De behoefte om te herdenken is er, maar de monumenten staan vaak lang in de wachtrij

Veel monumenten en standbeelden staan ter discussie omdat we anders zijn gaan oordelen over het verleden. Toch blijft de behoefte aan herdenken, ook van het minder verre verleden. Zo wil Heerlen een gedenkteken van de schoorstenen Jan en Lies. Hopelijk staan ze er volgend jaar. Juliana en Srebenica staan al langer in de wacht.

Monument voor koningin Juliana

De dans van Lies en Jan (2019)

In 1976 gingen in Heerlen de schoorstenen Lange Jan (135 meter) en de Lange Lies (155 meter) tegen de vlakte. Ze golden als icoon van steenkolenmijn Oranje-Nassau I. Nog steeds roepen de twee nostalgische herinneringen op in de Zuid-Limburgse stad.

Even roemloos verdwenen bijna alle andere schachten, koeltorens en monumentale gebouwen van de mijnen. Zelfs de spitse steenafvalbergen zijn afgeplat en niet meer te onderscheiden van de natuurlijke Limburgse heuvels.

'Het is het verdriet van de Mijnstreek dat zo veel prachtige monumentale plekken zijn verdwenen', zegt de Heerlense wethouder Jordy Clemens. 'In 2015, het Jaar van de Mijnen, bleek dat er grote behoefte was aan een tastbaar monument.'

Woensdag kondigde Heerlen een kunstwerk aan met de naam De Dans van Lies en Jan. Lange Jan en Lange Lies keren terug in de vorm van een dna-structuur van 10 meter hoog, opgetrokken uit cortenstaal en kunststof. Op speciale dagen zal uit de constructie een felle lichtstraal schijnen, waardoor de schoorstenen in de wijde omtrek herleven.

De dans van Lies en Jan (2019)

Voordat De Dans van Lies en Jan in 2019 wordt onthuld, gaat kunstenaar Jean-Michel Crapanzano dit voorjaar vier wijken langs met mbo-studenten van het Arcus College. Aan de hand van een speciaal bordspel spreken ze met bewoners over het heden, verleden en de toekomst van hun wijk en stad. Crapanzano gaat op zoek naar filmpjes, foto's, voorwerpen en verhalen die in zijn kunstwerk worden verwerkt.

'Lange Jan stond symbool voor de Heerlenaar', zegt Clemens. 'Toen hij werd opgeblazen, viel hij natuurlijk de verkeerde kant op. Dat is voor mij een metafoor voor de dwarsheid die de Heerlenaar nog altijd kenmerkt.'

Monument voor koningin Juliana (2021)

Al een jaar na het overlijden van koningin Juliana (1909-2004) besloot de Haagse gemeenteraad dat er een eerbetoon in de hofstad moest komen voor de vorstin. Een 'menselijk en herkenbaar' monument, geen stijf standbeeld.

Eigenlijk zou het Juliana-monument dit jaar worden onthuld op het Koningin Julianaplein voor Den Haag Centraal. Door de vertragingen bij de herinrichting en bouwwerkzaamheden van het stationsgebied werd de datum verschoven naar 2019. 'En vlak voor Kerstmis hoorde ik dat de oplevering is uitgesteld tot in 2021', zegt kunstenaar Ingrid Mol.

Ze is bezig met een groep van vier beelden in keramiek - Juliana luisterend naar drie mensen, als op een werkbezoek in de jaren vijftig of zestig, toen de vorstin nog ronduit haar mening gaf. De beelden zijn wit, een verwijzing naar Juliana's gelovige en vredelievende kant.

'De beelden worden 2,5 meter hoog en dan komt er nog een voetstuk van een meter onder', zegt Mol. 'Het is 7 meter breed, de figuren staan in een landschap.' Een voorstudie op schaal van het monument is al in 2015 onthuld in het Haagse stadhuis. Mol is al een eind op weg met de echte beelden in keramiek, maar die mag ze van de gemeente nog niet laten zien. 'Ik mag er ook geen foto's van op Facebook zetten.' Ze heeft nog drie jaar extra de tijd door het uitstel, maar ze werkt gewoon door. 'Dan is het maar af', vindt ze.

Voor paleis Soestdijk staat intussen wel al een bronzen standbeeld van koningin Juliana en prins Bernhard. Beeldhouwer Kees Verkade laat ze daar zien zoals ze op Koninginnedag het defilé afnamen.

Monument voor Sebrenica (nooit?)

Het zou 'een goed idee zijn' als er een monument kwam voor de slachtoffers van de genocide in Srebrenica, in 1995. Dat opperde GroenLinks-Kamerlid Bram van Ojik vorig jaar in het radioprogramma Met het oog op morgen. Hij kreeg steun van ChristenUnie-Kamerlid Joël Voordewind. Het monument zou een belangrijk symbool zijn voor de nabestaanden van de duizenden vermoorde moslimjongens en -mannen. Ook Bosnische organisaties in Nederland hebben ervoor gepleit.

'Wie zo'n monument gaat maken, moet eerst checken of dat onder de dekking valt van zijn zorgpolis', zegt de Rotterdamse schilder Peter Koole. 'Veel controversiëler dan dit wordt het niet.'

Koole maakte tussen 2005 en 2017 twaalf schilderijen over de val van Srebrenica en de nasleep daarvan. Het jongste schilderij Post-Traumatic gaat erover dat honderdduizenden inwoners van Bosnië en Herzegovina een posttraumatisch stresssyndroom hebben. Post-Traumatic is ook de titel van een expositie van Koole die nu is te zien in de Haagse galerie Twelve Twelve.

Schilderij Post-Traumatic (2017) van Peter Koole. Beeld Peter Hilz

'Na zijn oproep voor een monument heb ik Van Ojik op mijn atelier mijn Balkanschilderijen laten zien', zegt Koole. 'Hij vertelde me toen dat hij geen concreet voorstel zal indienen in de Tweede Kamer, omdat het dan meteen politiek wordt. Volgens hem is vooral de VVD is doodsbang dat er dan gewezen wordt naar Dutchbat. Het moet uit de bevolking komen.'

Koole denkt niet dat Nederland ooit een Srebrenica-monument zal oprichten. Als hij het mocht maken, dan wordt het een huis met allemaal kamers. 'Voor elke kamer krijgt een persoon of organisatie carte blanche: een kamer voor Dutchbat, voor het NIOD, voor advocaat Liesbeth Zegveld van de nabestaanden, voor de nabestaanden zelf. Ik denk dat het ontzettend gaat knetteren in dat huis.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden