De avontuurlijkste en vrijzinnigste muzikanten uit Nederland treden nu samen op

Een groep musici van zeer diverse pluimage besloot eens alles naar zichzelf toe te trekken en samen een stuk te bedenken, maken én uitvoeren. Het resulteerde in The Secret Diary of Nora Plain en een eerste voorproefje werd razend enthousiast ontvangen.

Foto Robin Alysha Clemens

Het is er dan eindelijk van gekomen, een gesamtkunstwerk van Lucky Fonz III, Morris Kliphuis, Nora Fischer, het Ragazze Quartet en Remco Menting. Allen generatiegenoten. Allen Amsterdammers, sommigen wonen bij elkaar in de straat of zijn geliefden. Ze werkten al vaker samen, in wisselende formaties: Kliphuis speelde hoorn op Lucky's albums; zangeres Fischer trad op met de Ragazze en slagwerker Menting deed mee in de voorstelling Foodlifecrisis op de Parade, waarvoor Kliphuis dan weer de muziek had gecomponeerd.

En hoe verschillend ook, ze worden allen beschouwd als de avontuurlijkste en vrijzinnigste muzikanten (of musici, ligt aan wie je het vraagt) van het Nederlandse muziekleven van nu.

Nora Plain's Diary

The Secret Diary of Nora Plain, Morris Kliphuis (muziek), Lucky Fonz III (libretto), Nora Fischer (zang), Ragazze Quartet en Remco Menting (spel). 11 en 12/11, November Music, Den Bosch. Tournee t/m 22/5.

Drie jaar geleden ontstond het idee van een samenwerking: 100 procent democratisch. Zonder producent, zonder regisseur, álles doen zoals ze het zelf wilden. En het is gelukt, volle agenda's, uitgebrachte soloalbums en eindeloze discussies ten spijt: liedcyclus The Secret Diary of Nora Plain gaat morgen in première op festival November Music, en verschijnt meteen ook op cd bij Excelsior Recordings. Een voorproefje op festival Into the Great Wide Open op Vlieland werd een razend succes, de voorstelling gaat op tournee tot mei volgend jaar en reist dan door naar New York.

'In Foodlifecrisis hadden we muzikaal een goede klik', vertelt Rosa Arnold, een van de twee violisten van het Ragazze Quartet. 'Laten we hiermee doorgaan, dachten we. We wilden een liedcyclus maken, want daarin ligt de nadruk op de muziek. Maar daarin kunnen we toch een verhaal vertellen zonder de dwingende vorm van een plot, zoals in theater.' Voor het interview zit de hele club rond een tafel in het café van TivoliVredenburg in Utrecht. 'In een liedcyclus is de muziek de verteller', vult Kliphuis aan. 'Ons voorbeeld was The Juliet Letters van Elvis Costello met het Brodsky Quartet', zegt Ragazza Jeanita Vriens. Lucky: 'In de pop heet dit gewoon een conceptalbum.'

Foto Robin Alysha Clemens

Kliphuis, hoornist bij jazztrio Kapok en componist, vroeg singer-songwriter Lucky Fonz III erbij voor een (Engelstalig) libretto. Die had dat nog nooit eerder gedaan, maar kreeg de smaak te pakken; hij schreef sindsdien alweer een volgend lied voor Fischer, dat ze nu op podia over de hele wereld uitvoert.

De muziek klinkt als een mix van jazz, pop en klassiek, met een snufje post-hardcore à la Fugazi. Juist dat is wat deze muzikanten verbindt: ze nemen alle vrijheid in hun muzikale keuzen, ze improviseren en spelen net zo lief Beethoven van bladmuziek, ze zijn makers én uitvoerders. Kliphuis had als componist dan ook niet het laatste woord over de noten. Menting is als jazzdrummer gewend te improviseren, de Ragazze hadden eigen ideeën over klank. 'Iedereen bemoeide zich met alles', vertelt Lucky. 'Ik stelde wel eens een noot voor tijdens het repeteren, zo van: speel dit eens in majeur. En dan riep de rest: 'Nee!' Terwijl ik gewend ben alles zelf te bedenken. Ik heb veel darlings gekilld.' Al snel werd besloten dat Lucky, Arnold, Fischer en Kliphuis de leiding zouden nemen, anders werd het te chaotisch. Maar iedereen sprak mee; over de tekst, over de noten, over de instrumentatie. Kliphuis: 'Van sommige delen maakte ik acht versies.'

De liedcyclus gaat over gezien worden en over hoe te leven in een wereld waarin steeds minder privacy is. Een onderwerp waarover ze zich allemaal druk maken - tijdens het gesprek discussiëren ze stevig over de 'sleepwet'. Ze maken zich zorgen over het verlies aan zelfbeschikking in een wereld waarin je continu kunt worden gevolgd en waarin alle data worden opgeslagen. 'Dit project is eigenlijk een daad van verzet', zegt Fischer. 'We hebben het heft in handen genomen.'

Voor klassieke musici is deze manier van creëren ongewoon, legt ze uit. 'Het stuk is normaal gesproken al af wanneer je er als musicus mee aan de slag gaat.' In de klassieke muziek zijn de taken duidelijk verdeeld: de componist schrijft de noten, de musici voeren uit, de zakelijk leider vraagt subsidies aan. In dit project werd alles gezamenlijk gedaan, geregeld en overlegd: concerten, subsidie, het vervoer naar Vlieland. 'We hebben meer als een popband gewerkt.'

Maar voor een popband ging het er dan weer verrassend harmonieus aan toe, vult Lucky aan. 'Ik ben meer gewend aan slaande deuren.'

En zelfs in de popwereld is er niet zoveel vrijheid, zegt hij. Daarom voelt deze productie voor de artiesten als verzet: ze ontkomen aan de regels, aan de grote, dominante structuren, aan het voorspelbare. 'Dit is helemaal gemaakt vanuit onze lichamen, op een bepaalde tijd in een bepaalde plaats. Niet vanuit een systeem. Het is ten diepste persoonlijk - dit is met niets vergelijken.'

Meer over