Interview

De familie Griffel

Elke dag zitten kinderboekenschrijvers Bibi Dumon Tak en Jan Paul Schutten samen aan dezelfde ovale tafel te werken. Het resultaat is een indrukwekkende hoeveelheid Gouden en Zilveren Griffels.

Beeld Foto Mark van der Zouw met tekeningen van Floor Rieder en Fleur van der Weel

Dikke kans dat Het raadsel van alles wat leeft dit weekend uit het sinterklaaspapier tevoorschijn is gekomen. Ondertitel: en de stinksokken van Jos Grootjes uit Driel. Het kinderboek over de evolutie, van de hand van Jan Paul Schutten, werd onlangs beloond met een Gouden Griffel. Het is een prachtcadeau. Heel goed mogelijk dat ook We gingen achter hamsters aan uit de zak met cadeaus is gekomen of anders wel Bibi's doodgewone dierenboek. Bibi Dumon Tak grossiert ook in Griffels: een gouden en vier zilveren om precies te zijn.

Schutten: 'Ik ben volmaakt gelukkig met die Gouden Griffel. Er zit ook geen slijtage op. Bij de tweede zou het al gewoner moeten zijn, maar ik ben er geen millimeter minder gelukkig mee als de eerste keer.'

Dumon Tak: 'Ik ben geneigd om zo'n prijs te relativeren. Hoe? Ja, hoe demp je een Gouden Griffel?'

Schutten: 'En waarom?'

Dumon Tak (49) en Jan Paul Schutten (44) zijn een stel. Allebei kinderboekenschrijver, allebei schrijven ze non-fictie en allebei zijn ze zo succesvol als maar mogelijk is in dat vak. In hun Amsterdamse bovenwoning branden kaarsen; het is zo'n winterdag waarop het eigenlijk niet licht wordt. De theepot staat op een lichtje, honden Toffie en Ravi liggen opgekruld op de bank. Het is een plek om over geluk te praten. Het geluk om hier elke dag samen te werken, aan de ovale tafel, als ze niet op pad zijn naar scholen en bibliotheken. En over ongeluk. Een zus met kanker. Wel kinderen willen, maar ze niet krijgen. Dumon Tak: 'Gelukkig ben ik enorm positief. Ik zoek altijd oplossingen. Ik kan me erg optrekken aan de natuur of aan een dier of aan een mens.'

Bibi is de drukke, zeggen ze; ze is hartelijk en praat terwijl ze boterhammen bakt in een koekenpan, thee zet, ruimte maakt op tafel. Jan Paul, afwachtend, knielt neer bij de honden op de bank.

Dumon Tak: 'Ik heb een onrustige geest. Het liefste wat ik doe is schrijven, maar al het andere gaat altijd vóór. De bovenbuurman is zwaar autistisch, als hij met zijn kat naar de dierenarts moet, zeg ik: ik breng je wel. En daar', ze wijst naar het einde van de straat, 'woont een vrouw wier dochter is overleden, nou, daar wil ik dus naartoe. Je hebt schrijvers die heel verheven doen over hun boeken. Dat vind ik knap, maar dat heb ik niet. Wat jammer is, want je moet jezelf afsluiten om mooie boeken te schrijven. Maar voor mij voelt dat als aanstellerij.'

Schutten: 'En ik ben in potentie een kluizenaar. Om een boek als Het raadsel van alles wat leeft, waar veel research in zit, te kunnen schrijven, moet mijn brein op nul staan. Zoiets kan ik niet schrijven als ik de vorige dag een lezing heb gegeven of een interview.'

Ziedaar, zeggen ze bijna triomfantelijk: de grote verschillen tussen hen twee.

Schutten: 'We denken over veel dingen hetzelfde. In onze dierenliefde bijvoorbeeld gaan we ver. We hebben een koe gekocht die ontsnapt was uit het slachthuis.'

Dumon Tak: 'Wie heeft een man die, als je een koe wilt kopen, zegt: doen, en ik betaal de helft?'

Schutten: 'Maar we uiten ons totaal anders. Je ziet het al aan onze boeken. Bibi's stijl is poëtisch, ik schrijf directer met hier en daar een grap.'

