'De climaxen volgen elkaar in een hoog tempo op'

Tot op de laatste seconden voor een set bereidt hij zich voor of bouwt hij nieuwe tracks. De toewijding spat uit zijn mintgroene ogen, die op het eerste gezicht een voorliefde voor pepmiddelen lijken te verraden, schrijft tv-recensent Haro Kraak over Avicci.

Tim Bergling is een Zweedse jongen van 24 met een petje achterstevoren. Als dj, luisterend naar de artiestennaam Avicii, reist hij de hele wereld over. In zijn koffer heeft hij een speciaal vakje gemaakt voor zijn petten, zodat ze niet kreuken. Dit laat hij trots zien in de documentaire Avicii on tour, zaterdagavond door BNN uitgezonden op Nederland 3.

Voor de goede orde: we hebben het hier over een van de grootste artiesten ter wereld. In het rijtje Tiësto, Armin van Buuren en Hardwell. Bekender bij de jongste generatie dan Madonna. Zijn hit Wake me up was in Nederland de best verkochte single van 2013. Als u 'Wake me up when it's all over' leest, kunt u de melodie en het radiovriendelijke vuistpompbeatje waarschijnlijk al dromen.

Al zijn nummers hebben synthesizerhooks die zich ervoor lenen om door een stadion vol danshooligans meegeblèrd en -gestampt te worden. Hij mag Jack Spijkerman tot zijn trouwste fans rekenen, weten we sinds dit weekend. Hij verdient naar schatting 15 miljoen euro per jaar en werd in deze krant groot geportretteerd onder de bedenkelijke kop 'Kind aan house'.

Dat hij er qua woordspelingen en alliteraties zelf ook wat van kan, bewijst hij met zijn tour House for Hunger. Iets met kindjes in Afrika en een miljoen euro. 'Toen ik geld ging verdienen', zegt Bergling aan het begin van de film, 'kwam ik erachter dat ik het niet echt nodig had'. Het enige juiste was om het weg te geven. Althans, eenvijftiende ervan.

Pr-strategie
Allemaal goed bedoeld natuurlijk, maar om de eerste vijf minuten van een muziekdocumentaire geheel daaraan te besteden, lijkt een iets te opzichtige pr-strategie. Het riekt daarnaast naar het gedachtegoed van Kinderen voor Kinderen. 'Een kind onder de evenaar is meestal maar een bedelaar' - dat werk.

Enfin. We volgen de dj tijdens de staart van zijn wereldtournee, gedurende een paar optredens in Australië. Zijn MacBook wijkt nooit van zijn zijde. Tot op de laatste seconden voor een set bereidt hij zich voor of bouwt hij nieuwe tracks. De toewijding spat uit zijn mintgroene ogen, die op het eerste gezicht een voorliefde voor pepmiddelen lijken te verraden - ten onrechte.

De regisseur hanteert een vast raverecept: Bergling van achter gefilmd, de platte klep van zijn petje naar de kijker toe, voor hem uitgestrekt een mensenmassa die in navolging van hun held achter de draaitafels de handjes op elke vierkwartsmaat richting de hemel werpt. De climaxen volgen elkaar in een hoger tempo op dan in een - pardon - cumshotcompilatie.

De ingesneden interviewtjes in luxe hotelkamers of privéjets bevatten bekende muzikantenclichés: Bergling is een perfectionist, hij wil eigenlijk niet herkend worden (vandaar het petje) en hij vindt house verslavend. De prijswinnende quote komt van zijn vader, die vertelt over de muzikale ontwikkeling van zijn zoon: 'En toen kwam dat elektronische ding met die computers.'

Een generatiekloof van jewelste die ook BNN parten speelt. Dat er maar 57 duizend mensen keken naar de documentaire is helaas tekenend voor het lot van Nederland 3: de populairste artiest onder de jeugd is geen hit op de jongerenzender van de publieke omroep, omdat er stelselmatig te weinig jongeren hun weg naar die zender weten te vinden. Ze kijken wel op internet.

Of ze dansen zaterdagavond op Avicii in de club, dat kan natuurlijk ook.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.