omslag Borrebachmeisjes

De ‘creatiefste viespeuk van Den Haag’ wilde gezien worden met zijn Borrebachmeisjes

Deze zomer keert de omslagrubriek terug naar het jeugdboek van toen. Hans Borrebach bepaalde het gezicht van de meisjesroman.

Beeld RV

Zijn handtekening staat op al zijn omslagen: voor- en achternaam op twee regels, met een snelle streep erboven en eronder, als een onderbroken bliksemschicht. De Hagenaar Hans Borrebach (1903-1991) was geen anonieme illustrator, hij wilde gezien, gewaardeerd en gehonoreerd worden – en daar droeg die prominente signatuur aan bij (zie het lot van zijn vergeten vak- en tijdgenoot Frans Lammers, die zijn werk zelden ondertekende).

Henri Carl Johan Elisa Borrebach had genoeg om op te vallen. Naast een veelzijdige illustrator was hij modetekenaar, fotograaf, striptekenaar, boekbandontwerper en schrijver (meer dan twintig meisjesromans, veertig handboeken over fotografie) en daarnaast ook nog een onbeschaamde pornograaf en erotomaan, zoals hij op 84-jarige leeftijd met trots in Het Parool liet weten: ‘Ik ben de enige man die naakt achter het stuur op en neer naar Frankrijk is gereden.’

Er werd gegniffeld over de ‘creatiefste viespeuk van Den Haag’, maar dat stond zijn reputatie niet in de weg. Als een van de weinige Nederlandse boekillustratoren is Borrebach postuum dubbel geëerd: met een expositie in 1995 in het Letterkundig Museum en een 160 pagina’s tellend Schrijversprentenboek, onder de van zijn eigen meisjesroman uit 1937 geleende prachttitel Babs bootje krijgt een stuurman.

In 1927 maakte Borrebach zijn eerste omslag, voor Een zomerzotheid van Cissy van Marxveldt, de auteur voor wie hij later ook De H.B.S.-tijd van Joop ter Heul en alle klassiek geworden vervolgdelen ontwierp. Al snel werd Borrebach beeldbepalend voor de Nederlandse meisjesroman, een positie die hij tot in de jaren zestig zou innemen. Als vaste leverancier van de uitgeverijen Callenbach, Kluitman en West-Friesland moet hij tegen de duizend titels van omslagen hebben voorzien, waaronder ook seriewerk voor Pietje Bell en De olijke tweeling.

1946 (deze editie 1964).

Zijn hoge productie schreef hij zelf toe aan zijn zakelijke aanpak: ‘Alles wat ik doe is gewoon business’, zei hij in 1969 in Vrij Nederland, ‘een omslag, inclusief belettering, teken ik in twee uur.’ De opdrachten stapelden zich zo snel op, dat hij geen tijd vond om alle boeken te lezen, dat deed zijn eerste vrouw Ludowika Rips voor hem: ‘Wanneer ik dan begon te tekenen, kon ik haar vragen of die kerels snorren hadden of een bril of zo. Zij hield daar hele kaartsystemen van bij.’

Borrebach werd bekend om zijn ‘Borrebachmeisjes’: onwaarschijnlijk slanke, modieus geklede, anatomisch onmogelijke fantasiewezens, eerder miniatuurdames dan tieners, met inwisselbare glimlachende gezichtjes, in de stijl van de Amerikaanse filmposter en reclametekening. ‘Niks geen boezem of zo, erotisch volstrekt oninteressant’, vond hij er zelf van.

Dat lag uiteraard anders in zijn onder de toonbank verkochte erotische romans (Striemen en priemen, 1970) en strips (De overwinning op de zwaartekracht, 1948), waarin ontblote dames in zwart leer elkaar tuchtigen ‘met de leren nijlpaardzweep’. Het moet een mooi moment voor de illustrator zijn geweest toen De Bezige Bij hem op zijn oude dag het scabreuze omslag liet maken voor Zuster Belinda en het geheime leven van dokter Dushkind van Peter Andriesse.

1971 (deze editie 1979).

Kort voor zijn dood dook nog een merkwaardige theorie op: Hans Borrebach zou in de oorlog spoorloos zijn verdwenen en het naoorlogse werk zou van zijn jongere neef Henk Borrebach zijn. Die veronderstelling werd ingegeven door het contrast tussen zijn voor- en na-oorlogse werk: door grote kleurvlakken en heldere lijnen oogt het eerste minder reclameachtig.

Met hulp van de burgerlijke stand wist Margreet van Wijk-Sluyterman van Stichting Geschiedenis Kinder- en Jeugdliteratuur die hypothese later te ontkrachten: het gerucht was gevoed door Borrebach zelf, die stelselmatig loog over zijn leeftijd. Kijk maar naar de handtekeningen op zijn vroege en late werk: identiek.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden