De erewacht van acterend Nederland heeft twee nieuwe aanwinsten

Kunstcollectie Stadsschouwburg

Welke theaterbezoeker kent niet de acteursportretten in de Amsterdamse Stadsschouwburg? Zondag krijgen Marieke Heebink en Ramsey Nasr een plek in deze galerij der groten, dankzij de Stichting Oeuvre Jan van der Vossen.

Portrettengalerij in de Stadsschouburg Amsterdam. Foto sander heezen

Het kan niemand, op weg naar de zaal, loge, eerste balkon of het schellinkje, in de Amsterdamse Stadsschouwburg ontgaan: de keur aan geschilderde, gebeeldhouwde en gefotografeerde gezichten die je op de gaanderijen aankijken.

De portretten van Joop Admiraal met feestmutsje, sopraan Cristina Deutekom als de oudere zus van Willem-Alexander, Albert van Dalsum met een gele aura van dikke sigarenrook, de lucide gedaante van comédienne Mary Dresselhuys in blauwe jurk. Ze behoren, met ruim honderd andere portretten, tot de inboedel van het theatergebouw, als de eregalerij van de Nederlandse theaterwereld.

Komend weekend worden daar twee nieuwe aanwinsten aan toegevoegd: de portretten van Ramsey Nasr en Marieke Heebink, gemaakt in opdracht van de Jan van der Vossen Stichting en in bruikleen aan het theater afgestaan.

Al met al biedt de collectie, over een periode van zo'n 200 jaar, een gevarieerd beeld van grijnzen en grimassen, van poses en gebaren, rollen en toneelstukken. Terwijl het ook nog eens een mooi inkijkje geeft in de wisselingen van smaken en stijlen door de tijd heen: van gestijfd classicisme tot expressief gespetter, van experimenteel modernisme tot treurigmakende kitsch. Bijeen geschilderd en (sinds kort ook) gefotografeerd door bekende namen als Jan Willem Pieneman, Thérèse Schwartze, Sam Drukker en Stephan Vanfleteren.

Overigens is de Amsterdamse Stadsschouwburg hierin niet uniek. Ook in Haarlem, Den Haag en Leiden vind je een trotse erewacht van acterend Nederland. En wat te denken van de dirigentenportretten in de wandelgangen en koffiezalen van het Concertgebouw?

Waarom dit soort portretbeelden wel in het theater of concertgebouw hangen en niet in een museum, wat toch voor de handliggend zou zijn? Wellicht omdat theater en muziek vluchtigere kunstdisciplines zijn dan beeldende kunst en er meer behoefte is om iets in verf en brons vast te houden wat op het podium vervlogen is. Als een blijvende, tastbare herinnering.

Wellicht ook om een andere reden: omdat het adoreren van persoonlijkheden met een bijbehorende sterstatus in de theaterwereld nu eenmaal meer in zwang is dan in musea. Geprezen en gelauwerde toneelspelers behoren tot de entourage van een theaterbezoek. Lopend naar de voorstelling, door de haag van beroemde voorgangers of tijdgenoten, krijg je als vanzelf het gevoel een lange traditie binnen te stappen.

Niet zo vreemd dat die belangwekkende theatergeschiedenis een belangrijke leidraad vormt voor een groot deel van de collectie. De fragiele Henk van Ulsen als Propritsjin in Dagboek van een gek, de woest kijkende Ko van Dijk als Danton in Dantons dood of, natuurlijk, Esther de Boer-Van Rijk als Kniertje in Op hoop van zegen. Dit soort toneelportretten stamt uit een tijd dat acteurs of actrices hun status graag ontleenden aan de heroïsche rollen die ze speelden - en waarin ze zich dus even graag door een kunstenaar lieten uitbeelden.

Wie de latere, moderne portretten bekijkt, ziet meer de 'mensch' achter de toneelspeler, niet zozeer hun acteerprestatie. Hoewel je, gelet op het strakke gelaat van Ank van der Moer, de krachtige torso van Hans Kesting of de boy-next-door-houding van Jacob Derwig, nooit precies weet waneer en waar bij een acteur de pose begint of eindigt.

Één uitzondering rekent af met alle veronderstelde theatraliteit. In een donker nisje achteraf hangt namelijk de beeltenis van Ilja van Vinkeloord (1981-1996) als Victoria Jones in het toneelstuk van Wim T. Schippers Going to the dogs. Knappe kop wie kan zien of deze herdershond een rol speelt of zichzelf is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.