AnalysePrix de Rome

De genomineerden voor de Prix de Rome zijn idealistisch, maar daarmee af en toe ook onbegrijpelijk ★★★★☆

Femke Herregraven, Diving Reflex (Because We Learned Not to Drown, We Can Sing), multimedia-installatie, 2019.Beeld Daniel Nicolas

Donderdag wordt de winnaar van de prijs voor architectuur en beeldende kunst bekendgemaakt.

Prix de Rome

Beeldende kunst

★★★★☆

Femke Herregraven, Sander Breure & Witte van Hulzen, Esiri Erheriene-Essi en Rory Pilgrim. 

Stedelijk Museum Amsterdam, t/m 22/3. Bekendmaking winnaar 31/10. Performance Sander Breure & Witte van Hulzen t/m 1/11.

De laatste paar jaar is de kunstwereld er een geworden waarin verwondering over ecologie, economie, nepnieuws, ongelijkheid, gender, zeg maar alle actuele maatschappelijke issues, de boventoon zijn gaan voeren. Niet onbegrijpelijk. Lange tijd ging het alleen over de schoonheid van de verfstreek en de vibrerende werking van kleuren. Nu is de pendule de andere kant opgeslagen. En gaat het eerder over de ‘vibratie van het liegen’, zoals er over het werk van Femke Herregraven wordt gezegd. 

Herregraven is, samen met Sander Breure & Witte van Hulzen, Esiri Erheriene-Essi en Rory Pilgrim een van de genomineerden voor de Prix de Rome, een prestigieuze aanmoedigingsprijs voor jonge kunstenaars en architecten. En inderdaad, bij geen van de kunstenaars zijn de maatschappelijke thema’s die het nieuws tegenwoordig domineren ver weg. Jaargang 2019 is op zich een goede en gevarieerde. Van relatief traditioneel, maar effectief, zoals  Erheriene-Essi, tot experimenteel (Breure & Van Hulzen), dromerig (Pilgrim) en wel erg ingetogen, zoals van Herregraven.

De bijdrage van de laatste is daarmee ook de minst toegankelijke. Ook, omdat de thematiek - de verhouding tussen catastrofe obligaties en toekomstig natuurgeweld - niet bij veel bezoekers een lampje zal laten branden.  Op zich is de opstelling intrigerend, met attributen die verwijzen naar rampen (kapotte kratten en oliedrums, geluid van water), in het schijnsel van blauwig maanlicht. Maar al snel verandert verwondering in een lichte ergernis: wat doet dat uitvergrote strottenhoofd daar, en die nog grotere oorschelpen? Nog afgezien van het schema met cijfers over verzekeringen en aardbevingen.

Femke Herregraven, Diving Reflex (Because We Learned Not to Drown, We Can Sing), multimedia-installatie, 2019.Beeld Daniel Nicolas
Femke Herregraven, Diving Reflex (Because We Learned Not to Drown, We Can Sing), multimedia-installatie, 2019.Beeld Daniel Nicolas

Toegankelijk 

Hoe toegankelijk zijn de schilderijen dan van Esiri Erheriene-Essi? Engelse van geboorte, maar cultureel verbonden met Nigeria, en daarin nog steeds tomeloos geïnteresseerd, afgaande op de grote hoeveelheid geschilderde polaroidbeelden die ze aan de muur heeft laten spijkeren. Veelal familieportretten in uitgebeten flitslicht, gecombineerd met printjes van oude krantenfoto’s, familiekiekjes en portretten als van Diana Ross.  

Esiri Erheriene-Essi, The Inheritance (or Familiar Strangers), 2019.Beeld Daniel Nicolas
Esiri Erheriene-Essi, The Inheritance (or Familiar Strangers), 2019. Beeld Daniel Nicolas
Esiri Erheriene-Essi, The Inheritance (or Familiar Strangers), 2019.Beeld Daniel Nicolas

Bescheiden

De bescheidenheid van Erheriene-Essi is vergelijkbaar met die van Rory Pilgrim, de Engelsman die in 2012 de eer kreeg met zijn deels gezongen kunstwerk het Stedelijk Museum te mogen openen, naast Beatrix. Hij heeft zijn filmcamera nu gericht op een kleine gemeenschap van jonge klimaatactivisten en laat met een wat dromerige blik zien dat een ecologische ommekeer niet groots hoeft te beginnen, maar juist te midden van een kleine club gelijkgestemden. Wat misschien even idealistisch als naïef is, maar wel consequent romantisch in beeld wordt gebracht.

Rory Pilgrim, The Undercurrent (video still), multimedia-installatie, 2019.Beeld Daniel Nicolas
Rory Pilgrim, The Undercurrent, multimedia-installatie, 2019.Beeld Daniel Nicolas

Vervreemdend 

Onderscheidend tussen deze deels conventionele, deels onbegrijpelijke werken is de ziekenhuisperformance van Sander Breure & Witte van Hulzen. Oké, het is een tikkeltje overeenkomstig de legendarische show van Tino Sehgal in het Stedelijk (onverwachte optredens van zaalwachten die begonnen te zingen en dansen). Het tweetal laat een aantal acteurs gebaren maken, ontleend aan de manier waarop in het hospitaal doktoren, schoonmakers en patiënten zich bewegen. Met als vervreemdend effect dat museumbezoekers zich hierin zullen herkennen, alsof zij vergelijkbare geneesheren en slachtoffers zijn van de kunst: dat je kijkt en wordt bekeken. 

Sander Breure & Witte van Hulzen, Accidents Waiting to Happen, installatie, sculptuur, video, performance, 2019. Beeld Daniel Nicolas
Sander Breure & Witte van Hulzen, Accidents Waiting to Happen, installatie, sculptuur, video, performance, 2019. Beeld Daniel Nicolas

Wie er moet winnen? Dan toch het duo Breure en Van Hulzen. Alleen al voor het feit dat weinig kunstenaars zo goed de steriliteit van de witte museumzaal hebben blootgelegd. En deze steriliteit met alleen al de eenvoudige toevoeging van een zacht gekleurde linoleumvloer hebben weten om te vormen tot de wachtzaal van een ziekenhuis. Het zou een inherente vingerwijzing kunnen zijn dat de musea nu eens eindelijk hun, zogenaamd witte, neutrale mortuariummuren in een kleurtje moeten sauzen. 

Met dank aan Rory Pilgrim en andriesse eyck galerie, met speciale dank aan MING Studios en David Andrews.

Met dank aan tegenboschvanvreden Amsterdam, met speciale dank aan het Leids Universitair Medisch Centrum.

De Prix de Rome bestaat sinds het begin van de 19de eeuw en is daarmee de oudste prijs voor afwisselend kunstenaars jonger dan 40 jaar en architecten jonger dan 35 jaar. Het is ook de grootste prijs: de winnaar ontvangt een geldbedrag van 40 duizend euro en mag 3 maanden werken aan de American Academy in Rome. De afgelopen jaren wonnen Alessandra Covini (2018, architectuur), Rana Hamadeh (2017, beeldende kunst) en Magali Reus (2015, beeldende kunst). 

De 2019-editie van de Prix de Rome mag een goede en gevarieerde zijn, maar dan wel alleen op grond van het werk. Niet op de uitleg die de meeste kunstenaars en hun scouts, in het eerste zaaltje van de tentoonstelling, over dat werk geven. Die is, op de mondelinge toelichting van Esiri Erheriene-Essi en haar scout Ronald Ophuis na, grotendeels onbegrijpelijk. Een fraai staaltje gemakzuchtig gegoochel met modieus taalgebruik, over de bio-politieke dimensie van het leven, het subtiele bewustzijn, feminisme, codes en regels, non-verbale dialogen, waardetoekenningen en de vibratie van het liegen. Uitgangspunten die in geen vijf mensenlevens tot een behoorlijk oeuvre aan elkaar te knutselen zijn. Taalgebruik dat de bezoeker bovendien dusdanig beïnvloedt dat kijken daarna nog nauwelijks mogelijk is. Het ware beter deze ‘introductie’ aan het einde van de expositie te geven. Op weg naar de uitgang.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden