Achtergrond

De film als verzetsdaad

Dat de film kon worden gemaakt, in de oorlogsjaren in Frankrijk, is een kunststuk op zichzelf. Veel hongerige magen moesten bij het draaien van Les enfants du paradis, nu digitaal gerestaureerd te zien, worden genegeerd. Aan het resultaat van de fantastische film is dat niet af te zien.

Kevin Toma
Jean-Louis Barrault en Arletty in Les enfants du paradis Beeld
Jean-Louis Barrault en Arletty in Les enfants du paradisBeeld

Enorme honger heerste er, op de set van de superklassieker Les enfants du paradis. De makers moesten het in het door de oorlog geteisterde Frankrijk van 1943 doen met een schamel noodrantsoen. Logisch dat het als rekwisiet bedoeld voedsel soms werd gestolen voor de opnamen waren afgerond.

Pijnlijk was de scène waarin een personage wat hapjes neemt van een gebraden kip en het vlees vervolgens achteloos weggooit. Buiten beeld griste het uitgehongerde personeel de kluifjes meteen van de grond, herinnert lichttechnicus Jean-Roger Bontemps zich in de documentaire Il était une fois: les enfants du paradis (2009). 'Elke keer als ik de film zie, denk ik aan dat rondvliegende kippenboutje.'

Van die barre omstandigheden is niets te merken aan het fonkelende oppervlak van Les enfants du paradis. En dat is het wonder van deze film, die nu te zien is in een digitale restauratie en nog steeds geldt als kroonjuweel van de Franse cinema. Les enfants zingt zich grandioos los van de ellende buiten de set, drie uur lang, met een 19de-eeuws reuzendecor en een massa figuranten. Je gelooft eerder dat de film rond 1830 is gedraaid dan tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Oneetbaar voedse

Marcel Carné (1906-1996) maakte naam met poëtisch-realistische producties als Le Quai des brumes (1938) en Le jour se lève (1939), die met hun sombere ondertoon directe voorlopers waren van de Amerikaanse film noir. Naast Les enfants du paradis (1943) draaide Carné het sprookje Les visiteurs du soir (1942) in de oorlog. Ook toen heerste honger op de set: om diefstal ervan te voorkomen, moest Carné voor de opnamen bedoeld voedsel oneetbaar maken met fenol.

Liefdesverklaring aan het toneel

Gepolijst escapisme, lijkt het dan ook. De censuur eiste dat filmmakers de actualiteit meden. Daarom situeerden regisseur Marcel Carné (1906-1996) en scenarist Jacques Prévert (1900-1977) het verhaal aan de oude Parijse Boulevard du Temple, met zijn wirwar van theaters, kermistentjes en kroegen. Omstreeks 1830 was dit een joyeuze, woelige wereld, waar toneelacteur Lemaître en mimespeler Baptiste (Jean-Louis Barrault) slechts twee van de mannen zijn die courtisane Garance (Arletty) begeren. Kritiekloos, romantisch vertier, exact wat de Duitsers en het collaborerende Vichy-bewind wensten.

Maar schijn bedriegt. Les enfants gaat over de verhouding tussen theater en realiteit. Een liefdesverklaring aan het toneel. Maar de film is vooral bedoeld als verzetsdaad: als daverend bewijs dat de Franse filmcultuur zich niet door de oorlog liet knechten en verlammen. 'We wilden met ons verstand herwinnen wat de wapens ons hadden ontnomen', zei Carné in 1975.

Regisseur Marcel Carné tijdens de opnamen Beeld
Regisseur Marcel Carné tijdens de opnamenBeeld

Om dat te bereiken, ging hij even rebels als pragmatisch te werk. Films mochten van de censuur slechts 90 minuten duren. Veel te kort, vonden Carné en Prévert, en daarom vermomden ze Les enfants du paradis als twee films. Dat hoofdrolspeelster Arletty (artiestennaam van Léonie Marie Julie Bathiat) een liefdesrelatie had met Hans-Jürgen Soehring, een Luftwaffe-officier, zag men door de vingers; zij was de grote ster van de productie, en Prévert had de Garance-rol speciaal voor haar geschreven.

Tegelijkertijd riskeerde Carné zijn leven door clandestien Joodse kunstenaars in te schakelen. Componist Joseph Kosma schreef de orkestmuziek, Alexandre Trauner ontwierp - onder valse naam - het gigantische Boulevard du Temple-decor. Geld vond Carné bij de Frans-Italiaanse filmmaatschappij van André Paulvé, zelf deels Joods. De opnamen begonnen op 18 augustus 1943, in het toen nog door Italië bezette Nice. Het blijft duivelskunst hoe ter plekke Trauners 90 meter lange, vijftig façades bestrijkende ontwerp werd verwezenlijkt: 35 ton steigers gingen erin op, 350 ton gips, 500 vierkante meters glas en 67 duizend manuren. Een pronkstuk van een decor, het grootste uit de Franse filmgeschiedenis.

Les enfants du paradis Beeld
Les enfants du paradisBeeld

Helaas kwam de productie al snel tot stilstand. De landing van de geallieerden op Sicilië maakte draaien in Nice onmogelijk, en Paulvé kreeg vanwege zijn afkomst een werkverbod. Ook toen studio Pathé het roer overnam en de opnamen in Parijs werden hervat, bleef Les enfants een geplaagde onderneming. Voortdurend viel de stroom uit. Filmmateriaal was zo zeldzaam dat Carné van elke shot slechts één take mocht draaien.

En dan moest Carné ook nog zijn bemanning zien te beheersen. Les enfants werd gedraaid met een leger aan technici en bijna tweeduizend figuranten, onder wie collaborateurs én verzetstrijders, ondergedoken Joden én verklikkers. De Duitsers probeerden Carné hun eigen figuranten op te dringen; steeds dreigde het gevaar van razzia's. Toen Parijs in de zomer van 1944 werd bevrijd, vluchtte nazi-sympathisant Robert le Vigan, die de belangrijke bijrol van voddenman/informant Jéricho speelde, naar het buitenland. Hoe meer je van zulke perikelen weet, hoe ongelooflijker het wordt dat Les enfants überhaupt tot een goed einde kwam. In latere interviews deed Carné alsof het een peulenschil was. 'Ik geloof niet dat ik iets buitengewoons heb verricht', zei hij in 1989. 'Als ik vocht, dan niet voor mezelf, maar voor de film.'

De Franse cinema nam in de oorlog zijn toevlucht tot veilige verhaaltjes

De Franse filmindustrie beleefde tijdens WOII bepaald geen trotse periode. Relatief weinig filmmakers vluchtten naar het buitenland toen de nazi's voor de deur stonden, en wie bleef diende zich te schikken naar de eisen van de bezetters en de collaborerende Vichy-regering. Films mochten geen toespelingen maken op de oorlogssituatie. Een fors deel van de 220 films die in de oorlog in Frankrijk werden gemaakt, zocht dan ook zijn toevlucht in fantasie: magie, mythen, legenden. Zie Marcel Carnés duivelssprookje Les visiteurs du soir (1942) en Jean Delannoys Tristan en Isolde-remake L'eternel retour (1943).

De enige officieel erkende filmproductiemaatschappij was het in 1940 opgerichte en door de nazi's gecontroleerde Continental Films. Het bedrijf, dat opvallend genoeg een minder strenge censuur hanteerde dan het Vichy-regime, produceerde dertig films, waaronder Henri Clouzots Le corbeau (1943). Een duister drama over een dorp dat door anonieme brieven wordt opgeschrikt. Terwijl het Vichy-bewind de film hekelde vanwege zijn verondersteld anti-Franse toon, kreeg Clouzot (1907-1977) na de oorlog een levenslang werkverbod opgelegd vanwege zijn samenwerking met de nazi's. Dat verbod werd in 1947 weer opgeheven; inmiddels geldt het schizofrene Le corbeau (de raaf) als belangrijkste Franse film uit de oorlog, naast Carnés Les enfants du paradis.

Uiteindelijk wierp Carné zelf de laatste hindernis op. Les enfants du paradis moest het eerste culturele evenement van na de bevrijding worden, en moest dus goed getimed worden. De film was vrijwel voltooid toen de geallieerden in Normandië landden. Carné probeerde de première uit te stellen door de montage te vertragen. Op 9 maart 1945, toen vrijwel heel Frankrijk was bevrijd, werd de film voor het eerst vertoond in het Parijse Palais de Chaillot. Grote afwezige: hoofdrolspeelster Arletty zat vanwege haar relatie met Soehring vast. Hoe oorlogsvrij Les enfants ook is, het publiek zal een raar smaakje in de mond hebben gekregen bij Arletty's optreden en bij de onbezonnenheid waarmee haar personage van de ene relatie naar de andere vlindert.

Arletty accepteerde haar straf evenwel gelaten. 'Mijn hart is Frans, mijn kont internationaal.'

Les enfants du Paradis (Marcel Carné, 1943) wordt opnieuw uitgebracht door EYE in de Franse 4K-restauratie uit 2011. In 22 zalen.

Arletty Beeld
ArlettyBeeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden