De geweldige vrouw van Shakespeare

De reputatie van Ann Hathaway, de echtgenote van Shakespeare, werd systematisch door het slijk gehaald door de zogeheten Bardolatrists, de onvoorwaardelijke fans van de grote Bard....

Kristien Hemmerechts

‘Iedereen die met de westerse cultuur vertrouwd is, moet zich vroeg of laat wel de vraag stellen: waarom zou een vrouw in ’s hemelsnaam een echtgenote willen worden?’ Met die openingszin zet Germaine Greer de toon van haar jongste boek Shakespeare’s Wife. De geschiedenis, zegt ze, heeft eeuwenlang vooral oog voor de prestaties van mannen gehad. Hun echtgenotes zijn in het beste geval buiten beeld gebleven. Maar dikwijls zijn ze afgeschilderd als helleveeg of zeurkous, die hun man het leven probeerde zuur te maken en hem belemmerde bij zijn werk.

Een berucht voorbeeld is Xanthippe, die met Grote Filosoof Socrates getrouwd was. Toen haar man veroordeeld was tot het drinken van de gifbeker, ging Xanthippe samen met hun drie kinderen Socrates in zijn kerker opzoeken. Hij stuurde hen uit wandelen. Zijn laatste kostbare uren wenste hij al filosoferend met zijn vrienden te slijten. Niet één geschiedschrijver heeft zich ooit afgevraagd wat er van Xanthippe en de kinderen geworden is, schrijft Greer. Hun lot was zelfs geen voetnoot waard.

Telkens opnieuw zijn echtgenotes voorgesteld als hinderlijke ballast, waarvan het Creatieve Genie zich het best zo snel mogelijk bevrijden kan. Hoe indrukwekkender de palmares van de man, hoe geringer de kans dat zijn vrouw zijn gezelschap waard werd geacht. Nooit werd met de mogelijkheid rekening gehouden dat het Genie in zijn vrouw een inspirerende gesprekspartner vond. Voor zijn mannelijke bewonderaars was – en is – het uitgesloten dat zijn vrouw zijn werk beter begreep dan zij.

Germaine Greer is stilistisch op haar best wanneer ze haar pen doopt in de gal van haar verontwaardiging over Onrecht Vrouwen Aangedaan. Met bijtend sarcasme zet ze haar aanklacht neer. Daarbij schuwt ze de overdrijving niet en laat ze zich niet afleiden door hinderlijke nuances of uitzonderingen. In stevige volzinnen gaat ze recht op haar doel af. Dat is zowel heerlijk als lichtjes ergerlijk. Want het is natuurlijk niet waar dat echtgenotes altijd en eeuwig in een negatief daglicht zijn gesteld. De overtuiging dat achter elke succesvolle man een sterke vrouw schuilgaat, is minstens even ingeburgerd. Die vrouw moet dan wel discreet in de schaduw blijven. Ze is steun en toeverlaat.

In Shakespeare’s Wife wil Germaine Greer Ann Hathaway, die met William Shakespeare getrouwd was, een waardigheid geven die de biografen van haar man haar nooit hebben gegund. En ook het huwelijk zelf wil ze op een andere manier belichten. De vijand tegen wie ten strijde dient te worden getrokken, zijn de ‘Bardolatrists’. Zij hebben uit idolate bewondering voor de ‘Bard’ al zijn doen en laten goedgepraat, terwijl de reputatie van zijn vrouw systematisch door het slijk werd gehaald. Grote boosdoeners zijn Anthony Burgess en vooral Stephen Greenblatt, die in Will in the World – How Shakespeare Became Shakespeare zíjn visie op het genie uit de doeken heeft gedaan. Ik denk dat Greenblatt beter uit Greers buurt kan blijven, want ze is héél erg boos op hem. Greenblatt publiceerde zijn boek in 2004. De vooroordelen zijn met andere woorden nog lang de wereld niet uit, en het is te vroeg om de strijdbijl te begraven.

Er is bijzonder weinig kennis over het leven van Ann Hathaway. Zij deed wat van haar verwacht werd, schrijft Greer: ze hield haar mond en ze bleef onzichtbaar. Zo ontstond er een gat in Shakespeares biografie. Het gat had de contouren van ‘echtgenote’, en iedereen die wilde kon het volproppen met boosaardige speculaties.

De zwaarste misdaad die Ann Hathaway door de Bardolatrists ten laste wordt gelegd, is haar leeftijd: ze was acht jaar ouder dan haar man en dus was ze vast onaantrekkelijk. Ze heeft het onschuldige lam Shakespeare gemanipuleerd tot ze hem had waar ze hem wilde hebben. Shakespeare moet haar op zijn minst een beetje aantrekkelijk hebben gevonden, want hij verwekte een kind bij haar en er moest worden getrouwd. Hij was toen achttien, zij was 26. Dat was even ongewoon in hun tijd als vandaag. Het echtpaar kreeg een dochter, en een jaar later schonk Ann het leven aan een tweeling.

Kort na of misschien zelfs nog voor de geboorte van de tweeling trok de jonge vader naar Londen om er aan zijn schitterende carrière te beginnen. De banden met zijn geboortestad Stratford werden niet verbroken, want hij kocht er een huis, New Place genaamd, en hij bracht er zijn laatste levensjaren door. In zijn testament liet hij zijn vrouw zijn tweede beste bed na. Dat pittige detail bezegelde het oordeel van de Bardolatrists: Shakespeare had een hekel aan zijn vrouw en bracht haar met het testament de ultieme, vernederende doodssteek toe.

Greers stelling is eenvoudig: bij gebrek aan informatie is systematisch voor een negatieve voorstelling van zaken gekozen. Zo staat er op Shakespeares graf te lezen dat zijn beenderen niet mogen worden opgegraven om elders te worden begraven. In dat verzoek leest de vermaledijde Greenblatt de bevestiging van zijn donkerste vermoedens: ‘Wanneer hij aan het hiernamaals dacht, wilde hij geen omgang met zijn vrouw. Misschien was hij gewoon bang dat zijn beenderen in een knekelhuis terecht zouden komen, maar nog groter was misschien zijn angst dat zijn graf zou worden opengemaakt om er ook Ann Hathaway in te begraven.’

Greer schetst een alternatief portret: ‘Ongetwijfeld heeft Shakespeare zijn vrouw verwaarloosd en vernederd, maar het is kinderachtig om de verantwoordelijkheid daarvoor in haar schoenen te schuiven. De Bardolatrists hebben een Shakespeare naar hun beeld en gelijkenis geschapen: iemand die niet in staat is tot een relatie met een vrouw.’

Greers Ann Hathaway is een sterke, onafhankelijke vrouw, die geld verdiende, New Place renoveerde en van haar man hield. Hij was, schrijft Greer, haar ‘boy husband’. Niets wijst erop dat ze niet samen beslist hebben dat Shakespeare beter in Londen kon gaan wonen. En vervolgens wijst niets erop dat hij niet af en toe bij zijn gezin verbleef. Misschien, schrijft Greer, heeft hij zijn bestseller Venus and Adonis wel aan haar keukentafel geschreven. En misschien heeft ze na zijn dood de publicatie van zijn toneelstukken mee helpen financieren. Het kan overdreven lijken, maar het andere ‘kamp’ overdrijft ook. Zo stellen de Bardolatrists Ann als ongeletterd voor. Ze kon de meesterwerken van haar man niet lezen, en ze kon niet met hem corresponderen. Wat een onzin, schrijft Greer. Natuurlijk kon ze lezen en schrijven.

Argumenten voor haar portret vindt Greer in het leven van Hathaways tijdgenoten. Als mevrouw X dit of dat kon doen, dan mogen we aannemen dat het ook binnen Hathaways bereik lag of kon liggen. Ook in Shakespeares werk gaat Greer op zoek naar een bondgenoot. Ze weet natuurlijk ook wel dat de sonnetten en toneelstukken niet gelezen kunnen worden als ‘de allerindividueelste expressie van Shakespeares allerindividueelste emotie’, maar sommige citaten ontkrachten zijn vermeende afkeer van het huwelijk in het algemeen en van zijn vrouw in het bijzonder. Het is bijzonder glad ijs. Elk citaat kan met een ander citaat worden weerlegd. Shakespeares personages zijn geen mensen van vlees en bloed, maar literaire creaties, waarvoor hij meer schatplichtig is aan de literaire traditie dan aan zijn eigen levenservaring.

Greers Ann Hathaway heeft veel weg van een hedendaagse ‘superwoman’: ondernemende zakenvrouw en toegewijde moeder; op vele fronten actief en succesvol. Ik had gehoopt dat ze haar ook een rijk en spannend liefdesleven zou toedichten, maar op dat vlak stelt Greers verbeelding teleur. Haar Ann is een hondstrouwe echtgenote. Wanneer Shakespeare naar Stratford terugkeerde, verzorgde ze hem liefdevol. Misschien had hij wel syfilis, schrijft Greer. Of kanker. Ann stelde geen vragen, maar vervulde zonder morren haar echtelijke plicht. Ze was zijn standvastige, wijze rots in de branding. Dat uitgerekend Germaine Greer een vrouw prijst voor haar dienstbaarheid en opofferingszin, kwam als een complete verrassing. Ik veronderstel dat het niet in haar bedoeling ligt om ons Ann Hathaway als lichtend en stichtend voorbeeld te stellen.

Elke biografie over William Shakespeare zegt minstens evenveel over de auteur als over het onderwerp, schrijft Greer. Shakespeare’s Wife legt een onvermoede kant van Greer bloot: haar romantische ziel. Háár Ann Hathaway hield echt van William Shakespeare, en die liefde overwon elke tegenslag. Helaas – zo leren ons de harde feiten – leefden ze níet nog lang en gelukkig.

Met dit boek verraadt Greer misschien nog het meest haar bewondering voor de briljante jonge man die de achttienjarige William Shakespeare moet zijn geweest. Zij zou voor zo’n begaafde boy husband meteen willen tekenen, zelfs al kon ze hem maar even houden. Wel lijkt het me uitgesloten dat ze zich vervolgens dienstbaar zou hebben gedragen. Greer heeft een overschot aan gelijk als ze echtgenotes uit de klauwen van seksistische biografen wil redden, maar haar portret is uiteindelijk vrijblijvend en misschien een tikkeltje te braaf, te deugdzaam en te rooskleurig.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden