De geboorte van een buurt

In het laatste kwart van de negentiende eeuw beleefde Amsterdam een sinds de gouden tijden van de zeventiende eeuw niet meer gekende economische en culturele opbloei....

Han van Gessel

Zo werd in 1876 begonnen met de bouw van het Rijksmuseum naar een ontwerp van de gerenommeerde architect P.J.H. Cuypers. De officiële opening vond plaats in 1885. Tussendoor werd in 1883 op het braakliggende terrein achter het museum, het tegenwoordige Museumplein, een wereldtentoonstelling gehouden, die anderhalf miljoen bezoekers trok. Tussen 1882 en 1888 werd aan de andere kant van het terrein het Concertgebouw gebouwd naar een ontwerp van A.L. van Gendt.

Het zag er allemaal mooi en spectaculair uit, maar de geboren Amsterdammers binnen de oude stadsgrenzen bekeken de bouwactiviteiten met gemengde gevoelens. Het gebied achter het Concertgebouw was nog grotendeels een zompig en eenzaam polderlandschap, eigendom van de gemeente Nieuwer Amstel. Het gebouw stond in z'n eentje te pronken, rondom omgeven door weilanden en sloten. Wie vanuit de stad naar een concert ging, had een verre tocht voor de boeg.

'Het stond zo ver buiten de stad, zo ongezellig', noteerde Ina Boudier-Bakker later in De klop op de deur (1930) de reactie van een Amsterdammer. 'En wat had je aan dat zo-gezegde prachtig uitzicht van het voorbalcon. Jawel, je zag ver. Aan de overzijde van het weiland had je in de verte het Rijksmuseum en de Waskaarsenfabriek. Rechts keek je over de moestuinen tot voorbij de Amstel.' De tram bracht de Amsterdammers niet verder dan tot de P.C. Hooftstraat. 'Verder was 't baggeren - griezelig en donker.'

Lang zou deze desolate toestand niet duren. In 1896 annexeerde de gemeente Amsterdam een groot deel van Nieuwer Amstel, speciaal ook met het oog op de bouw van een prestigieuze wijk voor de nieuwe rijken: de Concertgebouwbuurt. Mooie, lange wegen en straten werden aangelegd, aan weerszijden geflankeerd door statige herenhuizen. Nog steeds is de buurt een geliefd oord in Amsterdam, wat zich weerspiegelt in torenhoge huizenprijzen.

De geboortegeschiedenis van de Concertgebouwbuurt staat beschreven in een klein, met veel liefde gemaakt boekje: . . .Naar de Noordpool, een expeditie - De ontstaansgeschiedenis van de Concertgebouwbuurt met bijdragen van historicus Jan Bank, uitgever Bas Lubberhuizen en Jolande Otten. De titel van het boekje, dat ter gelegenheid van de eeuwwisseling werd uitgegeven door het achter het Concertgebouw gelegen café Welling (fl. 15,-), is ontleend aan een opmerking in De Amsterdamsche Gids uit 1925: 'Het Concertgebouw heeft eenige jaren gestaan als een oase in een woestijn; het stond er bijna geheel alleen en des winters kon een gang er heen gelden als een naar de Noordpool.'

De culturele opbloei van de hoofdstad kwam niet alleen tot uiting in de nieuwe cultuurtempels, maar ook in de keuze van de straatnamen in de nieuwe wijk, schrijft Bank. In 1870 had de gemeenteraad besloten nieuwe straten voortaan te vernoemen naar historische personen. In 1876 werd de Botermarkt, waar het standbeeld van Rembrandt was geplaatst, omgedoopt in Rembrandtplein. In de Concertgebouwbuurt kregen - vanzelfsprekend - vooral componisten en musici de eer van een eigen straat.

Ook twee eigentijdse musici werden met een straatnaam gefêteerd: Johannes van Bree en Johannes Verhulst, 'de muzikale reuzen van de negentiende eeuw', aldus Bank. 'De een leidde het befaamde kerkkoor van de Mozes en Aäronkerk, waaraan Franz Liszt en - naar men zegt - Beethoven muzikale bijdragen hadden geleverd. Verhulst, leerling van Mendelssohn, was in de eerste helft van zijn muzikantenbestaan een liederencomponist van zekere reputatie en in de tweede helft een gezaghebbend dirigent in het Nederlandse muziekleven.'

Over de muzikale grandeur van Verhulst werd aan het eind van de eeuw verschillend gedacht. Bank: 'In 1891 werden zijn artistieke kwaliteiten met de grond gelijkgemaakt in een artikel van Alphons Diepenbrock; een componist die overigens zijn werkzaam leven sindsdien zou doorbrengen in de naar Johannes Verhulst genoemde straat.' O ironie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden