De geur van kunst: hoe ruikt De Slag bij Waterloo?

Wat verbeeldt, zeg, een polder beter: een foto of de geur van dat landschap? En hoe rook het tijdens de Slag bij Waterloo?

Jan Willem Pieneman: De Slag bij Waterloo (1824)Beeld Foto Rijksmuseum Amsterdam

Toen geurwetenschapper Caro Verbeek voor het schilderij De Slag bij Waterloo (1824) stond, miste ze iets. Aan Jan Willem Pienemans schilderkwaliteit lag het zeker niet. Aan het imposante formaat (meer dan 40 vierkante meter) evenmin. Wat ontbrak, was de geur van de man die de slag ensceneerde en die uiteindelijk moest vluchten. De geur van Napoleon. Dus ging ze op zoek.

In de gangen rond de aula van de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) staat de tentoonstelling Aromatic Art (Re-)reconstructed: In Search of Lost Scents opgesteld. Daarin geeft Verbeek, initiator en samensteller, een overzicht van de rol van geur in kunst. Een greep uit het assortiment: de geur van de maan, te ruiken aan een nagemaakte maansteen - 'Door astronauten zelf goedgekeurd' - de geur van de wereld, waarvoor parfumeurs uit alle hoeken van de wereld hun karakteristieke geur instuurden, en een plasje met de geur van polderlandschap.

Op een witte sokkel staat een afgesloten erlenmeyer. Op de bodem een klein laagje vloeistof. De Slag bij Waterloo, zo heet hij, beschouwd vanuit Napoleon, maar dan in geur. Verbeek knijpt in het luchtpompje. Na een paar pufjes wijst ze naar de afbeelding van Pienemans schilderij, die naast de sokkel hangt. 'Kijk hier tijdens het ruiken naar. Dat helpt.'

'Ruik je de paarden?' Pieneman schilderde er een flink aantal in zijn kolossale weergave van de slag. Prominentst is het paard van de hertog van Wellington, de figuur op de voorgrond. Het schilderij toont het moment waarop hij te horen krijgt dat versterking ophanden is. Maar van die andere hoofdpersoon, keizer Napoleon, valt geen spoor te bekennen. Van hemzelf, noch van zijn paard.

Paard

Paard is een van de basisnoten van het geurwerk de Slag bij Waterloo, dat in totaal uit zo'n vijftig geuren bestaat. Het is de noot die niet als eerste bovenkomt, maar pas doordringt wanneer je de Slag bij Waterloo een tijdje onder je neus houdt. Paard bleek ook direct het moeilijkst te verkrijgen: 'Het meest hightech onderdeel van de geur.'

Een grote machine van Zwitserse makelij moest de geur van een echt paard opzuigen. Met behulp van een gaschromatograaf, een apparaat dat moleculen onderscheidt en herkent, konden onderzoekers van het IFF, een internationaal onderzoeks- en ontwikkelingsbureau voor geuren en smaken, vervolgens bepalen uit welke moleculen de geur bestaat. Zo kon de originele geur worden nagemaakt met synthetische stoffen.

Twee jaar geleden benaderde Verbeek het Rijksmuseum. Hoe ervaren bezoekers een schilderij als je geur toevoegt? Het museum reageerde enthousiast. Samen met het IFF ontwikkelden de twee partijen dertien geuren, gebaseerd op schilderijen uit de hoogtepuntentour van het Rijksmuseum. De Slag bij Waterloo-geur komt daar uit voort, en was het afgelopen jaar in het Rijksmuseum te ruiken. Nu is de geur het pronkstuk van Verbeeks eigen tentoonstelling in de VU.

Associaties

Zelf ontdekte Verbeek wat geur met kunst kan doen toen ze de biënnale van Venetië bezocht. Een sterke geur van kerrie, kurkuma en peper bracht haar uit haar concentratie. 'Het irriteerde me, ik kon m'n aandacht niet bij de kunst houden.' De geur bleek onderdeel van een experimentele installatie. De geur wás de kunst. Inmiddels werkt ze aan een proefschrift over de rol van geur in kunst.

'Zoiets als intellectueel ruiken bestaat niet. Ons brein koppelt geur direct aan emoties die we voelden toen we de geur voor het eerst roken. Die zijn cultureel bepaald.' Iemand die ooit paardrijles heeft gehad, zal het geurwerk over Napoleon daarom aangenamer vinden dan iemand die nooit een manege van binnen heeft gezien. 'Pogingen tot objectief ruiken worden verstoord door onze eigen associaties', zegt Verbeek. Juist daarom kan de neus als zintuig een grote bijdrage leveren aan kunstbeleving.

'Het was het meer dan waard geraakt te worden. Nu kan ik tenminste even vluchten met de geur van eau de cologne', citeert Verbeek uit het verslag van een soldaat uit de Eerste Wereldoorlog. Een Engelsman, en 'geurgetuige', iemand die niet alleen de gebeurtenissen maar ook de geuren van zijn tijd op papier vastlegde.

Onder de entourage van Napoleon bevonden zich ook geurgetuigen. In hun verslagen las Verbeek dat de Franse keizer een grootverbruiker was. 'Voor hij het slagveld opging, overgoot Napoleon zichzelf met liters eau de cologne, li-ters.' Hoe makkelijk het ook zou zijn het grootverbruik van de keizer toe te schrijven aan zijn ijdelheid, voor die tijd was het normaal. Daarom ruik je vóór de paarden eerst een vluchtige noot van citrus eau de cologne, de topnoot genoemd.

Wondermiddel

Eau de cologne werkte niet alleen verkwikkend, het ontsmette ook. Tijdens de Napoleontische oorlogen behoorde het tot de standaarduitrusting van soldaten die naar het front moesten. Om te drinken of om pannen mee af te wassen. Door toedoen van Napoleon zelf kreeg het praktische wondermiddel het stempel van parfum. In 1810 dwong de keizer alle makers van inwendige geneesmiddelen hun recepten te openbaren. Uitgerekend de maker van zijn eau de cologne - de Duitser Muehlens, die het recept weer eerder had overgekocht van de Italiaan Farina - weigerde dat resoluut. Muehlens besloot het middel, dat hij in 1794 al de naam 4711 had gegeven, voortaan als geurwater te verkopen. Zo ontliep hij de maatregel van de keizer.

Aanvulling

Dat Napoleon zelf in het schilderij van Pieneman zou ontbreken, is niet helemaal waar. Feitelijk is hij er, maar je moet het net weten. De conservator zocht het nog speciaal voor Verbeek uit. Ergens onherkenbaar weggemoffeld tussen de drommen soldaten die de achtergrond van het doek vullen. Maar beter ook, vindt Verbeek. Was de kleine keizer wel zichtbaar geweest op het doek, dan zou het beoogde effect van de geur maar half zo groot zijn geweest, denkt ze. Want: 'Reuk moet een aanvulling zijn op het statische beeld dat je ziet, geen vervanging. Door te hinten op dat wat je niet ziet, komt een statisch beeld in beweging.'

Pieneman schilderde een grauwe hemel boven Waterloo. Daarin volgde hij de ooggetuigenverklaringen van die klamme julidag. Napoleon moet zijn rug nat van het zweet hebben gehad. Angstzweet, want de enige bescherming die Napoleon bij zonsondergang nog had, was het menselijk schild dat zijn elitegarde vormde. Bovendien konden de Pruisen, die hem opjoegen in zijn vluchtpoging, niet ver achter hen zitten.

'Angstzweet is veel kruidiger dan normale transpiratie. Bij mannen komt de geur van komijn vrij.' Dus liet Verbeek komijn als hartnoot aan haar geurwerk toevoegen, sluimerend tussen de geur van paarden en eau de cologne. Nat mos en kruitdamp maken de ervaring compleet.

Hoezeer De Slag bij Waterloo ook tot de verbeelding spreekt - of eigenlijk: ruikt - Verbeek paste wel een filter toe bij haar keuze uit de elementen die ze overnam van Pienemans schilderij. Want technisch mag het ambacht van geurontwerpen dan geen grenzen meer kennen, ethisch zijn die er wel degelijk. Verbeek: 'Bloedgeur of de stank van rottende lijken jaagt mensen weg. Dat wil je ook niet.' Lachend: 'Je moet niet alles willen onthullen.'

Aromatic Art (Re-)reconstructed: In Search of Lost Scents. Vrije Universiteit Amsterdam (eerste verdieping), t/m 23/5. Vrij toegankelijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden