Interview

De consequenties van het succes van Niña Weijers

Opeens was ze daar: schrijfster Niña Weijers (27), uit de anonimiteit, vol in de aandacht. Ze werd geroemd en bekroond om haar debuut De consequenties. Wat dáárvan dan weer de consequenties voor haarzelf zijn, probeert ze nu te overzien.

Beeld Robin de Puy

Niña Weijers (27) is nog niet bekomen van de toestanden die ze de afgelopen maanden heeft meegemaakt. 'Niemand is de laatste tijd zó de letteren in gekatapulteerd als jij', kreeg ze onlangs te horen - wat een redelijk adequate samenvatting is. Sinds ze in mei debuteerde met haar roman De consequenties is ze een publiek figuur geworden dat van het ene optreden naar het andere holt. 'Het bevreemdt me af en toe wat er gebeurt. Mensen krijgen een beeld van me dat natuurlijk nooit klopt met hoe ik me voel', zegt ze.

Welk beeld zouden mensen van jou hebben dan?

'Ik hoor vaak: 'Het gaat goed met jou, hè?' Zo maf. Mijn succes komt naar buiten, alle dingen die geen succes zijn, niet. Het beeld dat mensen van mij krijgen, is per definitie uit balans, want er is nog veel méér in mijn leven dan succes.'

Is dit geen valse bescheidenheid?

'Ik vind het heel leuk hoor, al die aandacht voor mijn boek. Maar tegelijk denk ik: o jee, er gebeurt iets waar ik zelf geen invloed op heb. Alsof ik zit te schreeuwen om aandacht - dat is echt het laatste wat ik wil.'

Je wilt toch dat je boek een succes is? Dan krijg je aandacht, dat hoort erbij.

'Het is vreemd om ineens een publiek imago te hebben. En ik merk: als je onevenredig veel in de media komt, lijkt het heel wat. Terwijl: zie me hier zitten, ik klungel ook maar wat aan.'

Sinds half oktober werkt Weijers in een ruimte in Maastricht met alleen een tafel en twee stoelen erin. Om haar heen is het kaal en wit, alle geluiden klinken hol. Het is een atelier van de Van Eyck Academie, die onder kunstenaars plekken verdeelt waar ze rustig kunnen werken. Van Eyck-directeur Lex ter Braak vroeg haar hiervoor, nadat hij onder de indruk was geraakt van De consequenties. Weijers mag tot Kerst in het Van Eyck-pand zitten, in hartje Maastricht. Als ze opkijkt van haar werktafel, ziet ze door de hoge ramen een binnentuin vol gebladerte in herfsttinten.

Het was haar bedoeling dat ze hier aan haar tweede roman zou beginnen, maar die moet even wachten. Het gaat te goed met De consequenties, waardoor ze voortdurend ander werk heeft te doen. Het boek beleeft zijn vierde druk en er komen vertalingen in Frankrijk en Duitsland. Het was genomineerd voor De Bronzen Uil, een Vlaamse literatuurprijs, en het mooiste van alles: Weijers won onlangs de Anton Wachterprijs, die eens in de twee jaar wordt uitgereikt voor het beste Nederlandstalige romandebuut. De jury sprak van een 'interessante, onalledaagse thematiek' en vond dat de roman verdergaat dan 'de gebruikelijke reflectie op het eigen leven'.

Beeld Robin de Puy

Op het eerste gezicht is het inderdaad geen autobiografisch werk.

'Er wordt vaak gezegd: debuten zijn een afrekening met je jeugd en daarna kun je over andere dingen schrijven. Ik had niet de behoefte iets over mijn eigen jeugd te zeggen, ik vond het er niet toe doen. Ik vind het ook wel stoer dat ik een roman heb geschreven die niet heel navelstaarderig is.'

Cv

Niña Weijers

9 juli 1987 Geboren in Nijmegen.

Opleiding

2006 - 2009 Literatuurwetenschap aan de UvA en University College Dublin (cum laude)

Loopbaan

2009 - 2014 Programmamaker bij academisch-cultureel centrum Spui25 in Amsterdam

2010 Winnaar van de schrijfwedstrijd Write Now!

2013 - nu De ‘seksistische talkshow’ Weijers & Van Saarloos in de Rode Hoed, waarin ze met Simone van Saarloos vrouwen interviewt over hun carrière.

2013 - nu Columnist en recensent bij De Groene Amsterdammer.

2014 - nu Redacteur bij literair tijdschrift De Gids

Mei 2014 De consequenties, haar debuutroman, genomineerd voor de Bronzen Uil en winnaar van de Anton Wachterprijs.

Niña Weijers heeft een relatie met Daniël van der Meer, een van de oprichters van literair tijdschrift Das Magazin.

Er wordt gezegd dat jij tot een generatie schrijvers behoort die juist wel navelstaarderig is.

'Ja, het is problematisch, we worden als één generatie schrijvers gezien - mensen als Nina Polak, Hanna Bervoets, Maartje Wortel, Philip Huff, Daan Heerma van Voss, Joost de Vries, ik en nog anderen. Het is niet totaal onzinnig, omdat we allemaal tussen 25 en 35 jaar zijn en af en toe voor het literaire tijdschrift Das Magazin schrijven. Maar daardoor verdwijnt wel uit beeld dat er veel diversiteit is. Ieder van ons denkt: ik doe het anders dan de rest.'

Critici zeggen: ze wonen in het fijne Amsterdam, zijn opgegroeid in grote welvaart en zitten toch allemaal bij de psycholoog te praten over de scheiding van hun ouders. Dat zijn ongeveer de problemen in die boeken, toch?

'Precies, maar dat is wel heel generaliserend gezegd.'

Jij bent het er niet mee eens?

'Het komt wel ergens vandaan. Ik vind ook: goh, laten we eens wat op het spel zetten. Daarom wilde ik óók geen autobiografisch boek schrijven. Ik wist: mijn hoofdpersonage moet stappen maken in het leven, het moet geen zeikerd zijn én het moet een vrouw zijn. Ik schrijf niet met mijn tieten, maar ik dacht: ik wil een interessant, vrouwelijk personage.'

Jouw hoofdfiguur Minnie Panis is een kunstenares die de vreemdste dingen maakt en ze heeft geen flauw idee waarom.

'Ja, later kwam ik erachter: hé, hoe zij werkt, op zo'n onbewuste manier, daar herken ik mijzelf in. Kijk, ik was de afgelopen jaren wel met een boek bezig en ik zei ook tegen de buitenwereld dat ik een boek aan het schrijven was, maar ik dacht weleens: eigenlijk heb ik geen idee. Het was heel lang een soort woordenbrij in mijn computerscherm, het was voor mij onvoorstelbaar dat het daadwerkelijk een net boek ging worden.'

Pas achteraf hangt Minnie Panis hele verhalen op over haar kunstwerken en dan blijkt er ineens van alles achter te zitten. Dat is grappig.

'Dat doe ik nu ook, een verhaal bij mijn boek bedenken. Het is allemaal intuïtief ontstaan en nu zit ik erover te vertellen. Maar zo werkt het wel, je schrijft ergens over en achteraf denk je: oooh, gaat het hierover. Het is afgezaagd om te zeggen, maar schrijven is eerder iets opgraven dan iets verzinnen.'

Er zitten dus genoeg dingen in je boek van jou zelf.

'Dat is onvermijdelijk. Alle fictie is verweven met je eigen leven.'

Kun je wat vertellen over je leven? Uit wat voor gezin kom je?

'Ik kom uit een harmonieus gezin - tot op zekere hoogte, want mijn ouders zijn wel gescheiden. Maar ja, zo bijzonder is dat niet.'

Had je halve klas gescheiden ouders?

'Ik weet niet of het op die schaal voorkwam, maar ik had bepaald niet het idee dat ik een uitzondering was. Ik was 15 en het was best heftig. We woonden op Curaçao, waar we toen vier jaar zaten, en we zouden nog een jaar blijven. Maar we zijn eerder teruggegaan naar Nederland omdat mijn ouders gingen scheiden.'

Jullie kwamen uit Nijmegen en zijn naar die stad teruggegaan, toch?

'Ja, maar mijn vader bleef langer op Curaçao, hij moest zijn werk afmaken, hij was directeur van een middelbare school die hij zelf had opgezet. Mijn moeder, mijn broertje en ik hebben een half jaar in een donker bovenhuis gewoond in een nauwe straat in Nijmegen. Ik heb het die eerste winter in Nederland alleen maar koud gehad, die hele tijd is samengeklonterd tot één brok kou. Ik kon nergens anders aan denken dan aan douchen. Ik kwam van een eiland waar altijd de zon scheen, waar je op blote voeten naar buiten liep, we hadden honden en een grote tuin en ineens zaten we in de kou. Ik kan er nog steeds niet goed tegen.'

