De bes van Dora 143 is nog te brutaal

Dora heeft het zwaar te verduren op het Internationale Pianoconcours Franz Liszt...

Door Roland de Beer

Een concertvleugel, is dat een hij of een zij? Pianisten zeggen 'hij', maar Duitse pianostemmers, weet Evert Snel, noemen het type D, de grootste maat van het Hamburgse merk Steinway (274 centimeter lang) graag een 'Dora'. 'Dirk mag ook', geeft Evert toe. Maar hij neigt naar Dora.

Daar staat ze, 274 centimeter plichtsbetrachting, in de kleine zaal van Vredenburg. Dora 143. Een 'tamelijk jong' D-tje, zeveneneenhalf jaar oud. Haar volledige identiteit is 534143, maar in fatsoenlijke concertzalen noemt het personeel een vleugel altijd bij de achternaam, ofwel de laatste drie cijfers van het fabrieksnummer.

De 143 heeft een stootplek aan het front, en haar ingewanden liggen eruit. Dora heeft heel erg op haar sodemieter gehad. 'Een Poolse kandidaat ging gisteren zo tekeer, ik dacht: waar is mijn witte vlag?', zegt Dora's eigenaar Snel, met het pianomechaniek op zijn schoot.

Evert Snel -'stemmer, restaurateur, ondernemer, zeg maar pispaal' -heeft zijn verhuurexemplaar 143 twee dagen voor het begin van het Internationale Pianoconcours Franz Liszt laten overbrengen vanuit zijn atelier in Werkhoven. Zo kon Dora in de podiumberging aan de omgeving wennen, naast haar oudere collega's 520700 en 503000 -voor ze de lift in ging naar de kleine zaal.

Vrachtwagen, lift, podiumheffer: het is niets, vergeleken met het 'geweld van de dames en heren' als er in Utrecht een Lisztconcours begint. Achtenveertig deelnemers zijn er 48 maal tien minuten 'overheen gegaan' in een inspeelsessie, voordat de eerste Japanner zich officieel aan de jury en het publiek presenteerde met Liszts Va l se impromptu, die niet vals zal klinken als het aan Snel ligt. Vervolgens kwamen er, behalve 27 keer die wals, nog eens 27 keuzes uit de Études d'exécution transcendante voorbij, plus 27 Hongaarse rapsodieën en andere vrije figuren. En nu is Evert Snel om zeven uur in de ochtend hamerkoppen aan het 'sijpelen'. Links van hem staat de webcam die internetkijkers gelegenheid geeft het concours te volgen.

Geen pianist kan zonder een goed gesijpeld klavier. Het vlak van de hamerkoppen moet platgepolijst worden, zodat het exact horizontaal onder de snaren staat. Anders gaat Dora 'jengelen' wegens afwijkende curves in de toonvorming. Snel zet krijtstreepjes. 'Deze E krijgt een voorkeursbehandeling', belooft hij, met het schuurpapier in de aanslag.

De E heeft 'ongenadig op zijn donder gehad' van een Koreaan in Liszts C ampanella. En anders wel van de Amerikaan Wright in de etude Ma z e p p a waarin een held de dood tegemoet galoppeert. Kortom: 'Na het sijpelen ga ik stemmen, en dan na-reguleren, nog een beetje intoneren en dan nog even naar de dempers kijken'. Verder zijn er de blessurebehandelingen tussendoor, tot tien uur 's avonds.

Franz Liszt, die met zijn 'transcendente etudes' piano's in wrakken zou hebben veranderd, heeft die beeldvorming voor een goed deel te danken aan satirische artikelen als die van de Weense criticus Saphir, die hem na een recital beschreef als een 'overwinnaar op het slagveld, omringd door kermende instrumenten die alle kanten op vluchtten'. Inderdaad zal Liszt in het Ierse Clommel wel een wankelende Tomkinson aan gort hebben gespeeld. In Praag bezweken op één avond een Érard-vleugel en twee Grafs. Organisatoren deden er goed aan meerdere vleugels op het podium te zetten. Maar met het 'geweld' van Liszts t o u ch e r schijnt het te zijn meegevallen. Een leerling beschreef het als 'spinrag'. Pas na 1860 begonnen zwaarder gebouwde Bechsteins en Steinways gelijke tred te houden met de soliditeitseisen van Liszts akkoordsprongen en octaafpassages.

'Ai, we beginnen vandaag met twee Russen', constateert Snel. Russen. Die zijn gewend aan vleugels van mindere sonoriteit, en komen speciaal naar Utrecht om voor Evert Snel de bassen eruit te beuken. Voor eventualiteiten heeft hij de Vredenburgvleugel 700 al 'op toon' staan. Maar een gebroken snaar, dat overkwam Dora tot nu toe alleen in 1999, de aflevering waarin Yundi Li derde werd.

Wat het voor pianisten zijn, die snaren breken? 'Stemmers breken de meeste snaren', stelt Snel verrassend vast. 'Je bent aan het "trekken" bij het stemmen, en daarbij hebben we de gewoonte recht in de toetsen te slaan.'

Malse bassen heeft Dora 143. Dora was wel een 'vroeggeboorte'. Dat weet Lodewijk Colette, de pianist die Snel als secondant bijstond, toen die in 1997 naar Hamburg toog om voor 160 duizend mark iets uit te zoeken. De tien vleugels die Steinway die dag in de showroom had: 'Het was niet eclatant, wat daar stond opgesteld', meent Colette. Besloten werd het zoekgebied uit te breiden naar de werkplaats. Colette: 'Zeer tegen de regels van Steinway. Die vinden dat niet leuk.'

In de zogeheten intonatiekamer, waar de hamerkoppen de inprik-behandeling krijgen die schelheid tegengaat, bleek de nog onvoltooide 534143 op Evert Snel te wachten. Op fabrieksrollen werd ze naar een akoestisch geschikte ruimte gereden, waar Colette 'met volle overtuiging' tot een advies kwam.

'Een goede Steinway', zegt Colette na diep nadenken, 'moet klinken als een heel goede Steinway. Dat is een waarheid als een koe, maar als een piano reageert zoals je wilt, dan klinkt hij zoals een Steinway hoort te klinken. Mijn leraar Uhlhorn zei altijd: "Waar je ook op speelt, we blijven Steinway-kinderen." Het is niet nodig dat een Steinway je verrast.' Colette vindt dat Lisztianen 'bijna allemaal te hard spelen'. 'Maar als je bij die octaven komt in de Sonate in b, dan is de verleiding wel groot -als je de vleugel vóelt grommen.'

Jan komt binnen, van de technische dienst Vredenburg. Snel: 'Jan heeft een hekel aan Liszt. Goeiemorgen dus.'

Jan: 'Ik zag jou stemmen op internet. Ik heb genoten. Maar kan dat commentaar zachter?'

'Deze kandidaat heeft mijn steun', mailde een internetkijker die Snel tijdens een pauze de repetitieveren van Dora zag bijstellen. Snel gebruikt er de sonde voor waarmee een tandarts cariës opspoort. 'Wij halen ons gereedschap overal vandaan.' Het mechaniek moet zo min mogelijk wrijving hebben, anders kan de Indonesiër Gunardi het straks wel vergeten met de mitraillades in La campanella.

'Deze bes is voor mij nog te brutaal', beslist Snel, en hij pakt een driepuntig intoneernaaldje. Wel oppassen: 'Als je te hard prikt, is het gedaan met de sopraan'.

Na de Russin Androesjenko (Hongaarse Rapsodie nr. 6) krijgt Snel zin aan een demper te werken die 'af en toe tegen de snaar zeurt'. Dora's vilt heeft hij al eens vernieuwd. Dat kon Grigori Sokolov hem zomaar vertellen, de reizende klavierleeuw die overal waar hij komt de nummers opschrijft van de vleugels waar hij op speelt. Hij zag dat het hamerkoppen-jaarnummer niet meer correspondeerde met het jaar van Dora's serienummer.

'Voor sommigen luistert het nauw', zegt Snel. 'Maar de leeftijd van een Steinway zegt niet alles.' De oudere 700 in de podiumberging is volgens Colette een 'godsgeschenk'. Al was de grote Bella Davidovitsj wel bang toen ze ontdekte dat er geen ivoor op zat, en tot Snels ontsteltenis het keramiek op de toetsen begon te bewerken met een stompje kaarsvet tegen het Nog wat ouder is de 'romantische' uitglijden. 000, waar Enrico Pace, de magere virtuoos met de gespierde vingers, het Lisztconcours 1989 op won, nadat hij bij binnenkomst in de nek was gegrepen door een portier die dacht dat er een junk naar binnen glipte.

Zo'n 25 jaar oud maar nog goed bij stem is de 455670 in Solistenkamer 1, waar de Chinees Sun Yingdi Ma z e p p a zit te spelen en niet meer weg wil, hoewel hij al aan de beurt is. Een concoursassistente moet hem meesleuren. Deze 670 was al van Vredenburg toen Dora nog tot het Schwarzwald behoorde (Snel: 'Tegenwoordig koopt Steinway zijn hout in Val di Fiemme, net als Fazioli, ze apen elkaar na').

Via de portier heeft Snel te horen gekregen dat de Hongaarse kandidaat Balog zeer te spreken was over Dora. Daar doet Snel het maar mee. Volgens de Nederlandse kandidaat Christiaan Kuyvenhoven is het 'bijna niet mogelijk' tijdens voorronden een band op te bouwen met de piano. 'Je hoopt, je vangt op, je leert de toon ter plekke kennen.' Kuyvenhoven verheugt zich op het 'beest' waarop hij in de halve finale zal spelen. De 700. 'Die vleugel wil zó graag de zaal in.'

Tot verkwikking van de juryleden heeft Snel in de jurykamer een Bechstein uit 1875 neergezet. 'Leslie Howard kan er niet afblijven.' Het zwarte sieraad lijkt als twee druppels water op de Bechstein die de 'late Liszt' in huis had in Weimar. 'Maar ze moeten hem niet als buffet gebruiken', roept Snel. Juryleden hebben papieren en een tas op de klep gedeponeerd. Juryleden, het lijken verdorie wel pianisten. n

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden