Review

De gesloten wereld achter het IJzeren Gordijn is op elke pagina voelbaar

Nu pas vertaald: László Krasznahorkai's meesterwerk uit 1989 over een machtsgreep op het Hongaarse platteland. De gesloten wereld achter het IJzeren Gordijn is op bijna elke pagina voelbaar.

László Krasznahorkai - De melancholie van het verzet

Vorig jaar kreeg de Hongaarse schrijver László Krasznahorkai (1954) The Man Booker International Prize. Het was niet de eerste prijs die hij won en het zal ook niet de laatste zijn, want zijn omvangrijke oeuvre is van ongekend hoog niveau. Zijn bekendste boek is het in 2013 in het Nederlands verschenen Satanstango. Nu is er De melancholie van het verzet, eveneens vertaald door Mari Alföldy, die voor deze titanenklus ook een prijs verdient.

De melancholie van het verzet verscheen oorspronkelijk in 1989 en de gesloten wereld achter het IJzeren Gordijn is nog op elke pagina voelbaar. In een kleine stad op het Hongaarse platteland wordt de komst van een buitenlands circus aangekondigd inclusief 'de grootste reuzenwalvis ter wereld' en een slechts tien kilo wegende Prins met drie ogen en een groot talent voor duistere orakelspreuken.

Fictie

László Krasznahorkai

De melancholie van het verzet

Uit het Hongaars vertaald door Mari Alföldy.

Wereldbibliotheek; 416 pagina's; euro 29,99.

Voor mevrouw Eszter is dit het zoveelste bewijs van een op handen zijnde catastrofe. Ze besluit een partij op te richten om de 'algehele verloedering' tegen te gaan. De straten moeten schoongeveegd, de vreemdelingen weggejaagd.

Tegelijk wil ze wraak nemen op haar man, een gerespecteerde muziekschooldirecteur die haar na dertig jaar huwelijk de deur heeft gewezen. Ze stelt hem voor een onmogelijke keuze. Of ze keert met haar koffer terug, of hij wordt de voorzitter van haar partij.

Meneer Eszter wil echter niets meer weten van die 'rasechte soldate (...) die slechts één ritme kende, dat van de mars, en slechts één melodie, die van het alarm.' Liever laat hij zich verzorgen door János Valuska, een 35-jarige postbode die van 'de toverachtige stille zeeën van de sterrenhemel' droomt. Hij zorgt voor het eten, terwijl meneer Eszter filosofeert over de verschillende wijzen waarop een piano kan worden gestemd.

Onbehagen

Krasznahorkai schrijft geen eenvoudig proza. Zijn zinnen vullen vaak een halve pagina en de dialoog beperkt hij tot het hoogst noodzakelijke. Toch lees je door, want zijn personages maken een fascinerende ontwikkeling door. Zo komt meneer Eszter tot het inzicht dat de engelachtige János zijn enige reden van bestaan is, juist als János door mevrouw Eszter als spion wordt ingezet, waarna hij al zijn engelachtigheid verliest.

Tegelijk is dit verhaal een scherpe analyse van wat onbehagen met een maatschappij kan doen. In hun angst voor het onbekende vinden mensen elkaar en pas na afloop, als ze hun woede gekoeld hebben door een ziekenhuis te plunderen, vragen sommigen zich af waarmee ze bezig zijn geweest. Maar dan is het kwaad al geschied.

Waarmee deze roman ook de verbeelding van een machtsgreep is. De partij van mevrouw Eszter wil de stad behoeden voor onlusten, maar als deze toch plaatsvinden komen die haar goed van pas. Tanks rijden de stad binnen en de lijst met namen van zogenaamde raddraaiers blijkt al klaar te liggen. De heksenjacht kan beginnen.

In twee weken tijd is het leven van mevrouw Eszter totaal veranderd. Van een onbeduidend lid van de Vrouwenraad is zij 'secretaris' op het Stadhuis geworden, sneller en makkelijker dan verwacht. Het enige wat ze nog moet doen, is haar vroegere woning opeisen. Samen met haar nieuwe geliefde trekt ze erin, meneer Eszter krijgt de bijkeuken toebedeeld.

Dat de sympathie van de schrijver bij een dromer als János ligt en niet bij de gewetenloze machthebbers moge duidelijk zijn. Krasznahorkai tekent een wereld waarin iedere tegenstem de mond wordt gesnoerd. De angst regeert en een zondebok is snel gevonden. Een kwart eeuw later is er, gezien het recente Hongaarse referendum, nog bar weinig veranderd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.