parijs heeft iets lekkers in huis: vier familieportretten van de Haarlemse sterportrettist Frans Hals, gemaakt tussen 1623 en 1650, en afkomstig uit o.a. Madrid, Londen, Cincinnati en Toledo (Ohio, niet Spanje). Dergelijke portretten zijn schaars. Wat heet: het genoemde kwartet betreft meteen ook álle familieportretten die Hals tijdens zijn lange loopbaan schilderde. Hun tijdelijke hereniging is bijzonder.

Hals zelf was ook een familieman. Hij had drie kinderen bij zijn eerste vrouw, Anneke, en elf bij zijn tweede, Lysbeth. Frans de Jonge, Reynier, Claes en Jan werden ook schilder; Pieter was mal, en belandde in het werkhuis; Sara baarde twee buitenechtelijke kinderen op rij (van verschillende vaders? We weten het niet), en werd eveneens onder curatele gesteld; Anthonie voer als jonge vent mee met de Verenigde Oost-Indische Compagnie; hij overleed jong. De vreugde en de zorgen van het ouderschap, wil ik maar zeggen, zullen Hals niet vreemd zijn geweest. Aan zijn familieportretten zie je dat wel af.

Hals vernieuwde dit genre, zoals hij ook deed met het schuttersstuk en het regentenportret. Hij brak met de heersende conventie, die voorschreef dat familieleden moesten worden afgebeeld zoals we dat kennen van scholieren op een klassenfoto: zij aan zij, gelijkwaardig qua formaat, blik op de schilder; speelsheid werd zijn handelsmerk. Zijn modellen hebben meer oog voor elkaar dan voor de schilder. Zijn portretten getuigen van intimiteit en ongedwongenheid, al zitten ze voor de goede verstaander vol betekenisvolle gebaren en traditionele symboliek.

Kinderen van de familie Van Campen met een bokkenwagen, ca. 1623-1625

Het portret uit de National Gallery in Londen vormt hierop geen uitzondering. De voorgestelde onbekende familie werd lang beschouwd als de familie Hals zelf; het wit van hun kragen steekt af tegen het zwart van hun kleding als een school meeuwen in de nacht. Men speurt erin onwillekeurig naar fysieke gelijkenissen: wie trekt, zoals het is België  heet, naar wie? De jongens zijn duidelijk zonen van hun vader, met hun Amsterdamse neuzen, net als het knielende meisje met ‘t mandje, maar het vrouwelijke familielid rechts lijkt meer op de moeder, neus-wise, tenminste. Zou het haar nichtje zijn? En is het kind aan wie ze een appeltje geeft wellicht háár dochter? Werd ze net als Hals’ dochter ongewenst zwanger waarna haar tante zich over haar ontfermde? Wat is haar verhaal?

Ook Hals’ vroegste familieportret laat vragen open, al is deze familie wel geïdentificeerd. Het zijn de Haarlemse ‘wollenlaeckencoper’ Gijsbert Claesz van Campen en zijn echtgenote Maria Jorisdr Palesteyn, en hun dertien kinderen, ik heb hun namen niet paraat, plus een bokkenwagen met bok, ook diens naam moet ik u schuldig blijven. Enkele jaren na voltooiing werd door Hals’ stadsgenoot en collega, Jan de Bray, linksonder een veertiende telg bij geschilderd, een meisje, herkenbaar als de jongste aan haar koralen ketting, een griezelig grimassend kind. Een portret als dit onderstreepte de echtelijke vruchtbaarheid: kijk ons eens de succesvolle voortplanters uithangen. Men ziet er ook een toespeling in op de huwelijkse trouw. Merk bijvoorbeeld op hoe Gijsbert demonstratief z’n voet op Maria’s rok heeft gezet. Jij gaat nergens heen, dametje.

Portret van een jonge jongen uit de familie Van Campen, ca. 1623-1625

Het werk kent een fascinerende geschiedenis. Het werd gemaakt tere ere van de Van Campens twintigjarige huwelijksjubileum en bleef in de familie tot het in de 18de eeuw werd versneden en verkocht. Toen een Haarlemse schilder de twee grootste delen aanbood in de lokale krant werd van de oorspronkelijke opdrachtgevers met geen woord meer gerept. Later raakte ook de relatie tussen de afzonderlijke delen in vergetelheid. Het middenstuk belandde in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België in Brussel, waar het doorging voor een zelfstandig werk, het afgesneden kind rechts werd aan het zicht onttrokken door een overschildering. Het linkerdeel werd lang gezien als een De Bray en kwam terecht in het Toledo Museum of Art, het gold eveneens als eigenstandig, ondanks de merkwaardig in het luchtledige wijzende moeder. De rechter bovenhoek kwam in particulier bezit; de rest raakte (en is) spoorloos. Verscheidene kunsthistorici brachten de afzonderlijke delen sindsdien met elkaar in verband, maar het doorslaggevend bewijs werd geleverd toen het Brusselse schilderij enkele jaren geleden ingrijpend werd gerestaureerd. Nu hangen ze weer bijeen. Gezinshereniging geslaagd.

Het ongeïdentificeerde gezin op het portret uit Thyssen-Bornemisza (Madrid) was al compleet. Het oogt modern qua omvang en samenstelling: vader, moeder, zoon, dochter, en een donkere jongen. Zijn gezicht is ernstig, zijn kleding chique; zijn hand omklemt een stok met een moeilijk te identificeren object (schildpad-schild? roofvogeltje?). Een zwarte man tussen voorname blanke burgers beschouwen we grif als een page, maar deze knaap lijkt me zeker geen bediende;  eerder moeten we denken aan de zoon van een Afrikaanse notabele, na een handelsmissie mee teruggekomen naar de prille Republiek. Een uitwisselingsstudent avant la lettre, neergezet in de bekende zwierige, op het impressionisme vooruitlopende Hals-stijl, net als de rest van het gezelschap trouwens. De laars van de pater familias, bijvoorbeeld, is helemaal proto-Manet. Daarmee stap je vanuit de 17de eeuw zo de late 19de binnen.

Meer kinderen

Aanvullend op de familieportretten van Frans Hals is in Fondation Custodia een tentoonstelling te zien van tekeningen en schilderijen van kinderen uit de eigen collectie, Enfants du siècle d’or. Daar hangt bijvoorbeeld ook de mooie ets die Hendrick Goltzius maakte van zijn petekind. De kunstenaar beeldde zich zelf er ook op af. Als beschermende hond.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden