De geschiedenis van oma’s meisjesbloed

Op de ‘bloedzolder’ van een meisjesinternaat stonden vroeger manden vol gebruikte badstof lapjes, die eens in de maand moesten worden uitgekookt....

En dat mag wel eens. Want bij alle aandacht die er de laatste tijd is voor de historische canon, wordt wel eens vergeten dat er in het verleden net als nu hoofdzakelijk gewone mensen waren, voor wie zoiets als de moord op Willem van Oranje niet per se belangrijker was dan een ongewenste zwangerschap.

Dat lijkt een waarheid als een koe, maar wie moderne historische kinderboeken leest, bekruipt vaak het gevoel dat er in het verleden altijd wel een vrijgevochten jongen van een jaar of twaalf toevallig bevriend raakte met een grootheid en zo van dichtbij getuige werd van hoe er geschiedenis werd gemaakt.

Ongeloofwaardig, maar dat willen we Thea Beckman, de uitvindster van dit populaire genre, best vergeven. Zij heeft immers ontzettend veel kinderen een onverwoestbare passie voor onze geschiedenis bijgebracht. Maar de potpourri die haar vele opvolgers ervan maken, schrijfsters als Simone van der Vlugt, Joyce Pool en Martine Letterie, begint zo langzamerhand echt te vervelen.

Gelukkig staat De Sterck in haar belangstelling voor het alledaagse niet alleen. Toevallig begon RTL5 ongeveer in dezelfde tijd dat haar boek verscheen, met het programma Dat zal ze leren!. In deze reality soap laten moderne jongeren zich onderdompelen in dezelfde jaren vijftig van De Sterck. Maar waar het tv-programma blijft steken in het gemis van de mobiele telefoon, gaat Kwaad bloed een stapje verder.

Emma komt uit een socialistisch arbeidersgezin. Haar vader is atheïst en ziet God als een uitvinding van de machtigen der aarde om de kleine man dom te houden. Toch stuurt hij Emma naar een streng, door nonnen geleid meisjesinternaat, nadat ze haar zus ‘het’ heeft zien doen met haar vriend Jef. Ineens is zus ‘ziek’ en kan Emma beter even ergens anders zijn.

Zo ging dat. Onbezorgde kindertijd afgelopen en van de ene op de andere dag met honderd andere opbloeiende meisjes over niets anders dan borsten praten. Het kost de dromerige Emma, die nog denkt dat ze daar beneden slechts één gaatje heeft, wel wat tijd om het allemaal op zich te laten inwerken.

Maar dan ontdekt ook zij de ware betekenis van het sprookje van Doornroosje en volksliedjes als De mosselman.

Dat laatste is een intrigerend element in Kwaad bloed. De Sterck, van huis uit cultureel antropoloog en gespecialiseerd in inwijdingsrituelen, werd door verzamelaars geholpen in het bijeenbrengen van een indrukwekkende collectie schunnige Vlaamse liedteksten. Die kunnen worden gezien als slim verpakte seksuele voorlichting.

Je kunt meiden wel achter doornstruiken verbergen tot ze oud genoeg zijn voor het huwelijk, dit soort informatieve rijmpjes pak je ze niet af. Emma’s vriendin Bie komt van een boerderij en kent er heel veel. Wist u bijvoorbeeld dat die tante uit Marokko Roos heet en altijd met een wapperende rode vlag komt aanzetten? Echt feestelijk wordt het echter pas met het hilarische Wiplied.

Overigens is het ook op het punt van de erotiek waar Kwaad bloed mank gaat. De Sterck probeert er iets fysieks en broeierigs van te maken, maar een Louis Paul Boon of Hugo Claus is ze niet. Jammer, want je moet wel een heel voorzichtig vwo-meisje zijn om niet meteen door te hebben waar het allemaal over gaat. Als voor de zoveelste keer de spreekwoordelijke mieren over de ‘evenaar van haar navel’ richting Emma’s schaamstreek wandelen, verlangt zelfs de meest preutse vader dat De Sterck gewoon eens open en bloot vertelt hoe de zaken ervoor staan.

De Sterck schrijft verdienstelijk, maar ze overtuigt niet op de plekken waar het ’t hardst nodig is. Gedachten die uit hoofden tuimelen, letters die van bladzijden worden geschopt: het zijn weinig spannende, veel te intellectualistische metaforen voor een verhaal als dit. Ze zijn bovendien al in dertig andere boeken van Querido-auteurs te vinden. en dus weinig origineel.

Dat neemt niet weg dat Kwaad bloed, al was het maar vanwege de uitermate passende omslagfoto van kunstenares Carla van de Puttelaar, een welkome afwisseling biedt in de wereld van het historische jeugdboek. Want dat dit genre al sinds het ontstaan van het kinderboek ongemeen populair is, betekent niet dat het niet hoognodig aan vernieuwing toe is. Eindelijk eens wat anders dan ridders, schildknapen en Geuzen. Hoewel De Sterck daar ongetwijfeld ook wel raad mee zou weten.

Pjotr van Lenteren

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.