Beeld Robin de Puy

Had je de scheiding zien aankomen?

'Nee, dat was ook nog wel een ding. Mijn ouders waren heel harmonieus met elkaar, ze waren elkaars beste vrienden en hadden een leuk leven, dus het was een shock. Pas jaren later kon ik denken: o, ik snap het wel. Voor kinderen is het fijn, zo'n huwelijk, want er was niet veel ruzie, maar ze raakten elkaar nooit aan. Mijn moeder wilde het nog graag redden, maar mijn vader wilde niet meer, hij is degene geweest die zei: ik wil nog een passie in mijn leven.'

Hij had een ander?

'Ik denk het eigenlijk niet, maar hij had wel snel daarna een vriendin. Hij heeft een paar vriendinnen gehad die allemaal even vreselijk waren en niet bij hem pasten. Iedereen dacht, ook zijn vrienden: wat doe je hiermee? O god, ik heb wat met hem meegemaakt. Hij had een tijdje een vriendin die van adel was of zoiets, ze kwam uit een heel chic gezin. Ik was een jaar of 16 en kookte eens per week bij mijn vader.'

Hadden ze co-ouderschap, je ouders?

'Jawel, maar daarin heb ik snel mijn eigen weg gekozen. Ik heb gezegd dat mijn moeders huis mijn thuisbasis was, want ik werd helemaal gek van al dat op en neer gereis - elk kind van gescheiden ouders zal dat herkennen. Maar goed, toen had ik dus gekookt en ik had de pannen op tafel gezet.'

O, dat is heel erg voor een adellijke dame.

Ze schiet in de lach: 'Jaren later heb ik gehoord dat mijn vader en zijn vriendin er die avond knallende ruzie over hebben gehad. Mijn vader is altijd principieel geweest: wat er ook gebeurt, mijn kinderen komen eerst. Dat trok zij niet. Dat was volgens mij het begin van het einde van die relatie.'

Jij blij.

'Nou, ik ben iemand van de lieve vrede, ik ben niet goed in ruzies, dus ik deed altijd aardig tegen die vriendinnen. Ik dacht wel: jezus, wat heeft hij nu weer voor iemand, maar ik wilde toch dat zij zich goed voelde.' Ze grinnikt alweer. 'Ik wilde de vriendinnen van mijn vader op hun gemak stellen, omdat ik ook wel begreep dat het voor hen moeilijk was, zo'n nieuwe vriend met twee van die puberkinderen.'

We lachen er wel om, maar het is wel wat natuurlijk.

'Ik was er altijd trots op dat mijn ouders zo goed door die scheiding zijn gekomen, die twee zijn nog steeds heel dicht bij elkaar. Mijn moeder is vorige week 60 geworden en toen heb ik met mijn vader een verrassingsfeest voor haar georganiseerd. Dat kán. Maar het is ook een zichzelf voedende mythe geworden, zo van: wij kunnen zo goed met elkaar. We hebben nog een hele tijd dingen met zijn vieren gedaan en dan schoten we allemaal in een verouderde rol van onszelf. Toen heb ik gezegd: dit wil ik niet meer. Het hoeft niet altijd leuk en aardig te zijn, soms zijn dingen gewoon shit.'

Cornald Maas heeft in de Volkskrant een interviewserie gehad met kinderen van gescheiden ouders, dat waren vreselijke verhalen.

'Om ons heen hadden wij ook afschuwelijke scheidingen en daarom waren we zo blij dat mijn ouders een modelscheiding hadden. Maar het is niet gemakkelijk geweest. En ik bén al een beetje zwaarmoedig en als puber was ik dat helemáál. Het is geen trauma geworden, maar ik zou zo'n scheiding niet willen bagatelliseren omdat bijna iedereen zoiets meemaakt. Je zou ook kunnen zeggen: ja jongens, misschien even twee keer nadenken voordat je een kind krijgt, ga je dat écht met zijn tweeën opvoeden?'

In je boek komen amper ouders voor. Minnie Panis weet niet wie haar vader is en de relatie met haar moeder is kil.

'Met mijn eigen ouders is het anders. Ik wilde een on-orthodox moederschap beschrijven. Moederschap is een van de laatste taboes, een moeder houdt automatisch van haar kind; als dat niet zo is, is er echt iets mis. En wat de vader betreft: ik zag gewoon geen vader voor me in dit verhaal.'

Bij de Van Eyck Academie halen we thee in de kantine. Al het voedsel is op en daarom offreert Weijers in haar atelier een half opgegeten kant-en-klare salade uit de supermarkt. Ze verontschuldigt zich voor de staat waarin die verkeert, de ingrediënten zijn wat slapjes. 'Maar hij is lekker hoor', zegt ze enthousiast. Ze mag niet slapen in haar atelier, dat doet ze in een appartement dichtbij. Maar afgelopen nacht moest ze uit het appartement omdat er een congres was bij Van Eyck. Ze vond een plek bij kennissen verderop in de stad. 'Ik leid een soort nomadenbestaan', zegt ze.

Simone van Saarloos, de NRC-columniste met wie Weijers in de Amsterdamse Rode Hoed eens per twee maanden een 'seksistische talkshow' met alleen vrouwen organiseert, zei het al: 'Niña is eigenzinnig en onafhankelijk.' Het verbaast haar niet dat Weijers nu in haar eentje in Maastricht zit te schrijven en god weet wat zit te doen. Maar Weijers staat zich er niet op voor, zoals sommige andere schrijvers, aldus Van Saarloos. 'Ze trekt zich af en toe terug, maar het is niet echt een ding voor haar. Niña is niet koket. Ze vertrekt gewoon uit Amsterdam.'

Beeld Robin de Puy

Wat vind je van wat Simone zegt?

'Lief. Ik denk dat ze gelijk heeft. Ik heb niet zo veel met het mythologiseren van het schrijverschap.'

Dat schreef je ook in een column voor De Groene Amsterdammer.

'Ja, dat was naar aanleiding van het optreden van David Van Reybrouck in Zomergasten. Het beeld dat hij van de kunstenaar neerzette, vond ik zo súpermacho, ik viel bijna van mijn stoel. Het kunstenaarschap is voor hem: tot op het bot gaan, alles ervoor over hebben. Ik denk altijd: waarom vinden we dit nog steeds zo interessant? Het is zo cliché.'

Je bedoelt: op een landgoed in Frankrijk gaan zitten en je een god in het diepst van je gedachten wanen?

'Ja, ik doe het zelf nu natuurlijk ook, maar ik doe het liever onnadrukkelijk.'

Simone vertelde dat je nog steeds naar je vriendinnen in Nijmegen gaat, die zulke andere levens leiden dan jij. Je moet af en toe uit je Amsterdamse wereldje breken?

'Natuurlijk! Dat is verfrissend. En ik heb veel bewondering voor hoe mijn vriendinnen in Nijmegen leven. Zij vullen het misschien wat traditioneler in dan ik, maar er zit geen bekrompenheid in. Wat ik bekrompen vind, is een bepaald beeld van de kunstenaar aanhangen en zeggen: zo is het, zo moet het zijn.'

Waarom zit jij dan in je eentje in Maastricht?

'Ik maak soms radicale keuzes. Ik heb eerder dit jaar mijn baan opgezegd, dat was ook zoiets. Ik ben na mijn bachelor literatuurwetenschap programmamaker bij Spui25 geworden, een cultureel centrum in Amsterdam. Het was leuk werk, maar na een paar jaar vond ik het te veilig om daar te blijven, ik wilde kleur bekennen en me helemaal toeleggen op het schrijven.'

Je vriend Daniël van der Meer, een van de oprichters van Das Magazin, vertelde: 'Ze leeft nu meer van de lucht dan van iets anders.'

'Het is grappig, een poosje geleden zei een jongen tegen mij: 'Zooo, jij hebt echt succes met je boek.' Ik dacht: wow, gisteren stond ik op het station en had ik niet eens genoeg geld voor een treinkaartje. Ik werk voor De Gids en De Groene en heb andere schrijfopdrachten, heel eervol allemaal, maar er is geen droog brood mee te verdienen. Maar ik heb er duidelijk voor gekozen. Dit is wat ik wil.'

Je hebt veel gereisd. Je 2de verjaardag vierde je in Thailand, vertelde je vader.

'Mijn ouders wilden minstens één keer per jaar een maand weg. We zijn veel in Azië geweest, Thailand, de Filipijnen. En toen we op Curaçao woonden, zijn we naar Guatemala, Equador, Venezuela, Peru, Suriname geweest. Ja echt...', zegt ze glimlachend.

Waren je ouders van die backpackers die hun oude leven wilden blijven leiden ook al hadden ze kinderen gekregen?

'Zoiets hadden mijn ouders zeker. Het is te prijzen en ik ben door al dat reizen veel ervaringen rijker geworden, maar tegelijk denk ik: je leven verandert nu eenmaal als je kinderen krijgt. Dat moet je als ouders onder ogen zien.'

Jij en je broertje hebben dus veel boeddhistische tempels en Maya-ruïnes gezien.

'Mijn broertje heeft zich er lang tegen afgezet. Die had zoiets: val dood met die oude zooi. Moesten we weer een Inca-trail lopen. In Peru had je de Machu Picchu, een Inca-ruïne waarvoor we drie dagen een wandeltocht deden op iets van 3.500 meter hoogte. Mijn broertje was nog heel klein maar hij moest wel mee. Jaren daarna heeft hij nog gezegd: over mijn lijk, dat wil ik niet meer.'

Hij wilde liever naar Ameland?

'Ja, hij dacht: waarom kunnen we niet een keer naar een camping met andere kinderen. Dat heb ik ook wel gedacht.'

Kunnen we niet eens normaal doen.

'Tuurlijk, dat denk je altijd als kind. Toen ik zo oud was dat ik zelf op vakantie kon met vriendinnen, heb ik Europa ontdekt. Ik hou nog steeds van verre reizen, ik ben vorig jaar nog in Indonesië geweest, maar ik heb ook ontdekt dat er veel schoonheid in de buurt is.'

Beeld Robin de Puy

In je boek zit nogal wat mystiek, je hebt het over Lao Tse, taoïsme, de Maya-kalender. Je neemt het behoorlijk op de hak.

'Ik wilde aan de orde stellen: waar zijn dit soort diepe wijsheden nog diepzinnig en op welk moment wordt het algemene lulkoek, een soort Happinez-geouwehoer. Je kunt bijna geen huis in Nederland binnenkomen of er staat een Rituals-product. Iedereen voelt zich ertoe aangetrokken, omdat er een slimme marketing achter zit. Dat vind ik interessant: wanneer is het een slim product en wanneer heeft al die mystiek nog betekenis?'

Hoe kom je bij die fascinatie? Waren je ouders zo?

'Nee, mijn ouders hebben zich juist losgemaakt van het geloof, mijn moeder heeft zich uitgeschreven uit de katholieke kerk toen ze 20 was. Ik weet nog, op mijn 16de heb ik voor Kerst een bijbel gevraagd, er was toen net een nieuwe bijbelvertaling. Mijn oma was dolgelukkig dat ze me een bijbel kon geven, maar mijn moeder snapte er niets van.'

Dat is wel bijzonder, een kind van 16 dat vrijwillig de bijbel gaat lezen.

'Ja, het klinkt inderdaad gek. Ik was ook erg gefascineerd door Jezus Christus. Ik herinner me dat ik als klein kind voor het slapen gaan ging bidden, ik geloofde van nature in een soort god. En dan dacht ik altijd: ik moet ook voor mijn ouders bidden, die geloven niet meer en straks komen ze om.'

Je bad voor hun zieleheil?

'Ja! Ik ben ermee doorgegaan totdat ik dacht: oké, als ze een goed leven leiden en als het goede mensen zijn, dan is het misschien niet zo erg dat ze niet in Jezus Christus geloven, dan komt het misschien wel goed.'

Ben je hier nog steeds mee bezig?

'Ja, ik ben onderzoekend en bijt me in dingen vast. Op de middelbare school heb ik voor het vak kunstgeschiedenis een werkstuk gemaakt over hoe Jezus door de eeuwen heen is afgebeeld. Ik werd gegrepen door de relikwieëncultuur. Allerlei figuren zeiden dat ze een originele splinter van het kruis hadden, terwijl: als je al die splinters bij elkaar zou leggen, had je tien kruisen gehad. Ik snap het zo goed, op zoek zijn naar een spoor van iets echts. Dat is ook waar mijn boek steeds op terugkomt: wanneer is iets echt?'

Je laat Minnie Panis een poging doen te verdwijnen, dat is wel apart. Ze verkoopt al haar spullen om van zichzelf af te komen.

'Die radicaliteit vind ik interessant. Zelf zou ik niet van de aardbodem hoeven te verdwijnen, maar ik herken het verlangen wel. Het is tegenstrijdig eigenlijk: ik heb altijd iets willen bereiken, maar ik ben ook introvert, ik wil liever niet gezien worden. Ik vind het leuk, alle aandacht die ik nu krijg, maar ik verlang toch ook weer naar die grote, echte stilte van het schrijven aan een boek.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden