De droom van Poliphilus set 2 delen in cassette

Boekhouderige geleerdheid

Als er ooit iemand het uithoudingsvermogen zou hebben een concordantie te maken op de Hypnerotomachia Poli-phili, dan zou dat een vermoedelijk nagenoeg complete lijst van klassieke clichés opleveren.

Meisjes zijn steevast 'rank' in dat boek, bloemen 'welriekend', zwanen 'spierwit', ornamenten 'weelderig', zitten doen de figuren 'gerieflijk' en wielen zijn - een mens kijkt er niet van op - 'draaibaar'. Niets is er gewoon mooi, alles is er 'wonderbaarlijk' mooi, liefde is er stelselmatig 'groot', verschijningen 'betoverend', blikken 'schroomvallig', havens 'veilig' en voetjes 'delicaat'.

Het heeft iets uitputtends - en waar raak gekozen preciseringen besmettelijk werken, wekken al deze versleten formules en vooral hun niet aflatende trommelvuur weerzin op tegen zowat iedere verbijzondering. Soberheid in de literatuur is een modieuze Hollandse illusie, maar er bestaat een vorm van verbale boulimie die een vastberaden ontvankelijkheid voor het vasten in de hand werkt. Er komt tijdens het lezen van Hypnerotomachia Poliphili al vrij vroeg een moment waarop je balsturig begint te verlangen naar een editie waarin de bijvoeglijke naamwoorden en bijwoorden zijn weggelaten en vervangen door stippellijntjes, opdat je zou kunnen nagaan hoeveel daarvan je moeiteloos zelf zou kunnen invullen. Liefdesprikkels? 'Hevig.' Verdwijning? 'Plotseling.' Zuchten? 'Smachtend.'

Het boek was, in zijn oorspronkelijke uitgave, die in het voorlaatste jaar van de 15de eeuw bij de befaamde Venetiaanse drukker Aldus Manutius verscheen, een mystificatie. De naam van de uitgever ontbrak erin, omtrent de ware aard van de auteur was het gissen. In haar uitstekende inleiding op de Nederlandse vertaling loopt vertaalster Ike Cialona de mogelijkheden na die in de loop der tijd zijn geopperd voor het auteurschap, en ze houdt het erop dat de geestelijke Francesco Colonna er de schrijver van is en niet, bijvoorbeeld, de architect en kunsttheoreticus Leon Battista Alberti. Sinds een halve eeuw geleden Maria Teresa Casella en Giovanni Pozzi in Italië een danig gedocumenteerde biografie van Colonna publiceerden, heeft die opvatting veel medestanders al zijn er nog altijd dissidente geluiden.

Die anonimiteit, dat besmuikte wegduiken van de vermaarde uitgever en de typografische schoonheid van wat een heel vroeg voorbeeld van de boekdrukkunst is, hebben het boek zijn reputatie bezorgd. De eerste uitgave was verlucht met houtsneden die van groot kunstenaarschap blijk gaven en op hun beurt uitnodigden tot speculaties: was hier één of waren hier enkele van de grote schilders van de Venetiaanse Renaissance aan de slag geweest, van Mantegna en Bellini tot Gozzoli en Bordone? Hypnerotomachia Poliphili is een plagerige puzzel voor boek- en kunsthistorici.

Inhoudelijk is het een vertoon van renaissancistische schik in geleerdheid, waarbij dat plezier de grens tussen het studieuze en het studentikoze overschrijdt. Geen waarneming, of zij wordt ingebed in verwijzingen naar de antieke wereld, aardrijkskundige, bouwkundige, landbouwkundige, plantkundige en zelfs werktuigbouwkundige kennis, zij bieden ieder voor zich de gelegenheid voor een verbale vlootschouw.

Volgens eigen opgave bevat de tekst het verslag van een liefdesdroom van de auteur - de titel is een zelf verzonnen Grieks woord, waarin 'hypnos', 'slaap', 'eros', 'liefde' en 'machè', strijd, een hybride neologisme hebben gevormd -, een droom die hem een wondere wereld van natuur en architectuur binnenvoerde en waarin hij ten slotte zijn geliefde Polia trof, De droom van Poliphilus , de man die van Polia houdt.

Maar die droom is er een van een boekhouder, een magazijnchef die verslaafd is aan inventarislijsten. Zelden zal iemand gedrevener ieder detail en iedere reeks details van wat hij aantrof hebben genotuleerd. Die aandrift levert een geestdodende en eindeloze reeks opsommingen op. Die lijden aan laveloosheid en mateloosheid, als vormden zij het in zichzelf gekeerde geraaskal van

een gids die het spoor in zijn eigen wetenswaardigheden bijster is geraakt. Het is te veel en het is te vlak. Als de geestelijke Francesco Colonna er inderdaad de auteur van is - een levensgenieter, volgens de secundaire bronnen, die een wispelturig en avontuurlijk leven leefde - dan had iemand hem moeten opsluiten in een orde die onder de gelofte van zwijgzaamheid stond.

Nu zijn breedsprakigheid en het etaleren van kennis van de klassieken op zichzelf vanzelfsprekend geen bezwaar. Veel essayistiek van de humanisten van de Renaissance blinkt daarin uit. Ook al gaat het om een retoriek uit een minder haastige tijd dan de onze, ook al gaat het om plezier in een eruditie die in diskrediet is geraakt, de grote verdiensten van die stijl en die strategie zijn in menig aanstekelijk en bewonderenswaardig boek nog altijd zichtbaar.

Het belangrijkste bezwaar tegen De droom van Poliphilus is daarom niet de overdaad op zichzelf, maar de doelloosheid ervan en, bovenal, de slappe en clichématige manier waarop ze onder woorden is gebracht. 'O weergaloos mooie nimf, mijn godin en mijn speciale, enige hoop, laat je eindelijk tot medelijden bewegen en kom mij te hulp, want ik sta op het punt om te sterven.' Wek me als die nimf er niet uitziet, geen hoop bood maar desondanks de hulpvaardigheid van een wegenwachter aan de dag legt. Zoals het hier staat is het proza dat als een pedante leraar oude talen op je afkomt; na het lezen ben je geneigd de roos van je handen te kloppen.

Lezen wordt dan een gepuzzel van jewelste; het plezierige zelfbevredigen dat de herkenning bewerkstelligt - die triomf van de zelffelicitatie - is snel verbruikt. De vertaalster heeft, andere geannoteerde uitgaven van het boek bij de hand, monnikenwerk verricht om zowat alle verwijzingen thuis te brengen: de Nederlandse editie gaat vergezeld van een apart deel noten. Dat is allemaal heel knap en bewonderenswaardig, maar het is de knapheid van een oeverloos ratelende gids. Wegwezen, denkt de ware liefhebber als hij zo'n gids hoort, zo'n droom wordt voor wie hem moet aanhoren immers een nachtmerrie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden