Aard van het beestje

De grote klokjesbij is blij met klokjesbloemen in uw tuin of op uw balkon

Caspar Janssen gaat wekelijks op zoek naar een dier in zijn habitat. Wat typeert het dier? En waarom doet het juist nu van zich spreken? Deze week: de grote klokjesbij.

De grote klokjesbij  Beeld Margot Holtman
De grote klokjesbijBeeld Margot Holtman

Voor de grote klokjesbij hoef ik de deur niet uit, of beter: mijn balkon niet af. Vorig jaar rond deze tijd vlogen ze hier al, grote en kleine klokjesbijen. Op het Ruig klokje in een van de plantenbakken hier, en op het Kruipklokje, hier op mijn bijenbalkon. Klokjesbijen zijn in de laatste decennia vaste gasten geworden in tuinen en op balkons, én in het westen van het land. En dat is best bijzonder, zegt Linde Slikboer van EIS, het Kenniscentrum Insecten, die ik vaker bel over bijenzaken.

Klokjesbijen halen hun nectar en stuifmeel bijna exclusief uit klokjesbloemen. Klokjesbloemen waren vroeger een gewone verschijning in het landschap, vooral op de zandgronden in het oosten en zuiden van het land. Tegenwoordig zijn ze veel minder algemeen. Misschien omdat ze sneller overschaduwd worden door grassen, omdat de bodem voedselrijker is door stikstofneerslag en bemesting. Tegelijkertijd werden allerhande klokjesbloemen populair in tuinen. En met het verspreiden van die gecultiveerde en ook wilde klokjesbloemen in tuinen over het land verspreidden de klokjesbijen zich mee. Sommige soorten klokjesbijen althans. Andere soorten bleken zich niet te kunnen aanpassen aan die wel erg snelle verandering van het landschap waarin ze hun voedsel moeten zoeken, en een nestplek. Slikboer: ‘Ze hebben het niet gered in de snel veranderende menselijke wereld.’

De gewone klokjeszandbij en de klokjesglansbij zijn inmiddels uitgestorven in Nederland en het gaat slecht met donkere klokjeszandbij. Maar een aantal soorten klokjesbijen wist zich juist wel aan te passen. Zoals de grote klokjesbij, die overigens niet groter (langer) is dan een centimeter. Vorig jaar zag ik ze best veel, met hun witte buikschuiers. Kleine klokjesbijen waren er ook. Het mooie is: tuinen en balkons kunnen dus ook bijdragen aan het verspreiden van soorten, en zelfs een nieuw leefgebied gaan vormen.

Dit jaar blijkt het seizoen wat later te beginnen, althans op mijn balkon. Het kruipklokje heeft net zijn eerste bloemen geopend. Het Ruig klokje heb ik nu verplaatst naar een zonniger plek, om de zaak te bespoedigen. Bijna meteen na het ontluiken komen doorgaans de bijen tevoorschijn, eerst de mannetjes, dan de vrouwtjes.

Linde Slikboer: ‘Op het moment dat de planten beginnen te bloeien zijn ze er opeens. Het is fantastisch hoe ze dat op elkaar afstemmen. En onbegrijpelijk. We weten nog altijd niet precies hoe ze weten dat ze juist op dat moment tevoorschijn moeten komen.’

De grote klokjesbij Beeld Margot Holtman
De grote klokjesbijBeeld Margot Holtman

Klokjesbijen nestelen in riet- of andere stengels, ook in insectenhotels. Het is dus mogelijk dat ze gewoon uit mijn eigen insectenhotelletjes komen, al heb ik vorig jaar niet gezien dat klokjesbijen er gebruik van maakten. Hoe dan ook: na het paren gaat het vrouwtje in de buurt weer een nieuw nest maken, daarvoor verzamelt ze stuifmeel, dat wordt met de pootjes tussen de haren van de buikschuier gepoetst en meegenomen. Die kleurt dan door dat stuifmeel nog witter, of roze, afhankelijk van het type klokjesbloem.

Prachtig, die klokjesbloemen dus, in tuinen en balkons, maar afgelopen weekend bleek uit een steekproef bij tuincentra dat juist klokjesbloemen veel sporen van insecticiden bevatten. Biologische planten kopen is dus het devies, anders verzwak je de bijen mogelijk juist.

Afgelopen dinsdagmiddag, het weer klaart op, de zon breekt eindelijk weer even door, het kruipklokje bloeit nu al tamelijk uitbundig, en ik maak nog een minisafari op mijn balkon. En verdomd, er gebeurt dus precies wat Linde Slikboer al had voorspeld: de eerste grote klokjesbijen storten zich nu op de klokjesbloemen, sommige met hun schuier al volgepakt met stuifmeel. Ik zit weer eens bovenop het nieuws.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden