De bandjes uit Liverpool waren verrassend lief voor elkaar. Maar begin níét over The Beatles

Bandjes uit de jaren '70 en '80 hebben eindelijk hun boxset

Na aartsrivaal Manchester heeft nu ook eeuwige underdog Liverpool een boxset met de beste pop uit de jaren '70 en '80. De bandjes uit Liverpool waren verrassend lief voor elkaar. Maar begin níét over The Beatles.

Send No Flowers in 1982 in Amsterdam. Foto Lin Sangster

Ach, Manchester. Práát een rechtgeaarde scouser (je mag ook Liverpuddlian zeggen) niet over die stad, de eeuwige rivaal van even verderop. Qua grootte ontlopen ze elkaar niet al te veel (beide binnensteden hebben een half miljoen inwoners) en ooit waren ze vergelijkbare northern shitholes: leegstaande fabriekspanden, verpauperde arbeiderswijken, werkloosheid, criminaliteit, bleke jochies die in 1960 nog steeds speelden in bomkraters uit de oorlog.

Maar nu? Manchester City en Manchester United hebben de voetbalslag van Liverpool en Everton gewonnen en in de popmuziek is het na 1970 ook een uitgemaakte zaak: Manchester bracht Joy Division, New Order, Stone Roses, Oasis, Take That en Elbow voort. Daarmee krijg je de handen mondiaal toch net wat harder op elkaar dan met Big In Japan, Echo & The Bunnymen, China Crisis, A Flock Of Seagulls, Orchestral Manoeuvres In The Dark en Frankie Goes To Hollywood.

Cd-box

Revolutionary Spirit: The Sound Of Liverpool 1976-1988 (vijf cd's).
Cherry Red/Bertus.

De box-set, bestaande uit vijf cd's. Foto RV

En nou niet over The Beatles beginnen. Altijd weer die Beatles. Liverpool is trots op ze, daar niet van, maar de erfenis hing de stad aan de Mersey wel als een molensteen om de nek. Het was alsof niemand meer een bandje durfde te beginnen, want dan stond je niet in één donkere schaduw te spelen, maar in twee tegelijk: die van Manchester en die van The Beatles. In de lokale bandjesscene was het in de vroege jaren zeventig verboden hun naam te noemen.

Liverpool is altijd de underdog gebleven. Terwijl Manchester cool werd, nam Margaret Thatcher in debatten over probleemstad Liverpool de woorden managed decline in de mond: gecontroleerd laten wegkwijnen. Dat zit diep. De moderne skyline en het opgeknapte rivierfront van nu veranderen daar niets aan.

Alleen al daarom, moet platenlabel Cherry Red hebben gedacht, verdient de muziek van Liverpool een eerbetoon. De heerlijke box-set Revolutionary Spirit (vijf cd's met alternatieve én mainstreampop uit de periode 1976-1988) kan worden beschouwd als de scouse-tegenhanger van de box Manchester North Of England, die vorig jaar bij hetzelfde label verscheen.

De single Two Tribes van Frankie Goes to Hollywood (1984).

Die Manchesterbox liep door tot 1993 (om er nog nét een vroege demo van Oasis bij te kunnen stoppen), maar verder bestrijkt Revolutionary Spirit ruwweg hetzelfde tijdvak: van de opkomst van de punk tot aan de vooravond van de britpop.

Het is een ontdekkingsreis, kwalitatief net wat bescheidener dan die in Manchester, maar even spannend en leerzaam: van de cruciale punkband-annex-pubrockgroepen Deaf School en The Spitfire Boys tot perfecte liedjes van Echo & The Bunnymen en The La's (waarom mocht dat fenomenale There She Goes uit 1988 er nou net niet op?). Daar tussenin stellen we vast dat Liverpool vooral een ongekend vruchtbare en dwarse post-punkscene had.

Het is ruwweg hetzelfde muzikale palet als dat van Manchester, met een paar cruciale verschillen: Liverpool neigde minder naar elektronische experimenten, en zou dus ook geen housescene als die van 'Madchester' ontwikkelen. En Liverpool had geen slimme ondernemer als Anthony H. Wilson, die in Manchester bijna eigenhandig een platen- en concertindustrie opbouwde. Bovendien: bandjes uit Liverpool stonden elkaar niet naar het leven. De scene der scousers was er volgens betrokkenen een van vriendschap, support en saamhorigheid.

The La's. Foto Mike Badger

Het leuke is: dat kun je ook lezen in het bijgevoegde boekwerk, waarin bandleden biografietjes hebben geschreven in de wij-vorm. Dat levert weleens een foutje op ('We gingen naar Amsterdam en naar Pinkpop in Groningen', schrijft Lin van Send No Flowers), maar draagt wel bij aan het gevoel van ons kent ons. In Liverpool was dat sentiment sterker dan in Manchester en het leidde inderdaad tot een 'revolutionary spirit': probeer maar, durf maar, onze steun heb je, al is er verder niemand die het koopt.

Deze bands konden altijd rekenen op de warme aandacht van dj en BBC-legende John Peel (1939-2004), een geboren Merseysider, uit Heswall, aan de overkant van de rivier. De scene van Liverpool claimt hem graag. De hele box wordt opgedragen aan Peel, 'zonder wie veel van deze platen nooit gehoord waren'.

De toplaag van de pop uit Liverpool had over aandacht overigens geen klagen: de stad scoorde 56 nummer-één-hits (komt ineens Two Tribes van Frankie Goes To Hollywoord voorbij; niks mis mee!). Zesenvijftig. Dat aantal haalt Manchester niet, al kwamen er van die zesenvijftig wel zeventien voor rekening van... ach, laat ook maar.