Dumon Tak: 'Hij hoeft ook veel minder te schaven. Ik ben zo iemand die de hele dag bezig is met 250 woorden.'

Schutten: 'Bij mij kunnen het er 2.000 zijn als ik in een flow zit.'

Dumon Tak: 'En ik schrijf alles eerst op papier, hè.' Ze loopt naar een kast, haalt er drie grote, gelinieerde schriften uit, met blauwe vulpen volgeschreven. 'Dit is mijn volwassenenroman, Wolfskwint, toen ik die schreef, heb ik anderhalf jaar geen computer aangeraakt. Het moet ook per se in deze schriften, die bestel ik in Japan. Anders denk ik dat het niet lukt.'

Schutten: 'Het afgelopen jaar heb ik nauwelijks geschreven. We hebben Ravi uit het asiel gehaald, die was de eerste tijd verschrikkelijk druk. Hier tegenover is een bouwproject waarvan het gedreun al om zeven uur begint. En Bibi's zus natuurlijk.'

Dumon Tak: 'Mijn zusje Saar van 42 is ongeneeslijk ziek. Ze is alleenstaand en heeft twee jonge kinderen, dus ik ga daar nu telkens naartoe.'

Toffie Beeld Mark van der Zouw

Daar heeft het ook mee te maken, zegt Dumon Tak, dat ze nu een vervolg schrijft op haar recente We gingen achter hamsters aan. Een jeugdboek in de vorm van een serie reportages over haar vrijwilligerswerk bij de dierenambulance. Twinkelende ogen: 'Dat is fantástisch. Laatst zijn we nog in een rondvaartboot gesprongen om een zwaan met botulisme te redden, de schipper zei: kom maar aan boord. Alles stond al klaar voor het diner, maar de gasten moesten aan wal wachten. Dan heb je echt lol.

'Je denkt dat het over dieren gaat, maar het gaat over mensen natuurlijk. Zit je opeens in zo'n doorrookte kamer bij een oude man met een dode kat op schoot. Die kun je dan echt troosten. Of je staat met iemand boven een hoestend egeltje en dan komen de verhalen. De mensen zelf die bij de dierenambulance werken, dat is ook een slag apart. Ik dacht eerst: die gaan mij nooit accepteren.'

Schutten: 'Wat zit er in jóúw rugzakje?' vroeg er een aan Bibi.'

Dumon Tak lacht: 'Ja, er zitten er natuurlijk nogal wat bij die zijn gestrand in het leven. Die niet goed zijn met mensen en denken: dan ga ik dieren redden. Nou ja. We hébben ook allemaal een rugzakje.'

Zo'n boek over de dierenambulance, zegt ze, laat zich nog het beste combineren met de omstandigheden nu. 'Ik hou van spanning. Als we door de stad crossen op weg naar een kat die in het water is gevallen, kan ik niet nadenken over mijn zieke zusje. Of hoe het met haar kinderen moet. Ik moet daar ook niet zeven dagen per week willen zitten, dat is voor niemand goed. Zij zou het ook niet willen. Ze is er nog. Dat hadden de artsen niet voorspeld, maar ze heeft zo'n enorme wilskracht.'

Schutten: 'We hadden het van tevoren niet bedacht, maar het zou gek zijn om in dit interview niet over Saar te praten. Het is voor het eerst in mijn leven dat ik met zulke grote problemen wordt geconfronteerd.'

Jan Paul Schutten schreef meer dan dertig kinderboeken, waaronder Kinderen van Amsterdam, over de geschiedenis van Amsterdam, en het kinderboekenweekgeschenk De wraak van het spruitje, over eten. Het raadsel van alles wat leeft - goud op snee, schitterend geïllustreerd, overladen met prijzen - is Schuttens voorlopig hoogtepunt. Hij zegt: 'Het gaat maar door. Gisteren hoorde ik dat het in Duitsland de Wissenschaftsbuch-prijs heeft gewonnen, zojuist kreeg ik een mail van mijn uitgever dat er een achtste druk komt met tienduizend exemplaren. Het is echt heel fijn.'

Dat hij voor kinderen schrijft is, zegt hij, 'eigenlijk uit nood geboren'. 'Ik ben in heel veel dingen geïnteresseerd, maar ik ben geen historicus of bioloog. Als ik voor volwassenen over de geschiedenis van Amsterdam wil schrijven, moet ik tegen Geert Mak opboksen. Maar voor kinderen kan het wel.

'Het begon eigenlijk met een boek dat ik in opdracht van Center Parcs schreef. Toen kwam ik zo veel fascinerende dingen over de natuur tegen dat ik dacht: waarom weten mensen dit niet? Dat planten wel degelijk communiceren, met hun geur, en dat prinses Irene dus gelijk heeft. Dat er apen zijn die gebarentaal gebruiken. Ik ben het voor kinderen gaan opschrijven, dat werd Ruik eens wat ik zeg.'

Het boek voor Center Parcs schreef hij als copywriter voor het reclamebureau waar hij toen nog werkte. 'Dat ben ik langzaam minder gaan doen: eerst vier dagen, toen drie, toen twee. Ik vind reclameteksten schrijven nog steeds leuk, maar ik moet er niet meer aan denken elke dag op zo'n bureau te werken. Je wilt niet eindigen met op je grafschrift: hier ligt de man die Pokon 10 procent extra marktaandeel gaf.'

Jan Paul Schutten

30 november 1970 Geboren in Vlissingen.

Communicatie in Utrecht.

2003 Ruik eens wat ik zeg (Vlag en Wimpel van de Griffeljury).

2007 Kinderen van Amsterdam (Gouden Griffel).

2009 Kinderboekenweekgeschenk De wraak van het spruitje.

2013 Het raadsel van alles wat leeft en de stinksokken van Jos Grootjes uit Driel (Gouden Griffel, en Gouden Penseel en Gouden Tulp).

Bibi Dumon Tak en Jan Paul Schutten wonen samen in Amsterdam.

Dumon Tak begon als docent Nederlands voor buitenlanders na haar studie letterkunde. 'Dat was geweldig, ik had Russen, Marokkanen en Chinezen in de klas, alles. Maar ik ben er toch mee gestopt. Toen ik op een dag de vijf functies van het woordje 'er' stond uit te leggen, dacht ik: als ik niet uitkijk, doe ik dit ik mijn 50ste nog. Want die vijf functies zullen niet veranderen.'

Ze belde het Rotterdams Dagblad in de stad waar ze inmiddels weer woonde en waar ze is opgegroeid. 'Ik zei: ik wil over patat schrijven. Je moet schrijven over wat je leuk vindt, hè. Nou, zeiden ze, begin maar. Ik ben heel Rotterdam doorgegaan, naar de oudste patatkraam en naar nachtzaken waar ik mensen interviewde die halfdronken patat stonden te eten. Geweldige stukken waren dat, ze werden ook meteen geplaatst. Op een dag vroeg iemand of ik voor een kinderkrant wilde schrijven. Toen ik dat eenmaal deed, klopte alles. Dat bleek het genre dat bij me past.'

Een handvol informatieve kinderboeken en haar eerste Zilveren Griffel later ontmoette ze Jan Paul. 'Toen ik voor het eerst over hem hoorde, leek-ie me maar niks. Ik schreef voor een informatieve reeks van Querido en hoorde van mijn redacteur dat er nóg iemand kwam die over dieren ging schrijven. Een jongen van een reclamebureau. Gatver, dacht ik, dat wordt natuurlijk zo'n gelikt boekje. Ik las het en toen vónd ik het toch goed.'

De bewuste redacteur organiseerde een etentje. Na afloop waren ze allebei verliefd.

Dumon Tak: 'Ik was 36, had al een lange relatie achter de rug. Die was net voorbij. Ik dacht: ik ga een heel nieuw leven beginnen.'

Schutten: 'Met Pipo de Pool.'

Dumon Tak schiet in de lach. 'Het zit zo: ik heb nadat mijn relatie uit was, kort iets gehad met een Poolse trompettist uit het circus waar ik toen rondliep voor een boek. Jan Paul kende ik toen nog niet. Maar hij was postuum jaloers.'

Schutten: 'Ik was nooit veel langer dan twee maanden geïnteresseerd geweest in bepaalde dames. Bibi bleef boeiend. En nog steeds: never a dull moment. In de reclame werd altijd gewerkt in koppels: zij copywriter, hij artdirector. Ik dacht altijd: dat kan niet goed gaan, als je 24 uur per dag op elkaars lip zit. En het ging meestal ook niet goed. Maar wij zijn ook heel de dag samen en het is altijd leuk.'

Bibi Dumon Tak

21 december 1964

Geboren in Rotterdam.

Nederlandse taal- en letterkunde, Universiteit Utrecht.

2001 Het Koeienboek (Zilveren Griffel).

2004 Camera loopt... actie! (Zilveren Griffel).

2006 kinderboekenweekgeschenk Laika tussen de sterren.

2006 Bibi's bijzondere beestenboek. (Zilveren Griffel)

2009 Fiet wil rennen.

2011 Winterdieren. (Gouden Griffel).

Ondanks de verschillen? 

Dankzíj de verschillen, denken ze.

Schutten: 'Ik heb een gelukkige jeugd gehad, met drie broers en een zus in de bossen bij Arnhem, echte problemen waren er nooit. Toch zat er een soort melancholie in mij. Sterker: ik moest gaan hardlopen om van depressies af te komen. Ik haat hardlopen, maar het werkt wel. Nooit meer last gehad van depressies.'

Dumon Tak: 'En ik heb een bezorgde jeugd gehad, maar ik was wel een vrolijk kind. Het was een wankel gezin: een broer, een zusje en ouders met een slecht huwelijk. Ze scheidden toen ik 9 was. Drie jaar later trouwde mijn moeder met een veel oudere man, mijn stiefvader. Die wilde van ons een soort modelkinderen maken. Dat ging op een bijna militaristische manier. Om half negen moest het licht uit zijn en als je dan nog je tanden stond te poetsen, kreeg je straf. Ik had vaak straf. En het werd uitgevoerd ook: geen tv-kijken, zakgeld inhouden - geen lijfstraffen, dat niet. 'Je bent een nul', zei mijn stiefvader regelmatig. Ja, dat is niet bevorderlijk voor je ego. Ik kon het daar haten.

Als ik van school kwam en voor de voordeur stond, moest ik vijf keer ademhalen. Maar als ik dan weer buiten stond, was ik écht vrolijk. Dus was ik altijd weg. Op school had ik het leuk, ik had volop vrienden en vriendinnen en op de een of andere manier zag ik dat die mij geen nul vonden. Ik kan dat scheiden, kennelijk. Ik ben iemand die zich goed kan afschermen voor nare situaties.

'Ik heb altijd een goede band met mijn moeder gehouden, dat scheelt. En met mijn echte vader.' Vertederd: 'De oude Tak. Ja, hoe beschrijf ik hem?'

Schutten: 'Een ontzettend aimabele man. Iedereen houdt van hem.'

Dumon Tak: 'En volstrekt onverantwoordelijk. Ik weet nog dat ik eens met mijn rolschaatsen achter zijn auto wilde hangen. Vond-ie een uitstekend idee. Vervolgens vergat hij dat ik aan de bumper hing en gaf hij gas om weg te scheuren. Een stoere man en een geweldige verhalenverteller. Maar als je een probleem hebt, moet je niet bij hem zijn.'

Schutten: 'Problemen houdt hij ver van zich af.'

Dumon Tak: 'Ik moet hem echt smeken om mijn zusje te bellen. Dat kan hij niet aan. Als ik hem aan de telefoon heb, huilt hij altijd, maar haar kan hij er niet naar vragen. In tegenstelling tot mijn moeder die, als het nodig is, dag en nacht voor mijn zusje en haar kinderen zorgt.'

Dat ze zelf geen kinderen heeft, heeft niet te maken met haar 'bezorgde' jeugd. 'O, nee, dat is het niet. Ik had ze graag willen hebben, maar het is niet gelukt. Het speelde vooral in mijn vorige relatie. Ik vond het erg dat ik ze niet kon krijgen, maar op een gegeven moment heb ik gedacht: oké, dat gaat aan me voorbij, nu ga ik boeken schrijven. En met Jan Paul zijn ze ook niet gekomen, maar door hem nam het leven zo'n positieve wending, dat ik kon denken: het is goed. Je kunt niet alles afdwingen in het leven. En ik heb veel mooie dingen wél. Ik denk echt dat ik deze boeken niet had kunnen schrijven als ik kinderen had gehad.'

Schutten: 'Ik zeker niet. Ik heb nooit kinderen gewild. Ik had het prima gevonden als ze waren gekomen, want ik geloof heus wel wat je altijd van mannen hoort, dat vader worden het mooiste is wat ze is overkomen. Ik zie het bij mijn broers. En hun kinderen vind ik fantastisch, maar ik hoef ze zelf niet. Het grootste geluk voor mij is een lang weekend met zijn tweeën naar Parijs.' Lacht: 'Met kinderen is dat een hel.'

Dumon Tak: 'Ik ben blij dat hij er zo over denkt. Hij loopt in elk geval niet bij me weg omdat hij met een andere vrouw wel kinderen wil.

Iets later: 'Ik heb altijd gedacht: misschien komen er nog wel eens kinderen op mijn pad. En nu gebeurt dat ook, met de kinderen van mijn zus. Opeens sta ik op het schoolplein tussen de moeders, opeens heb ik een jochie voorop de fiets. Ik vind dat zó geweldig om mee te maken, zo intiem.

Ik dacht vaak: ik ben wel kinderboekenschrijver, maar over kinderen kan ik niet meepraten omdat ik ze niet heb. Nu kan dat wel, hoe afgrijselijk ook de oorzaak. Je moet er niet aan denken wat er gebeurt als' - Ze maakt haar zin niet af. 'Mijn zusje is gescheiden. De kinderen hebben natuurlijk ook een vader. We zijn helemaal gek op die kinderen, ik hoop dat we ze altijd kunnen blijven zien.'

De bel gaat - de buurvrouw komt de honden halen om ze een keer extra uit te laten. Jan Paul gaat de trap af met Ravi, maar Toffie blijft aarzelend op de bank. Dumon Tak kreunt: 'O, nu moet ik zingen, want anders durft hij de trap niet af. Nee, Toffie, ik ga nu niet zingen.' Zingt dan toch, melodieus en met verrassend heldere zangstem: 'Toffie, Toffie, Toffie, Tóffie, Toffie.' En ja, voorzichtig zet het hondje schreden naar de gang. 'Het blijft een bang asielhondje', verklaart ze. 'Hij was mishandeld en aan een paal gebonden, hij kon niet eens lopen toen we hem kregen. En hij was zo bang. Toen ben ik voor hem gaan zingen. Zoals je voor een baby zingt. Dat hielp.'

Jan Paul komt weer naar boven, het gesprek gaat nog even door over de honden. Dumon Tak: 'Ik heb dat moederlijke instinct om te zorgen. En ik weet dat het geen kinderen zijn, maar die honden - dat is zo ontzettend leuk en goed.' Lacht: 'Jan Paul roept bijna elke dag: wat een schatjes hè, maar wat ben ik blij dat ze een vacht hebben en dat het geen kinderen zijn.'

Schutten: 'Zo schrijven als ik nu doe, had ik met kinderen niet gekund. Dan had ik waarschijnlijk nog mijn gewone baan gehad. Een vriend van me schrijft en heeft kinderen, als ik op Facebook zie wat voor een leven hij leidt - ik zou het zo niet kunnen.'

Ravi Beeld Mark van der Zouw

En Gouden Griffels?

Schutten: 'No way. Als het gaat om belangrijke boeken, ben ik een prinses op de erwt. De omstandigheden moeten helemaal kloppen. Als ik dan in een flow kom, dingen ontdek tijdens de research waarvan ik denk: wauw, dat dit bestaat, en het lukt me om het zo op te schrijven dat het nog grappig is ook, ben ik gelukkig.'

Ja - over geluk ging het gesprek. Dumon Tak: 'Laatst liep ik met de honden in Frankrijk toen ik een rotszwaluw zag boven mijn hoofd. Eerst dacht ik dat het een bijeneter was en de roep lijkt daar ook op, maar de kleuren klopten niet. Toen kwam ik er dus achter dat het een rotszwaluw moest zijn. Had ik nog nooit in echt gezien. Dan ben ik zo gelukkig, daar, met de honden op die berg. Al is dat voor mij altijd meer een minutenkwestie dan een staat van zijn.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden