ColumnHerien Wensink

De film houdt niet zo van toneel als het toneel van de film

Bij NRC, die andere mooie krant waar ik een tijd heb gewerkt, ruilden ooit de film- en theaterredacteur van portefeuille. Voor een jaar, zomaar, gewoon omdat dat leuk was (Bor Beekman, lees je mee?). Je kunt je er iets bij voorstellen, gezien de verwantschap tussen de disciplines, die voor een belangrijk deel drijven op spel, dialoog en narratief. Dat ruilt makkelijker dan met de collega’s van klassieke muziek of beeldende kunst.

Theatermakers houden ook van film. Ze integreren video of live filmopnamen in hun voorstellingen (Guy Cassiers, Ivo van Hove, Katie Mitchell), of ze rafelen op toneel filmscripts uiteen, zoals Van Hove deed met scenario’s van Bergman, Visconti en Cassavetes.

Marjolijn van Heemstra bracht recent nog een theatraal college filmgeschiedenis rond (het waarheidsgehalte en receptie van) Lawrence of Arabia. En minder creatieve regisseurs vertalen gewoon een succesvolle publieksfilm vrij letterlijk naar toneel. Zo herinner ik me een fantasieloze toneelreplica van Rain Man, maar ook klassiekers als Casablanca, Gone with the Wind en Kramer vs. Kramer kregen brave toneelversies.

Laatstgenoemd echtscheidingsdrama staat daar niet voor niets.

Want het was door de schitterende opvolger daarvan, Noah Baumbachs Marriage Story, dat ik me afvroeg: is de liefde wel wederzijds? Steen des aanstoots: de idiote manier waarop het ‘avant-garde theater’ van hoofdpersoon Charlie Barber (gespeeld door Adam Driver), een toneelregisseur, wordt verbeeld. We zien een repetitie van Elektra, vertolkt door Scarlett Johannson (die Barbers echtgenote en de leading lady van zijn gezelschap speelt). Met gekwelde blik en gehuld in ernstige zwarte coltrui balanceert zij onhandig (en onnodig) op de schouders van een collega, terwijl ze moeizaam over het toneel heen en weer bewegen. Driver kijkt moeilijk bij het repeteren van de scène, denkt héél diep na – hier is ongrijpbare artistieke genialiteit aan het werk – en zegt dan, bloedserieus: ‘Probeer het nu eens... kruipend? Maar tegelijk ook staand.’

Als toneel een bijrol heeft in film, is dat vaak ongunstig: ijdel, pretentieus, onbegrijpelijk, achterhaald. Wie zijn beeld van toneel op zulke filmscènes baseert, zal het theater, begrijpelijk, levenslang mijden. Maar toneel is nooit, nee, echt nóóit, zo stom en moeilijkdoenerig als het hier wordt afgeschilderd. (Oké, misschien een heel korte periode begin jaren negentig. In Polen.) Al komen liefhebbers van klassieke muziek er in films natuurlijk nog slechter vanaf, want die zijn altijd autist of psychopaat. Of allebei.

En dat terwijl de relatie zo vruchtbaar kan zijn. Met legendarische verfilmingen van toneelstukken (een mini-greep) als Who’s afraid of Virginia Woolf, Angels in America of West Side Story. Met toneelschrijvers die met hun overstap het filmlandschap veranderen (Phoebe Waller-Bridge!), of filmmakers die zich met groot succes door toneel laten inspireren (Woody Allen). En natuurlijk met die paar prachtige films over toneel die doorgaans even geestig als toegenegen zijn (All About Eve, Birdman). Het kan best.

Maar nu is het wachten eerst op de toneeladaptatie van Marriage Story. In regie van Erik Whien, bijvoorbeeld, die eerder mooie, geraffineerde huwelijksdrama’s regisseerde. En dan met Rick Paul van Mulligen en Hannah Hoekstra als het scheidende koppel. Volle zalen (én goed toneel) gegarandeerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden