Interview Arnoud Bos

De carrière van Arnoud Bos: politierechercheur én ster in De Luizenmoeder

Rechercheur Arnoud Bos (50) - de broer van Wouter Bos - was lange tijd fulltime acteur, maar door een gebrek aan werk besloot hij als zij-instromer bij de politie aan de slag te gaan. Zes jaar na de carrièreswitch beleeft hij ineens een groot succes met zijn rol in De Luizenmoeder, die hij in zijn vrije uren vervulde.

Arnoud Bos Foto Ivo van der Bent

De Luizenmoeder was het kijkcijferkanon van afgelopen jaar. Op het hoogtepunt keken 3,5 miljoen mensen naar de comedyserie over de ouders en leerkrachten van groep 3 op basisschool De Klimop. Opgeteld met de terugkijkers waren dat er zelfs 4,7 miljoen. Het lijflied van hoofdpersonage Juf Ank, Hallo allemaal, wat fijn dat je er bent, werd een hit. Arnoud Bos speelt het personage Karel, de tamelijk bemoeizieke vader van dochter Maledive (verwekt op de Malediven) en zoon Filippien. Als enige man staat Karel elke dag tussen de moeders op het  schoolplein.

Heb je veel last van het succes in je huidige werk? Zingen collega's weleens ter begroeting met ‘hallo allemaal’ als je op de plaats delict aankomt?

'Dat is weleens gebeurd, maar de meeste zeggen dan gelijk: ‘Sorry, sorry sorry, je zal er wel gek van worden.’ En er zijn collega's waarvan je het niet verwacht – grote, heel stevige mannen van in de 50 met dikke snorren – die brommen: ‘Ik wil wel een selfie, want anders gelooft mijn vrouw nooit dat je een collega bent.’ Ik vind dat alleen maar leuk.’

Je bent nu rechercheur bij politie Almere. Is dat net zo spannend als in tv-series?

‘Het is niet zo dat ik vaak naar een plaats delict moet voor een moord. Ik ben wel bij een aantal lijkvindingen geweest en heb zaken gedaan waarbij er getwijfeld werd of het een suïcide was. En op het moment doe ik vooral veel bureauwerk. De tv-series lijken sowieso totaal niet op de werkelijkheid. Het zou ook helemaal niet interessant zijn om een realistisch verhoor te zien waarbij twee rechercheurs elke zin herhalen. ‘Ik begrijp het dus goed dat je zei…’ Of: ‘Wacht even, mijn collega houdt het niet bij met tikken.’ Zo gaat het in het echt.’

Misschien maar beter ook dat je nu vooral bureauwerk doet? Ik kan me voorstellen dat het een ongemakkelijke situatie oplevert als je op een plaats delict verschijnt en iedereen je aanspreekt als de vader van Maledive.

’Het grappige is dat ik nog niemand binnen de politie heb ontmoet die bij die mogelijkheid heeft stilgestaan. Terwijl mijn moeder, vrouw en broer zich daar wel direct zorgen over maakten. Maar ik wilde te graag die rol om me daar druk over te maken.’

Je had in je stoutste dromen ook niet kunnen voorzien dat er zo’n 3 miljoen mensen gingen kijken.

‘Nee, absoluut niet. Ik had wel het idee dat we iets goeds hadden, maar dat heb ik wel vaker gehad, en dat sloeg dan totaal niet aan. Dus mijn verwachtingen had ik bewust heel laag gehouden. Waarschijnlijk ook uit zelfbescherming, zodat de teleurstelling niet zo groot zou zijn.’

Arnoud Bos Foto Ivo van der Bent

Was het frustratie over het gebrek aan succes dat je bewoog een ander beroep te zoeken?

‘Het was het leven eromheen eigenlijk. De onzekerheid. Ik kreeg minder werk dan ik wilde. Ik stond minder dan zes maanden per jaar op een set of het toneel. Er waren ook steeds minder regisseurs met wie ik wilde werken. Er zat een heleboel onzin tussen, gedoe, geblaat.’

Kon je het je wel permitteren om zo kritisch te zijn op klussen, als je maar zes maanden per jaar werk had?

‘Dat zou je kunnen zeggen, maar dat zit niet in mijn aard. Ik vind het niet boeiend om zes weken heel diepzinnig te repeteren voor een voorstelling die niemand begrijpt. En dat gebeurt veel, er wordt veel quasi-intellectueel theater gemaakt, met geneuzel op de vierkante centimeter, dat hooguit voor vakbroeders interessant is. GeenStijl noemt dat de links-elitaire subsidieslurpende kliek: daar heb je er veel van in toneelland. Daar wilde ik niet bij werken. Daar kwam mijn calvinistische inslag nog bij. Het begon me tegen te staan dat het onderweg in de bus naar voorstellingen zo vaak helemaal nergens over gaat, al zijn acteurs natuurlijk allemaal leuke verhalenvertellers. Ik zag niet zoveel plekken waar ik dan wel terecht kon, waar dat anders was. Dat komt ook omdat ik weet dat ik geen acteur op Champions Leagueniveau ben. Ik zie mezelf als een heel goede middenmoter. Die zijn ontzettend nodig, want als niemand de voorzet geeft kan de spits hem er niet in knallen. Toch heb ik het idee dat ik mijn tijd en mezelf als mens nuttiger kan inzetten, dat ik beter tot mijn recht kom in een andere baan.’

En als je dan ineens onderdeel uitmaakt van een team dat met de Luizenmoeder een enorm succes boekt, denk je dat je dat niveau misschien toch in je hebt?

‘Nee, dan denk ik hoogstens dat de serie misschien wel Champions League was. Maar ook dat kan een incident zijn. Er komt nu een tweede seizoen. Ik ben heel blij dat ik niet in de schoenen sta van de bedenkers en hoofdrolspelers Ilse (Warringa, red.) en Diederik (Ebbinge, red.), die ook daarvoor weer het scenario schrijven. Alle ogen zullen straks op hen gericht zijn. Die druk lijkt me behoorlijk hoog. Nee, ik hou mezelf voor dat het succes ontzettend vluchtig is. En ik geniet ten volle van mijn huidige werk. Het levert me in maatschappelijke zin ontzettend veel op. Ik voel me nuttig.’

Kun je met je toneelschool zomaar bij de politie aan de slag?

‘Ik heb een avondstudie rechten gedaan, maar dat had niet gehoeven. Als hbo'er kun je al de opleiding tot rechercheur volgen. Als je dat haalt, mag je als zij-instromer aan de slag. Dan ga je meer vrijblijvend door de organisatie heen om die zo van binnenuit te leren kennen. Het nadeel vond ik dat je voortdurend stagiair blijft. Ik was verdorie bijna 50 en liep nog steeds stage. Op een gegeven moment wil je wel een keer voor volwaardig worden aangezien. Daarom heb ik een paar weken geleden ervoor gekozen dit traject af te sluiten. 

Nu heb ik een vaste plek bij de districtsrecherche Flevoland in Almere. Ik werk op de afdeling die nagaat wat er precies is gebeurd bij misdrijven waarvan de dader al bekend is. Bij mijn sollicitatie werd gezegd dat we werden opgeleid om tegensprekers te worden. Die hebben als taak om het rechercheteam dat een misdrijf onderzoekt te behoeden voor valkuilen. Die functie is gecreëerd naar aanleiding van de Schiedammer Parkmoord, waarbij vier jaar lang iemand onschuldig is vastgehouden. Het team dat op deze zaak zat kreeg last van tunnelvisie. Overigens wordt dat systeem van tegenspraak binnen de politie nu steeds minder toegepast. Er zijn veel mensen die denken dat alle agenten die zelfreflectie inmiddels wel eigen hebben gemaakt. Zelf denk ik dat dat niet zo is.’

Heb je een concreet voorbeeld van een misdrijf waarbij je voor het ontbrekende puzzelstukje hebt gezorgd?

‘Ik heb wel een keer een eurekamoment gehad bij de vermissing van een student. Ik kan daar niet te veel over zeggen. De kern van het verhaal is dat je de gegeven informatie niet voor koek en ei aanneemt, maar dat je die kantelt. Out of the box denken eigenlijk. Ik ben ook tegenspreker geweest in de zaak-Els Borst. Dan hoop je natuurlijk dat je de gouden ingeving hebt. Die had ik toen helaas niet.’

Je wilt graag iets bijdragen aan de wereld. In de interviews met je broer Wouter gaat het vaak over jullie vader die onder meer ambassadeur in Ethiopië was, en het steeds over het onrecht in de wereld had in termen van goed en kwaad. Komt die behoefte daar vandaan?

‘O ja. Mijn vader was ook heel erg actief in de anti-apartheidsbeweging. Hij was persona non grata in Zuid Afrika, supercool vond ik dat. Dat je vader een land niet in mocht. Politiek ging hem heel erg aan het hart, en het christelijk geloof speelde een grote rol. Gij zult niet en gij zult wel. Het geloof was heel dominant in onze opvoeding. Dat calvinistische, het gevoel dat ik niet mijn volle potentieel benutte, heb ik daar zeker vandaan. 

Ik voelde me ontzettend treurig en nutteloos als ik weer eens werkloos over straat liep. Dan dacht ik: wat loop ik hier for waste? Het voelde als een verspilling van mezelf. Je moet woekeren met je talenten vanuit het geloof. Dat heeft er toch flink ingehakt. Mijn moeder heeft zich uiteindelijk vrijgemaakt van dat geloof. Dat was voor mijn vader onverteerbaar. Na 30 jaar zijn ze dan ook gescheiden. Maar door die religieuze opvoeding heb ik een sterk ontwikkeld kompas voor goed en niet goed gekregen. Een neveneffect is dat ik heel moeilijk van dingen kan genieten. Van geld uit te geven voor mijn plezier. Ik heb afgelopen weekend met Wouter en nog een stel mensen gefietst in Limburg. Dat is ontzettend leuk. Maar het kostte ook wat geld. Ik heb het geld wel en ik verdien het ook om het uit te geven, maar ik kan het niet nalaten zo'n uitgave in mijn hoofd te rechtvaardigen. Het was voor Wouter trouwens wel vreemd dat hij dat weekend voor het eerst niet de BN'er in de groep was, maar ik. Dat was heel goed voor hem.’

En voor jou?

‘Buiten het toneel hoef ik absoluut niet gezien te worden. Wouter is veel meer iemand die ook buiten het toneel de hoofdrol neemt. Ik voel me veel meer op mijn gemak als goede tweede man.’

Arnoud Bos Foto Ivo van der Bent

Vindt je vader het leuk dat hij nu twee zonen heeft voor wie iedereen zijn nek omdraait?

‘Nee, status in die zin boeit hem helemaal niet. Hij heeft het altijd over een achterneef van ons, want die is ‘professorrr’. Zo praat mijn vader als hij denkt dat hij een moeilijk woord voor ons zegt. Dat heeft dan heel veel status. Maar tijdens een etentje rondkijken wie zijn zoon herkent? Absoluut niet.’

Je vader heeft geëmancipeerde zonen voortgebracht. Wouter nam als eerste politicus het woord ‘papadag’ in de mond en stopte voor zijn gezin met de politiek. Jij was als vader, net als je personage Karel, ook veel op het schoolplein te vinden.

‘Ja. Ik ben ook echt boos geworden op de toenmalig hoofdredactrice van Opzij, Margriet van der Linden, die Wouter’s motieven om de politiek te verlaten voor zijn gezin in twijfel trok. Volgens haar deed hij dat alleen maar omdat de partij er slecht voor stond in de peilingen. Hij koos gewoon het hazenpad, wat nou, afspraken met zijn vrouw? En ik wist gewoon dat die afspraak er al jaren lag. En niet voor niets. Wouter’s vrouw Barbara had jarenlang, om het bijbels te zeggen, offers gebracht. Het had het hele gezin heel veel gekost en de afspraak was dat het niet eeuwigdurend zou zijn. En dan trekt nota bene iemand van Opzij zijn motief in twijfel. Dat vond ik echt bizar. Dat ik veel op het schoolplein stond, is ook makkelijk praten. Dat was dan weer het voordeel van veel werkloos zijn. Of wat zeg ik? Werkzoekend! In between jobs! Ik ben niet zielig! Ik had alleen zes maanden per jaar over. Nu ik een vaste baan heb en nu mijn huidige vriendin vaker thuis is, sta ik er vrijwel nooit meer.’

Nipkowschijf
De Luizenmoeder (Avrotros) is een van de genomineerden voor de Zilveren Nipkowschijf, de prijs voor het beste televisieprogramma van het jaar die donderdag 21 juni wordt uitgereikt. De twee andere kanshebbers zijn Ersin in Wonderland (VPRO) en In het spoor van IS (BNNVara). De Nipkow-jury bestaat uit media-journalisten en tv-critici. André van Duin krijgt de Ere Zilveren Nipkowschijf voor zijn tv-oeuvre.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.