De dochters van Buxtehude

Je schrijft niet zomaar een Matthäus Passion. Ook Bach heeft het vak van iemand moeten leren. Wij hebben makkelijk praten....

Paul Witteman

Bach moest het doen met het beperkte repertoire dat hij via zijn vader had leren kennen. Om nieuwe muziek te leren kennen, moest hij op stap. Het verhaal gaat dat hij van zijn huis in Armstadt honderden kilometers heeft gelopen om de spraakmakendste musicus van zijn tijd te ontmoeten: Dietrich Buxtehude, organist van de Mariakerk in het Noord-Duitse Lübeck. Bach verbleef er enige maanden om het orgelspel te bestuderen van de man wiens werk bij iedere musicus ontzag afdwong. Georg Friedrich Händel en tientallen andere collega's waren Bach voorgegaan. Ze hadden er een moeizame pelgrimage naar de Hanzestad voor over om de techniek van Buxtehude af te kijken.

Buxtehude herkende talent. Hij stelde eerst Händel en daarna Bach voor om zijn opvolger te worden. Een eervol verzoek, maar in de kleine lettertjes van het contract was een venijnige voorwaarde opgenomen: een huwelijk met een van zijn vijf dochters. Ze moeten erg lelijk zijn geweest of een bedorven gebit hebben gehad want Händel en Bach wisten niet hoe snel ze zich uit de voeten moesten maken.

In onze tijd wordt een organist gezien als een wereldvreemd schepsel dat zijn boterham verdient door op zondag in de kerk het schaarse volk aan te moedigen een psalm mee te mompelen. Dat was vroeger wel anders. Buxtehude (1637-1707) was een centrale figuur in een omvangrijke religieuze organisatie van het welvarende Lübeck. Hij was verantwoordelijk voor het personeelsbeleid van de kerk, hield de begroting bij en organiseerde lucratieve concerten voor rijke kooplieden. Het is een wonder dat Buxtehude nog tijd had om te componeren.

Het lijdensverhaal van Christus inspireerde hem tot zijn eigen Matthäus Passion, de cantate-cyclus Membra Jesu Nostri. Elk van de zeven cantates neemt een deel van het lichaam van Jezus als onderwerp van een klaagzang; zijn voeten, knieën, handen, zijde, borst, hoofd en hart. De cantates zijn gebouwd volgens een architectuur die we ook bij Bach terugvinden. Aan elke vertelling gaat een instrumentaal gedeelte vooraf dat letterlijk de toon zet voor wat gaat volgen. Het is een spel tussen orkest, koor en solisten dat wordt gestuurd door een populaire middeleeuwse tekst die over het gruwelijke lijden van Jezus geen misverstand laat bestaan. Toch heeft Membra Jesu Nostri niet de expressieve dramatische kracht van de Matthäus Passion, daarvoor is de muziek te veel ingehouden.

Als Bachs muzikale geweld je te machtig wordt, en dat is de komende weken niet uit te sluiten, dan is de verstilde passie van zijn leermeester een passend alternatief.

Paul Witteman

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden