InterviewReinier Zonneveld

‘De coronacrisis is slopend, maar de danscultuur gaat nooit kapot. De mens zal blijven dansen’

Reinier Zonneveld: ‘Ik zat tot diep in de nacht tracks te maken, die ik dan kon draaien op die illegale feesten.’Beeld Daniel Cohen

Aan de vooravond van het Amsterdam Dance Event, dat woensdag begint, beschouwt het Nederlandse technofenomeen Reinier Zonneveld de dancecultuur en de crisis in het clubleven.

Hoe het met Reinier Zonneveld (29) gaat, even los van de pandemische ellende die ons allen omringt? Daar hoef je bij hem niet te lang over door te vragen. Hij straalt het uit als hij de deur van zijn woning openzwaait. Hartstikke goed. En je ziet het ook aan zijn leefomgeving, die de afgelopen maanden ook voor hem een soort cocon was. Wát een huis, zo ongeveer naast het Concertgebouw in Amsterdam Oud-Zuid.

We gaan zitten aan een houten tafel waar een Vikingdorp aan zou kunnen dineren, met het zicht op een zwarte concertvleugel. Ja, hij voelt zich bevoorrecht, zegt hij, maak je geen zorgen over zijn realiteitszin. ‘Het is natuurlijk te gek dat ik hier kan wonen, op mijn leeftijd, dankzij mijn werk.’

Zonneveld schoot de afgelopen jaren als een technoraket met vuurstaart de wereld over. Een fenomeen, vond de dancegemeenschap van China tot Australië en Mexico. En niet omdat hij leuk plaatjes kon draaien, maar omdat hij onnavolgbare livesets uit een tafel met mixers, synths en drumcomputers wist te trekken: in een trance, úren achter elkaar, bij oplopende euforie. Zonneveld: ‘Het is een leerproces.’

Het Amsterdam Dance Event, dat deze week een historische, want uitgeklede, maar toch best mooie corona-editie beleeft, is elk jaar de perfecte gelegenheid om mondiale dancecultuur en opkomende artiesten tegen het licht te houden. Helemaal in dit rotjaar, waarin de clubcultuur in een stervensfase lijkt beland. Maar voor we Zonneveld stapsgewijs zijn eigen muziekuniversum en de toestand in de dance laten bespreken, moeten we eerst horen hoe hij is geworden wie hij nu is. 

Lang leek Zonneveld, opgegroeid in Alphen aan den Rijn, af te stevenen op een carrière in de economie en financiën. Hij doorliep het gymnasium, ging econometrie studeren in Rotterdam, haalde zijn bachelor en deed er twee masteropleidingen achteraan: corporate finance en real estate finance. Maar in zijn financiële hoofd borrelde ook de muziek. Als kind had hij verdienstelijk piano gespeeld, gecomponeerd en opgetreden, maar in zijn studietijd ontdekte hij de techno en vooral de illegale feestjes, die hij afstroopte met zijn broer. ‘Mijn studiefinanciering ging op aan synthesizers. Ik zat tot diep in de nacht tracks te maken, die ik dan kon draaien op die illegale feesten. Als de politie kwam, moesten we rennen, met onze apparaten onder de arm.’

En al deed Zonneveld het goed in zijn studie: de focus verschoof. ‘Ik vond die techno zó mooi. En er waren mensen die mijn muziek ook te gek vonden: een paar honderd liefhebbers die al mijn optredens wilden zien. Dit kan echt wat worden, zeiden ze steeds. Ik haalde intussen al mijn studiepunten wel, en ik had professoren die begrip hadden voor mijn situatie maar het was stressvol. Ik zei tegen mijn docenten dat ik een eigen bedrijf had en dat ik vaak ’s nachts moest werken. Dat was ook gewoon zo.’

Aan het einde van de studierit kwam het beslissende moment in Zonnevelds leven. ‘Mijn scriptiebegeleider zei dat hij een sollicitatiegesprek kon regelen bij een grote bank. Dat was een buitenkans, maar ik twijfelde. Ik had een flinke studieschuld en met mijn muziek verdiende ik niets. Van die feestjes kon ik soms net de benzine betalen om er te komen. En ik moest ook eten en huur betalen.’ Zijn vader en een goede vriend gaven raad. ‘Ga het een jaar proberen, zeiden ze. Als het niets wordt, kun je altijd nog die baan pakken.’ Die vriend is nu zijn manager. 

DJ Reinier Zonneveld: ‘Tijdens allnighters (sets van een nacht lang) kwam ik in een ander soort muzikaal bewustzijn terecht. Dan kon ik ter plekke componeren, arrangeren en mixen, zonder erbij na te denken.’ Beeld Daniel Cohen

Zonneveld bracht vanaf 2011 technotracks uit, die goed werden opgepikt. ‘Stond ik op een festival, kwamen er zomaar drie van mijn nummers voorbij. Ik zag hoe het publiek erop losging en dat gaf vertrouwen. Maar ik kon zelf niet optreden, er kwamen gewoon geen aanvragen. Tot ik werd gebeld door de Duitse dj Koletzki. Die vond mijn muziek goed en vroeg of hij iets kon betekenen.’ Dat kon hij. ‘Ik kwam terecht bij zijn boekingskantoor en kon overal optreden, in Oostenrijk, Duitsland, Zwitserland. Vaak ná de set van Koletzki, waar iedereen dus voor was gekomen. Stond ik op een groot podium, voor een paar duizend man publiek te spelen dat nog helemaal in de feestmodus stond.’

Hier leerde Zonneveld publiek te bespelen en zijn dj-vaardigheden te ontwikkelen. ‘Typisch Nederland: ik kreeg nu ineens wel aanvragen van Nederlandse clubs, omdat ik het zo goed deed in het buitenland.’ In 2016 dook Zonneveld op in de festivalagenda, met zijn steeds beter doortimmerde liveset. ‘Ik mocht spelen op ieders technodroom, het grote Awakenings, voor 10 duizend man. En uiteraard die oude vrienden van me uit het illegale circuit. Die waren helemaal blij: konden ze mij ook eens horen op een dik geluidssysteem. En ze hoefden niet weg te rennen als de politie kwam.’

Hij bespeelde het club- en festivalleven met meeslepende technosets, die voerden van kietelende melodieën naar harde vierkwartsmaten en brute climaxen. Het liefst avondvullend. ‘Ik vond het geweldig om ‘allnighters’ te spelen, dus als enige artiest een nacht lang. Ik merkte dat ik tijdens die sets in een ander soort muzikaal bewustzijn terechtkwam. Dat ik ter plekke kon componeren, arrangeren en mixen, eigenlijk zonder er bij na te denken. Dat gebeurde altijd pas na uren draaien en ik ben er daarna jaren mee bezig geweest dát moment, waarop alles vanzelf lijkt te gaan, op te kunnen roepen. Ook als ik een optreden heb van anderhalf uur. Dat lukt me nu.’

Waarom zijn livesets zo aanslaan en haast een eigen leven zijn gaan leiden? ‘Vaardigheden en emotie’, denkt hij. ‘Ik ben dertien jaar bezig geweest met componeren, maar ook met geluidstechniek, met mastering en sounddesign. Ik doe alles zelf. Ik weet hoe je een bas kunt maken die duizenden mensen in de sokken voelen trillen. Als je dat live kunt doen, als je die techniek beheerst, kun je emotie overbrengen. Met een kleine melodie, met het geluid van je synths, het spel van bassen en drums. Ik kijk naar mijn publiek, ik voel de sfeer en kan maken wat mij op dat moment mooi lijkt. De verbeelding krijgt de ruimte en neemt het langzaam over. Volgens mij voelt het publiek die spanning van de improvisatie. Net als bij jazz.’

Mentorschap

Een belangrijke factor in de dance: de gevestigde naam die jong talent onder de hoede neemt. Zonneveld kreeg steun van de Britse houselegende Carl Cox (58) en beleefde met hem onvergetelijke technomomenten. ‘Mijn manager kende Christopher Coe, de studiotechnicus van Cox, die aan het werk was in een Amsterdamse studio. Hij probeerde hem steeds een USB-stick met een track van mij te geven. En bleef maar aandringen. Tot Coe zei: oké, kom maar op met die stomme stick.’

De track sloeg aan. ‘Hij vond het hartstikke goed en ik kon de volgende dag in die studio een nummer met hem maken. Die technicus zei: we gaan dit aan Carl Cox geven. Die is in Nederland want hij draait op Loveland, als afsluiter op het hoofdpodium. Ik dus mee naar een etentje met Cox. We gaven hem die stick. Hij vroeg: is het goed? Ik: als je dit vanavond draait, wordt het de beste track van je set.’ Zonneveld ging die avond mee het podium op. ‘Ik sta aan de zijkant en zie hem mijn stick pakken. Hij had die track nog niet eens gehoord. Hij luistert twee seconden en mixt hem er zo in. Kijkt me aan, duimpje omhoog. Insane.’

Zonneveld bouwde een relatie op met Cox. ‘In 2018 kon ik spelen op zijn Babylon-festival in Australië. Ik draaide de track Inferno, die wij samen hadden gemaakt. Het festival ging helemaal los. En Cox stond nu bij mij op het podium naar mijn set te kijken. Ik voelde de tranen in mijn ogen prikken. Dat zo’n grootheid mij dit gunt, dacht ik.’ Nu hij zelf een gevestigde naam is, neemt ook Zonneveld talent onder zijn vleugels. ‘Op de achtergrond hoor, ik loop er niet mee te koop. Ik geef tips en zo, leuk om te doen. En probeer tijdens deze crisis oplossingen te bedenken voor beginnende producers of dj’s. Misschien kun je overwegen dj-les te gaan geven, stel ik bijvoorbeeld voor .’

Gehoord worden

Ook een manier om talent te steunen: een eigen label beginnen. Zonneveld begon zijn Filth on Acid in 2017. Om er zijn eigen muziek uit te brengen, om aanstormende dj’s een kans te geven en om hits te scoren met grote namen. ‘Ik had veel geluk, omdat bijvoorbeeld Carl Cox op mijn label een paar tracks wilde uitbrengen. Die tracks werden inderdaad hits, zoals ons gezamenlijke nummer Inferno. Daarna volgden andere belangrijke dj's.’

Filth on Acid is nu een van de bepalende labels in de techno, wereldwijd. Maar dat ging niet vanzelf. ‘Ik en mijn manager hebben er in het begin al ons spaargeld in gestopt, al het geld van optredens. Het is in deze tijd  moeilijk om boven te komen drijven op de streamingsites. Ik heb gehoord dat ruim 90 procent van de muziek die verschijnt op Spotify minder dan duizend keer is afgespeeld. Er verschijnen dus miljoenen nummers die nauwelijks worden gedraaid. Tussen die ruis moet jij als label zien op te vallen. Wij deden dat door te investeren in duur, maar goed en helder artwork. En door samenwerkingen te zoeken met grote artiesten, om de aandacht te trekken. Als die tracks worden gedraaid op feesten gaat het publiek daarna op zoek, met de app Shazam. En dan komen ze uit op jouw label, en herkennen het ontwerp en het logo. Deze aanpak, van veel investeren in kwaliteit en dus eerst zwaar in het rood staan, heeft bij ons goed gewerkt.’

Corona en de burn-outs

Door corona werd de complete dancecultuur platgelegd: geen festivals, geen nachtleven. Een ramp, maar misschien ook een zegen? Omdat de jachtige wereld van de dance al jaren werd geplaagd door burn-outs en psychische nood van overbelaste artiesten?

Zonneveld denkt in de eerste plaats genuanceerd over de burn-outkwestie. ‘Ik speelde zelf voor corona een show of honderdvijftig per jaar. Dat is veel, maar ik geniet enorm van optreden. Ik doe het puur omdat ik het gaaf vind. Ik kan me wel voorstellen dat je overwerkt raakt als je niet maakt wat je mooi vindt. En geloof me: veel artiesten in de wat commerciëlere stijlen doen dat. Er wordt veel dance gemaakt om geld mee te verdienen, een soort kauwgumballendance. Moet je voorstellen: dan sta je op een festival, elke avond ergens anders, met muziek die je zelf eigenlijk niets vindt, en mensen om je heen met wie je niet zo veel hebt, omdat het goed verkoopt, en je manager zegt dat je dit vooral moet blijven doen. Ja, dát lijkt mij slopend, en het moeilijkste beroep ter wereld. Als corona die bubbel laat knappen, is dat misschien niet eens zo slecht.’

‘Voor mij is deze crisistijd slopend omdat ik niet kan doen wat ik leuk vind. Het is juist die jachtige wereld van het optreden, van de grote steden en het nachtleven die mijn muziek inspireert. Ik vind het moeilijk om nu thuis muziek te maken: ik kijk uit het raam en zie dat het regent. Ik mis de hoogspanning en de energie. Hoewel ik nu wel tijd heb om technische aspecten van mijn muziek uit te diepen. Weer duiken in het sounddesign, zelf muzieksoftware maken. En financieel heb ik reserves hoor, maar geef me alsjeblieft het optreden terug. Ik nam pas een livestream op, zonder publiek. Er waren een man of twintig bij om de techniek te doen en ik zag hoe dat groepje heel hard ging op mijn tracks. Kijk mij nou, dacht ik toen. Ik sta hier nu met twintig man mijn muziek te delen en ik heb het kippevel op mijn armen staan. Het was een hoogtepunt van dit jaar, bizar natuurlijk.’

Op Awakenings Festival 2019.Beeld Bram Klooster

Corona en de clubcultuur

‘Misschien is corona ergens goed voor’, zegt Zonneveld. ‘Iedereen realiseert zich nu hoe vreselijk belangrijk clubcultuur is, of theater, of concerten en bijvoorbeeld voetbalwedstrijden. Plaatsen waar mensen samenkomen. Ik denk dat straks nooit meer iemand naar een dancefestival gaat terwijl hij eigenlijk niet zo veel zin heeft, wat je best vaak hoorde. We zullen het nooit meer als vanzelfsprekend beschouwen, omdat we het nu zo ontzettend missen. We weten hoe bevoorrecht we waren, dat we altijd maar naar feesten en clubnachten konden gaan in ons welvarende deel van de wereld. Dat besef gaat blijven.

‘De danscultuur zal nooit verdwijnen, daar is die te groot en essentieel voor. Maar ik maak me wel zorgen over de infrastructuur: de kleine clubs en festivals die omvallen door financiële nood. Wie gaat er straks opnieuw een kleine club beginnen? Wie neemt het risico, als straks alles failliet gaat? En de kleine clubs zijn van levensbelang, want daar komt talent op, daar leren dj’s draaien en publiek van een paar honderd man te bespelen. En ook de technici leren het daar, de geluidsmensen die daarna op Lowlands gaan werken. Ons hele ecosysteem zal misschien opnieuw moeten worden opgebouwd. Er zit nu zo veel pijn, verdriet en financiële ellende in de dancewereld. Maar hoe erg het ook wordt: de danscultuur komt terug. Want mensen moeten dansen. Dansen is een ritueel van saamhorigheid, al vanaf het ontstaan van de mensheid: trommels pakken en karren maar.’

Deze week verscheen op Zonnevelds label Filth on Acid de compilatie Stamp Collection, met nieuw werk van hemzelf en artiesten van het label. Volgend jaar houdt hij zijn eigen festival Live Now, dat dit jaar vanwege corona werd afgelast. Zonneveld treedt ook op in de virtuele omgeving van het Amsterdam Dance Event. Hij zit bijvoorbeeld in een panel met Speedy J. Verder geeft Zonneveld een masterclass. Het complete ADE-programma is hier te vinden.

Online ADE

Het ADE, dat woensdag begint, zou dit jaar in zeer gestripte vorm plaatsvinden in de Paradiso in Amsterdam. Maar de shows, met bijvoorbeeld Speedy J en Legowelt, zijn afgelast of verplaatst. Online gebeurt er van alles, van dj-sets tot masterclasses. Op de site van het ADE staan de actuele programma’s en updates. Wie onbekommerd danceplezier wil hebben kan ook terecht bij de Dutch Dance Quiz, op zaterdag 24 en 31 oktober. Met vele Nederlandse legendes waaronder Reinier Zonneveld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden